Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Neoadjuvant nivolumab-ipilimumab en adjuvant nivolumab voor gelokaliseerd dMMR/MSI-H G/GEJ adenocarcinoom (0)
2022-08-16 15:00   ( Nieuws )
Tags:  NEONIPIGA phase 2 study gastric or esophagastric junction adenocarcinoma
Prof. Thierry AndréDe standaard-behandeling voor resectabel adenocarcinoom van maag of maag-slokdarmovergang (G/GEJ) is chirurgie met perioperatieve platina-gebaseerde chemotherapie. Er is geen consensus over de waarde van perioperatieve chemotherapie voor dMMR/HSI-H G/GEJ-adenocarcinoom. De fase 2-studie NEONIPIGA, in elf centra in Frankrijk, heeft neoadjuvant nivolumab-ipilimumab en adjuvant nivolumab voor gelokaliseerd dMMR/MSI-H G/GJE-adenocarcinoom geëvalueerd. Prof. Thierry André (Sorbonne Universiteit, Parijs) en collega’s publiceren de studie in het Journal of Clinical Oncology.1

De studie includeerde 31 patiënten met cT2-T3N0 (n=9) of cT2-T3N1 (n=22) ziekte plus één patiënt met metastatische ziekte (cT3N1M1) die ten onrechte werd geïncludeerd. De patiënten kregen neoadjuvant 240 mg iedere twee weken voor zes doses plus ipilimumab 1 mg/kg iedere zes weken voor twee doses, gevolgd door chirurgie en adjuvant nivolumab 480 mg iedere vier weken voor negen doses. Het primaire eindpunt was percentage patiënten met pathologisch complete respons.

De mediane follow-up was 14,9 maanden. Zevenentwintig patiënten voltooiden alle geplande neoadjuvante cycli. Graad 3 of 4 met de neoadjuvante behandeling samenhangende adverse events werden gezien in zes patiënten (19%), resulterend in discontinuering van vijf patiënten. Negentwintig patiënten ondergingen chirurgie; twee patiënten weigerden chirurgie en één patiënt had metastatische ziekte. R0-resectie werd uitgevoerd in alle 29 patiënten. pCR werd gezien in zeventien patiënten (58,6%; 90%-bti 41,8-74,1). De drie patiënten die geen chirurgie ondergingen hadden na de neoadjuvante behandeling complete respons op CT-scan en complete endoscopische respons. Eén patiënt overleed drie dagen na de chirurgie (cardiovasculair AE, beoordeeld als niet-samenhangend met de neoadjuvante ICIs). Drieëntwintig patiënten kregen adjuvant nivolumab. De figuur laat zien dat aan het eind van de follow-up 30 van 31 patiënten recidiefvrij en in leven waren.

De onderzoekers concluderen dat neoadjuvant nivolumab-ipilimumab voor dMMR-MSI-H G/GEJ adenocarcinoom feasible was en resulteerde in een hoog percentage patiënten met pCR.

1.André T, Tougeron D, Piessen G et al. Neoadjuvant nivolumab plus ipilimumab and adjuvant nivolumab in localized deficient mismatch repair/microsatellite instability-high gastric or esophagogastric junction adenocarcinoma: the GERCOR NEONIPIGA phase II study.

Summary: The multicenter phase 2 NEONIPIGA study in France evaluated neoadjuvant nivolumab plus ipilimumab and adjuvant nivolumab for localized dMMR/MSI-H G/GEJ adenocarcinoma. Among the patients who underwent surgery, the pCR rate was 59%, without unexpected immune-related adverse events or postoperative morbidity.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Overlevingsprofijt met chirurgie van de primaire tumor in patiënten met synchrone hersenmetastase (0)
2022-08-16 13:30   ( Nieuws )
Tags:  synchronous brain metastasis survival benefit with primary tumor surgery
Er is geen duidelijkheid over de waarde van chirurgie van de primaire tumor (PTS) in patiënten met synchrone hersenmetastasen (BMs). Een analyse van de SEER-database heeft impact van PTS op ziektespecifieke overleving (CSS) onder patiënten met BMs van verschillende typen maligniteiten geïnventariseerd. Dr. Wang Jia (Capital Medical University, Beijing) en collega’s publiceren de analyse in Cancer Medicine.1

De analyse includeerde 32.760 patiënten die tussen begin 2010 en eind 2018 een diagnose kregen van maligniteiten van long, borst, nier, huid, colorectum, en lever, met synchrone BMs. Onder deze patiënten ondergingen 1571 patiënten PTS. Na 1:1 propensity score matching was PTS geassocieerd met significant betere CSS onder de patiënten met NSCLC, mammacarcinoom, niercarcinoom, en colorectaalcarcinoom (A-panels), terwijl patiënten die PTS aanbevolen hadden gekregen maar niet ondergingen vergelijkbare CSS hadden als patiënten die geen PTS ondergingen en slechtere CSS hadden dan patiënten die wel PTS ondergingen (B-panels). Er was geen CSS-profijt met PTS in patiënten met BMs van SCLC, melanoom, en levercarcinoom.

De onderzoekers concluderen dat de analyse suggereert dat PTS overlevingsvoordeel kan bieden aan patiënten met BMs van NSCLC, mamacarcinoom, niercarcinoom, en colorectaalcarcinoom.

1.Zhang C, Zhang Y, Li D, Jia W. Survival benefits of primary tumor surgery for synchronous brain metastases: a SEER-based population study with propensity-matched comparative analysis. Cancer Medicine 2022; epub ahead of print

Summary: Propensity score matched analysis of the SEER database found that primary tumor surgery (PTS) could provide survival benefits for patients with synchronous brain metastases (BMs) secondary to NSCLC, breast cancer, renal cancer, and colorectal cancer. No survival benefit with PTS was seen in patients with BMs from SCLC, melanoma, and liver cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Impact van patiëntvolume van longsegmentectomie-ziekenhuizen op uitkomsten en overleving in NSCLC (0)
2022-08-16 12:00   ( Nieuws )
Tags:  characteristics of high-volume lung segmentectomy hospitals
Dr. Olugbenga OkusanyaSegmentectomie wordt in toenemende mate toegepast in de behandeling van vroeg-stadium niet-kleincellig longcarcinoom. Een analyse van de National Cancer Database heeft de relatie tussen patiëntvolume van centra waarin de ingreep wordt uitgevoerd en de uitkomsten geïnventariseerd. Dr. Olugbenga Okusanya (Thomas Jefferson University, Philadelphia PA) en collega’s publiceren de analyse in Clinical Lung Cancer.1


De retrospectieve analyse includeerde 2481 resecties die tussen begin 2004 en eind 2015 werden uitgevoerd in 681 centra. Hoog-volume centra (HVC; hoger dan de mediaan) gebruikten vaker minimaal-invasieve benaderingen dan LVC. Er was geen significant verschil tussen beide groepen in heropname of dertig-dagen mortaliteit, maar de negentig-dagen mortaliteit was significant lager in de HVC (1,2% versus 2,6%; p=0,03). Sampling van lymfeklieren vond plaats in 88,5% van HVC-resecties versus 80,7% van LVC-resecties (p<0,01), en de HVC-patiënten hadden minder frequent positieve marges (1,3% versus 2,7%; p=0,03). Het vijf-jaars overall survival percentage was hoger onder HVC-patiënten dan onder LVC-patiënten (69,5% versus 66,4%; p=0,014) in het volledige cohort; maar in propensity-score gematchte analyse werd dit overlevensverschil niet-significant (68,0% versus 67,9%; p=0,172).

De onderzoekers concluderen dat segmentectomie uitgevoerd in HVCs vergeleken met LVCs geassocieerd was met meer frequent gebruik van minimaal-invasieve benadering, meer frequent negatieve marges, en betere negentig-dagen overleving.

1.Mack SJ, Till BM, Huang C et al. Characteristics of high-volume lung segmentectomy hospitals: a propensity score-matched analysis. Clin Lung Cancer 2022.08.008

Summary: Analysis of the National Cancer Database found that segmentectomy for early-stage NSCLC performed in high-volume centers (compared with low-volume centers) was associated with more frequent use of minimally invasive approach, more frequent negative margins, and improved 90-day survival.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Update van eerste- en laterelijns pralsetinib in RET-fusiepositief niet-kleincellig longcarcinoom (0)
2022-08-15 15:00   ( Nieuws )
Tags:  ARROW trial pralsetinib for RET fusion-positive NSCLC
Prof. Julien MazieresRET-fusies worden aangetroffen in 1% tot 2% van de niet-kleincellige longcarcinomen. De multinationale fase 1-2 ARROW studie evalueert de oraal beschikbare selectieve RET-remmer voor diverse RET-fusiepositieve maligniteiten, waaronder NSCLC. Vorig jaar is gepubliceerd dat pralsetinib overall response induceerde in 61% (95%-bti 50-71) van de NSCLC-patiënten die eerder platina-gebaseerde chemotherapie hadden gekregen en in 70% (50-86) van de niet-eerder behandelde NSCLC-patiënten. Prof. Julien Mazieres (Hôpital Larrey, Toulouse, Frankrijk) en collega’s publiceren nu in Annals of Oncology een update van de ARROW-resultaten in NSCLC.1

ARROW wordt uitgevoerd in 71 centra in dertien landen. De nu gepubliceerde analyse heeft betrekking op 75 niet-eerder behandelde NSCLC-patiënten en 136 NSCLC-patiënten die eerder platina-gebaseerde chemotherapie hadden gekregen. De ORR was 72% (95%-bti 60-82) in de groep van niet-eerder behandelde patiënten en 59% (50-67) in de eerder-behandelde groep. De mediane duur van respons was niet-bereikt respectievelijk 22,3 maanden in deze twee groepen. In alle niet-eerder behandelde patiënten en in 97% van de eerder-behandelde patiënten werd tumor shrinkage gezien; de mediane progressievrije overleving was 13,0 respectievelijk 16,5 maanden. Onder de tien patiënten met meetbare intracraniële metastasen (allen eerder behandeld) waren er zeven met intracraniële respons. Zeven procent van de patiënten discontinueerde de behandeling wegens adverse events.

De onderzoekers concluderen dat pralsetinib robuuste werkzaamheid had en over het algemeen goed werd verdragen door patiënten met gevorder RET-fusiepositief NSCLC.

1.Griesinger F, Curigliano G, Thomas M et al. Safety and efficacy of pralsetinib in RET fusion-positive non-small cell lung cancer including as first-line therapy: update from the ARROW trial. Ann Oncol 2022; epub ahead of print

Summary: An update of results of the ARROW trial in NSCLC showed that pralsetinib resulted in ORR 72% (95% CI 60-82) in treatment-naïve patients and 59% (50-67) in patients with prior platinum-based chemotherapy. Median duration of response was not reached and 22.3 months in these two groups. Tumor shrinkage was observed in all treatment-naïve patients and in 97% of patients with prior platinum-based chemotherapy; median progression-free survival was 13.0 and 16.5 months, respectively.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Retrospectieve analyse van eerstelijns lage- versus standaard-dosering dasatinib voor CML-CP (0)
2022-08-15 13:30   ( Nieuws )
Tags:  chronic myeloid leukemia in chronic phase frontline low-dose versus standard dose dasatinib
Prof. Elias JabbourDasatinib in standaard-dosering (100 mg eenmaal daags) is een effectieve eerstelijns behandeling voor CML in chronische fase (CML-CP). Er zijn geen gerandomiseerde studies uitgevoerd van deze dosering in vergelijking met lagere dosering. Een retrospectieve studie van MD Anderson Cancer Center (Houston TX) heeft werkzaamheid en veiligheid van eerstelijns dasatinib 50 mg eenmaal daags vergeleken met de standaard-dosering. Prof. Elias Jabbour en collega’s publiceren de studie in het American Journal of Hematology.1

De studie includeerde 83 patiënten die met de lagere dosering behandeld waren en 150 patiënten die de standaard-dosering hadden gekregen. Propensity score analyse met 1:1 matching identficeerde 77 patiënten in elk van beide cohorten zonder significante baseline verschillen. De mediane follow-up was 60 maanden. De drie-jaars majeure moleculaire responspercentages waren 92% met de lagere dosering versus 84% met de standaard-dosering (p=0,23), en de verschillen in drie-jaars percentages van MR4 (77% versus 66%; p=0,04) en MR4.5 (77% versus 62%; p=0,02) waren significant. De vier-jaars faalvrije overlevingspercentages, gebeurtenisvrije overlevingspercentages, en overall survival percentages waren 89% versus 77% (p=0,04), 95% versus 92% (p=0,06), en 97% versus 96% (p=0,78). Any grade pleurale effusie werd gezien in 5% van de patiënten met de lagere dosering en 21% met de standaard-dosering.

De onderzoekers concluderen dat dasatinib 50 mg per dag tenminste even werkzaam was als dasatinib 100 mg per dag, en een beter veiligheidsprofiel had.

1.Jabbour E, Sasaki K, Haddad FG et al. Low-dose dasatinib 50 mg/day versus standard-dose dasatinib 100 mg/day as frontline therapy in chronic myeloid leukemia in chronic phase: a propensity score analysis. Am J Hematol 2022; epub ahead of print

Summary: A study at MD Anderson Cancer Center (Houston, TX) included patients with newly diagnosed CML-CP treated with frontline dasatinib 50 mg/day and patients treated with frontline dasatinib 100 mg/day. Propensity score analysis of 77 patients in each cohort without significant baseline differences found that the lower dose was at least as effective as the standard dose, with a better safety profile.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Gerandomiseerde fase 2-studie van rucaparib-onderhoud voor biomarker-geselecteerd metastatisch urotheelcarcinoom (0)
2022-08-15 12:00   ( Nieuws )
Tags:  DRD-positive mUC rucaparib versus placebo maintenance followin chemotherapy
Prof. Simon CrabbIn een subset van metastatische urotheelcarcinomen (mUC) wordt DNA repair deficiency (DRD) gezien, die voorspellend is voor profijt van platina-gebaseerde chemotherapie. Een multicenter gerandomiseerde fase 2-studie in het Verenigd Koninkrijk heeft onderhoudstherapie met de PARP-remmer rucaparib na chemotherapie voor DRD-positief mUC geëvalueerd. Prof. Simon Crabb (University of Southampton) en collega’s publiceren de studie in het Journal of Clinical Oncology.1



De studie includeerde 40 progressievrije mUC-patiënten binnen tien weken na platina-gebaseerde chemotherapie. De patiënten werden 1:1 gerandomiseerd naar onderhoudsbehandeling met oraal rucaparib (600 mg tweemaal daags) of placebo. Het primaire eindpunt was progressievrije overleving. Tijdens mediaan 94,6 weken follow-up van overlevende patiënten werden 12 (60%) respectievelijk 20 (100%) PFS-gebeurtenissen gezien in de rucaparibgroep en de placebogroep. De mediane PFS was 35,3 weken met rucaparib versus 15,1 weken met placebo (HR 0,53; 80%-bti 0,30-0,92). De treatment-related adverse events onder de 39 voor veiligheid evalueerbare patiënten waren voornamelijk laaggradig.

De onderzoekers concluderen dat onderhoudsbehandeling met rucaparib na platina-gebaseerde chemotherapie voor DRD-positief mUC geassocieerd was met verlenging van de PFS en verdragen werd.

1.Crabb SJ, Hussain S, Soulis E et al. A randomized, double-blind, biomarker-selected, phase II clinical trial of maintenance poly ADP-ribose polymerase inhibition with rucaparib following chemotherapy for metastatic urothelial carcinoma. J Clin Oncol 2022; epub ahead of print

Summary: A multicenter randomized phase 2 study in the United Kingdom evaluated maintenance therapy with the PARP inhibitor rucaparib, following chemotherapy, for DNA repair deficiency biomarker-positive mUC. The study included patients who were without cancer progression within ten weeks of chemotherapy. Patients were randomized to rucaparib (orally 600 mg twice daily) or placebo maintenance. The median PFS was 35.3 weeks with rucaparib versus 15.1 weeks with placebo (HR 0.53; 80% CI 0.30-0.92).


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Pan-cancer werkzaamheid van pralsetinib in patiënten met gevorderde RET-fusiepositieve solide tumoren (0)
2022-08-14 15:00   ( Nieuws )
Tags:  ARROW trial RET fusion-positive solid tumors pralsetinib
Dr. Vivek SubbiahOncogene RET-fusies worden gezien in verschillende typen maligniteiten. Pralsetinib is een potente selectieve remmer van RET receptor tyrosinekinase. De multinationale fase 1-2 studie ARROW evalueerde pralsetinib in patiënten met gevorderde RET-veranderde solide tumoren. Dr. Vivek Subbiah (MD Anderson Cancer Center, Houston TX) en collega’s publiceren de studie in Nature Medicine.1

De studie includeerde 29 patiënten met 12 verschillende RET-fusiepositieve tumortypen die eerder standaard-behandelingen hadden gekregen of geen kandidaat waren voor deze behandelingen. De meest-voorkomende RET-fusiepartners waren CCDC6, KIF5B, en NCOA4. Het primair eindpunt was overall response rate. De ORR bedroeg 57% (95%-bti 35-77). Responsen werden gezien ongeacht tumortype of RET-fusiepartner. De mediane duur van respons, progressievrije overleving, en overall survival waren respectievelijk 12, 7, en 14 maanden. De meest-gerapporteerde graad 3 of hoger treatment-related adverse events waren neutropenie (31% van de patiënten) en anemie (14%).

De onderzoekers concluderen dat RET een tissue-agnostic target is en dat pralsetinib goed verdragen werd en snelle, robuuste, en duurzame antitumoractiviteit had in patiënten met uiteenlopende gevorderde RET-fusiepositieve solide tumoren.

1.Subbiah V, Cassier PA, Siena S et al. Pan-cancer efficacy of pralsetinib in patients with RET fusion-positive solid tumors from the phase 1/2 ARROW trial. Nature Medicine 2022; epub ahead of print

Summary: The multinational phase 1-2 ARROW trial found that RET was a tissue-agnostic target with sensitivity to RET inhibition, indicating pralsetinib’s potential as a well-tolerated treatment option with rapid, robust, and durable anti-tumor activity in patients with diverse RET fusion-positive solid tumors.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Finale overall survival analyse van ELOQUENT-3: elotuzumab plus pomalidomide-dexamethason voor RRMM (0)
2022-08-14 13:30   ( Nieuws )
Tags:  ELOQUENT-3 trial relapsed or refractory multiple myeloma EPd versus Pd
Prof. Meletios DimopoulosDe gerandomiseerde fase 2-studie ELOQUENT-3 includeerde patiënten met recidiverend of refractair multipel myeloom (RRMM) die tenminste twee eerdere lijnen behandeling hadden gekregen waaronder lenalidomide en een proteasoomremmer (PI). De patiënten werden gerandomiseerd naar elotuzumab plus pomalidomide en dexamethason (EPd) of alleen pomalidomide en dexamethason (Pd). In 2018 is gepubliceerd dat de progressievrije overleving significant beter was met EPd dan met Pd (mediaan 10,3 maanden versus 4,7 maanden; HR 0,54; p=0,008). Prof. Meletios Dimopoulos (Nationale en Kapodistrische Universiteit, Athene) en collega’s publiceren publiceren in het Journal of Clinical Oncology de finale overall survival analyse van de studie.1

Onder de 117 gerandomiseerde patiënten overleden 61,7% van de patiënten in de EPd-groep versus 74,5% in de Pd-groep. De mediane OS was 29,8 maanden met EPd versus 17,4 maanden met Pd (HR 0,59; p=0,0217). Het OS-profijt met EPd werd gezien in de meeste subgroepen. Het veiligheidsprofiel van EPd was consistent met wat eerder was gerapporteerd.

De onderzoekers concluderen dat onder patiënten met RRMM die eerder lenalidomide en een PI hadden gekregen, toevoeging van elotuzumab aan pomalidomide-dexamethason resulteerde in significante verlenging van de OS.

1.Dimopoulos MA, Dytfeld D, Grosicki S et al. Elotuzumab plus pomalidomide and dexamethasone for relapsed/refractory multiple myeloma: final overall survival analysis from the randomized phase II ELOQUENT-3 trial. J Clin Oncol 2022; epub ahead of print

Summary: Final overall survival analysis of the multinational randomized phase 2 study ELOQUENT-3 (elotuzumab-pomalidomide-dexamethasone versus pomalidomide-dexamethasone for relapsed or refractory multiple myeloma) found that addition of elotuzumab to pomalidomide-dexamethasone resulted in a statistically significant improvement of OS.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)