Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Jarig

(0)

Oswald Avery


De jarige van 21 oktober is de in Canada geboren Amerikaanse arts Oswald Theodore Avery (1877-1955), die aantoonde dat de erfelijke code van organismen is opgeslagen in een nucleïnezuur.1-3 Nobellaureaat Arne Tiselius (Nobelprijs Scheikunde, 1948) omschreef Avery als the most deserving scientist to not receive the Nobel Prize for his work.4

Avery werd geboren in Halifax (Nova Scotia), als zoon van een doopsgezinde predikant. Toen Avery tien jaar oud was verhuisde het gezin naar New York. Avery kreeg zijn AB-graad in 1900 van Colgate University, en zijn MD-graad in 1904 van het Columbia College of Physicians and Surgeons. Hij werkte als arts in New York, werd in 1907 onderzoeker bij Hoagland Laboratory in Brooklyn, en enige jaren later onderzoeker bij het Rockefeller Institute. Hij hield zich daar bezig met het karakteriseren van het Pneumococcus-organisme dat pneumonie veroorzaakt. In 1943 ging hij officieel met pensioen.


Hij bleef wel onderzoek doen. In 1928 had de Britse onderzoeker Fred Griffith (1879-1941) aangetoond dat een niet-infectieuze Pneumococcus-stam infectieus kon worden na toevoeging van een afgedode virulente stam. Deze transformatie werd doorgegeven naar volgende generaties. Samen met zijn collega’s Maclyn McCarthy (1911-2005) en Colin MacLeod (1909-1972) bij Rockefeller probeerde Avery na zijn pensioen op te helderen wat de aard was van de factor die verantwoordelijk was voor de transformatie. In lijn met de heersende gedachte dat het erfelijk materiaal in cellen een eiwit zou zijn probeerden Avery en collega’s eiwitten uit de virulente stam uit te schakelen, maar welk protease ze ook toepasten, de transformerende eigenschap bleef aanwezig. Op 26 mei 1943 incubeerden ze een transformerende Pneumococcus-stam met een ribonuclease, en zagen dat de stam geen virulentie meer kon overbrengen. Die avond schreef Avery een brief aan zijn broer (Roy Avery) waarin hij aangaf dat zijn collega’s en hij hadden geconcludeerd dat (in ieder geval sommige) erfelijke eigenschappen van de Pneumococcus-bacterie opgeslagen zijn in een ribonucleïnezuur. In 1944 publiceerden de onderzoekers hun bevindingen in het Journal of Experimental Medicine.5

In 1945 kreeg Avery voor deze bijdrage de Copley Medal van de Royal Society. Toch duurde het nog tot halverwege de jaren vijftig voor algemeen werd geaccepteerd dat de erfelijke eigenschappen van organismen in ribonucleïnezuren zijn opgeslagen. Avery zelf kreeg afgezien van de Copley Medal weinig erkenning. In de Nature-artikelen van Watson en Crick, Franklin, en Wilkins over de structuur van DNA uit 1953 wordt niet eens naar Avery gerefereerd. De Avery-krater op de maan is wel naar hem vernoemd.

Avery overleed op 20 februari 1955.

1.http://todayinsci.com/10/10_21.htm
2.http://www.theguardian.com/science/blog/2013/jun/03/oswald-t-avery-genetic-science-dna
3.http://www.geneticstv.org/scientists/avery.htm
4.http://www.nytimes.com/2003/10/20/opinion/no-nobel-prize-for-whining.html
5.Avery OT, MacLeod C, McCarty M. Studies on the chemical nature of the substance inducing transformation by a deoxyribonucleic acid fraction isolated from pneumoccous type III. J Exp Med 1944;79:137-156

Morgen: Binnen een half jaar na zijn onderzoek van het spoorwegongeluk waren kleurentesten verplicht voor alle machinisten in Zweden

U kunt jarigen voor deze rubriek nomineren via de contactpagina. U kunt reageren op artikelen na registratie.