Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Accuratesse van beoordeling van gepigmenteerde huidlesies: vergelijking menselijke readers en machine-learning algoritmen (0)
2019-06-12 12:58   ( Nieuws )
Tags:  pigmented skin lesion classification human readers versus machine-learning algorithms
Dr. Philipp TschandlHet diagnostiseren van gepigmenteerde huidlesies is gebaseerd op visuele waarneming door experts. Het is denkbaar dat machine-learning algoritmen (MLAs) gepigmenteerde huidlesies tenminste even accuraat kunnen onderscheiden als menselijke experts. Een multinationale studie heeft MLAs op dit punt vergeleken met menselijke experts. Dr. Philipp Tschandl (Medische Universiteit van Wenen) en collega’s publiceren de studie online in The Lancet Oncology.1

Deelnemers aan de studie waren 511 mensen in 63 landen (283 dermatologen, 118 dermatologen in opleiding, en 83 general practicioners) en 139 MLAs die waren geconstrueerd door 77 machine-learning centra. De deelnemers beoordeelden 30 images uit een test-set van 1511, die zeven vooraf gedefinieerde ziektecategorieën representeerden (intra-epitheliaal carcinoom, basaal celcarcinoom, benigne keratinocytische lesies, dermatofibroom, melanoom, melanocytische nevus, en vasculaire lesies).

Bij vergelijking van de perfomance van alle menselijke beoordelaars met alle MLAs hadden de MLAs gemiddeld 2,01 (p<0,001) van 30 meer correcte diagnosen (17,91 versus 19,92). De 27 mensen met meer dan tien jaar ervaring hadden gemiddeld 18,78 (SD 3,15) correcte diagnosen, vergeleken met 25,43 (SD 1,95) voor de top-drie MLAs (p<0,0001). Het verschil in performance tussen mensen en de top-drie MLAs was significant lager voor images in de test-set die afkomstig waren van bronnen die niet in de training-set waren opgenomen (underperfomance door mensen 3,6% versus 11,4%; p<0,0001).

De onderzoekers concluderen dat MLAs significant meer accuraat gepigmenteerde huidlesies diagnostiseerden dan menselijke experts. Een mogelijke beperking van de MLAs is hun afnemende performance voor out-of-distribution images.

1.Tschandl P, Codella N, Akay BN et al. Comparison of the accuracy of human readers versus machine-learning algorithms for pigmented skin lesion classification: an open, web-based, international, diagnostic study. Lancet Oncol 2019; epub ahead of print

Summary: A multinational study found that state-of-the-art machine-learning classifiers outperformed human experts in the diagnosis of pigmented skin lesions; a possible limitation of these algorithms is their decreased performance for out-of-distribution images.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Fase 2-studie van deëscalatie van TKI-therapie voor CML voorafgaand aan complete discontinuering (0)
2019-06-12 11:58   ( Nieuws )
Tags:  DESTINY study CML de-escalation of TKIs
Prof. Richard ClarkIn alle tot op heden uitgevoerde studies van behandelingsvrije remissie (TFR) in patiënten met CML is de TKI-therapie abrupt gestopt, en lag het focus van de studies op patiënten met stabiele MR4 remissie (BCR-ABL/ABL ten hoogste 0,01%). De Britse fase 2-studie DESTINY heeft de mogelijkheid van geleidelijk afbouwen van de TKI-therapie en van TFR in patiënten met minder diepe maar stabiele remissie onderzocht. Prof. Richard Clark (Royal Liverpool University Hospital) en collega’ s publiceren de studie online in The Lancet Haematology.1

DESTINY werd uitgevoerd in twintig ziekenhuizen in het Verenigd Koninkrijk. De studie includeerde volwassen patiënten met CML in eerste chronische fase, die tenminste drie jaar TKI-therapie hadden gekregen, met in het jaar voor inclusie tenminste driemaal vastgestelde majeure moleculaire respons (MMR; BCR-ABL/ABL ten hoogste 0,1%). De patiënten werden onderscheiden in een MMR-groep (0,01% tot 0,1%; n= 49) en een MR4-groep (n=125). Voor alle patiënten werd de TKI-dosering gehalveerd gedurende twaalf maanden, en vervolgens volledig gestopt gedurende twee jaar, met frequente monitoring. Recidief werd gedefinieerd als twee achtereenvolgende bepalingen met uitkomst hoger dan 0,1%, waarna opnieuw gestart werd met behandeling met de volle dosering.

Het primaire eindpunt van de studie was percentage patiënten die twaalf maanden lang voldoende hadden aan gedeëscaleerde dosering en vervolgens twee jaar lang zonder behandeling in MMR bleven. In de MR4-groep bereikten 84 patiënten (67%) het einde van de studie na drie jaar, met een recidiefvrije overleving van 72% (95%-bti 64-80). In de MMR-groep bereikten zestien patiënten (33%) het eind van de studie, met een recidiefvrije overleving van 36% (95%-bti 25-53). Er waren geen patiënten met ziekteprogressie; twee patiënten overleden aan niet-ziektegerelateerde oorzaken. Alle patiënten met recidief bereikten binnen vijf maanden na herstarten van de therapie opnieuw MMR.

De onderzoekers concluderen dat de bemoedigende TFR-percentages in DESTINY suggereren dat aanvankelijke deëscalatie van TKI-therapie kan resulteren in verbetering van TFR-protocollen, en dat TFR nadere bestudering verdient in patiënten met stabiele MMR.

1.Clark RE, Polydoros F, Apperley JF et al. De-escalation of tyrosine kinase inhibitor therapy before complete treatment discontinuation in patients with chronic myeloid leukaemia (DESTINY): a non-randomised, phase 2 trial. Lancet Haematol 2019; epub ahead of print

Summary: The British phase 2 study DESTINY found that in patients with CML initial de-escalation before discontinuation of TKIs might improve the success of treatment-free remission protocols, and that patients with stable major molecular response might be candidates for TKI de-escalation and discontinuation.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Universele versus leeftijds-beperkte screening van CRC-tumoren op Lynch syndroom (0)
2019-06-11 14:58   ( Nieuws )
Tags:  screening CRC tumors for Lynch syndrome impact of age
Dr. Dan LiExperts in de Verenigde Staten en verscheidene Europese landen bevelen aan alle patiënten met nieuw-gediagnostiseerd colorectaalcarcinoom (CRC) te screenen op Lynch syndroom (LS; voorheen bekend als hereditary nonpolyposis colorectal cancer). De efficiëntie van universele screening in oudere populaties is echter niet duidelijk. Een retrospectieve cohortstudie van Kaiser Permanente Northern California (Santa Clara) heeft de performance van universele versus leeftijds-beperkte LS-screening vergeleken. Dr. Dan Li en collega’s publiceren de studie vandaag online in Annals of Internal Medicine.1

De studie includeerde 3891 patiënten die LS-screening (MMR-IHC) ondergingen na een nieuwe diagnose CRC tussen begin 2011 en eind 2016. In 63 patiënten werd het syndroom gedetecteerd, voor een diagnostic yield van 1,62%. Slechts vijf LS-gevallen werden gedetecteerd in patiënten ouder dan zeventig jaar (7,9% van alle gedetecteerde LS-gevallen) en slechts één (1,6%) in patiënten ouder dan tachtig jaar. Als 75 jaar als bovenste leeftijdsgrens voor screening zou zijn gehanteerd, dan zouden 3 van 63 LS-gevallen gemist zijn (4,8%) en zouden 1053 minder patiënten (27,1%) screening vereist hebben. Hanteren van tachtig jaar als bovenste leeftijdsgrens zou hebben geresulteerd in missen van één LS-geval (1,6%) bij 668 minder screenings (17,2%).

De onderzoekers concluderen dat de incremental diagnostic yield van de screening substantieel afnam na de leeftijd van zeventig tot vijfenzeventig jaar.

1.Li D, Hoodfar E, Jiang S-F et al. Comparison of universal versus age-restricted screening of colorectal tumors for Lynch syndrome using mismatch repair immunohistochemistry. A cohort study. Ann Intern Med 2019; epub ahead of print

Summary: A retrospective study in a cohort of patients of Kaiser Permanente Northern California found that the incremental diagnostic yield of universal Lynch syndrome screening of patients with newly diagnosed colorectal cancer decreased substantially after age 70 to 75 years. 


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Oncologische uitkomsten van fertiliteitsparende versus radicale chirurgie voor stadium I AGCT (0)
2019-06-11 14:02   ( Nieuws )
Tags:  MITO-9 study adult type granulosa cell tumors of the ovary FSS versus RS
Dr. Alice BergaminiOngeveer 30% van de adult type granulosa cell tumors van het ovarium (AGCTs) worden gediagnostiseerd in patiënten in de vruchtbare leeftijd. In patiënten met stadium I AGCTs is vruchtbaarheid-sparende chirurgie (FSS) een optie, hetzij unilaterale salpingo-oöforectomie (USO) of cystectomie. De MITO-9 studie (‘Multicenter Italian Trials in Ovarian cancer’) heeft de oncologische uitkomsten van FSS versus radicale chirurgie (RS) voor stadium I AGCTs vergeleken. Dr. Alice Bergamini (Ospedale San Raffaele, Milaan) en haar collega’s van de MITO-groep publiceren de studie online in Gynecologic Oncology.1

De retrospectieve studie includeerde 229 patiënten, onder wie 33% FSS onderging en 67% RS. In de FSS-groep onderging 63% USO, 17% cystectomie, en 20% cystectomie gevolgd door USO. De mediane follow-up was 84 maanden. De mediane ziektevrije overleving was significant slechter in de FSS-groep (50% na tien jaar) dan in de RS-groep (74% na tien jaar; p=0,006). Er was echter geen significant verschil in DFS na RS versus USO (tien-jaars DFS 75% versus 70%; p=0,5). De DFS was in de cystectomie-groep significant slechter dan in de USO-groep (tien-jaars DFS 16% versus 70%; p<0,001). Patiënten die cystectomie gevolgd door USO ondergingen hadden een betere prognose dan patiënten die alleen cystectomie ondergingen, zij het wel significant slechter dan patiënten die alleen USO ondergingen (tien-jaars DFS 41% versus 70%; p=0,05). Er was geen significant verschil in overall survival tussen FSS-patiënten met RS-patiënten.

De onderzoekers concluderen dat FSS voor stadium I AGCTs oncologisch veilig is, mits cystectomie wordt vermeden. USO is de te prefereren benadering.

1.Bergamini A, Cormio G, Ferrandina G et al. Conservative surgery in stage I adult type granulosa cells tumors of the ovary: results from the MITO-9 study. Gynecol Oncol 2019; epub ahead of print

Summary: The MITO-9 study (‘Multicenter Italian Trials in Ovarian cancer’) found that fertility-sparing surgery for adult type granulosa cell tumors of the ovary is oncologically safe, provided that cystectomy is avoided. Unilateral salpingo-oophorectomy is the preferred approach.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Associatie van expressie van neuropeptidereceptor CALCRL met uitkomsten van AML (0)
2019-06-11 13:01   ( Nieuws )
Tags:  calcitonin receptor-like AML
Prof. Christoph SchliemannCalcitonin receptor-like (CALCRL) is een G-eiwit gekoppelde neuropeptidereceptor, die een rol speelt in de regulering van bloeddruk, angiogenese, celproliferatie, en apoptose. CALCRL wordt onderzocht als nieuw target voor de behandeling van migraine. Een analyse van vijf cohortstudies met tezamen meer dan 1500 patiënten heeft de rol van CALCRL in AML onderzocht. Prof. Christoph Schliemann (Universiteitsziekenhuis Münster) en collega’s publiceren de analyse online in Leukemia.1

In het Duitse AMLCG-cohort was hogere expressie van CALCRL geassocieerd met lager percentage patiënten met complete remissie (lage, intermediaire, en hoge CALCRL-expressie respectievelijk 71,5%; 53,7%; en 49,6% CR), vijf-jaars overall survival (43,1%; 26,2%; 7,1%), en vijf-jaars gebeurtenisvrije overleving (29,9%; 15,8%; en 4,7%); al deze associaties waren statistisch significant (p<0,001). De CALCRL-expressieniveaus bleven in multivariate analyse geassocieerd met deze eindpunten. De prognostische waarde van CALCRL-expressie werd bevestigd in vier validatiecohorten (HOVON, TCGA, Leucegene, en UKM). Genen die tot hoge expressie kwamen in CALCRLhigh AML waren significant verrijkt in leukemische stamcelsignaturen.

De onderzoekers concluderen dat de analyse suggereert dat expressie van CALCRL uitkomsten van AML voorspelt onafhankelijk van bekende risicofactoren, en een therapeutisch target zou kunnen zijn.

1.Angenendt L, Bormann E, Pabst C et al. The neuropeptide receptor calcitonin receptor-like (CALCRL) is a potential therapeutic target in acute myeloid leukemia. Leukemia 2019; epub ahead of print

Summary: An analysis of the German AMLCG cohort, validated in four other international cohorts, found that expression of the calcitonin receptor-like (CALCRL) neuropeptide receptor predicted outcomes of AML independent of known risk factors.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Prospectieve multicenterstudie van prognostische en predictieve rol van tumor budding in stadium II coloncarcinoom (0)
2019-06-11 11:46   ( Nieuws )
Tags:  SACURA trial stage II colon cancer tumor budding
Dr. Hideki UenoDe International Tumor Budding Consensus Conference in 2016 heeft geresulteerd in het definiëren van beoordelingscriteria voor tumor budding in colorectaalcarcinoom (ITBCC2016-criteria). De criteria onderscheiden graden BD1, BD2, en BD3 in geval van respectievelijk minder dan vijf, vijf tot en met negen, of tien of meer geïsoleerde maligne cellen of clusters van minder dan vijf cellen in het invasieve front in een microscopisch veld met een x20 objectief lens (0.785 mm2) in de hotspot. Een analyse van de Japanse SACURA-studie onderzocht de prognostische en predictieve rol van tumor budding in stadium II coloncarcinoom. Dr. Hideki Ueno (Medisch College van de Nationale Defensie, Saitama) en collega’s publiceren de studie online in het Journal of Clinical Oncology.1

SACURA werd uitgevoerd in 123 centra in Japan. Tussen begin 2006 en eind 2010 includeerde de studie 991 patiënten met stadium II coloncarcinoom. De patiënten werden gerandomiseerd naar alleen chirurgie of chirurgie plus adjuvante chemotherapie (oraal tegafur-uracil). Tumor budding werd centraal beoordeeld. Er waren 376 BD1-tumoren, 331 BD2-tumoren, en 284 BD3-tumoren. De vijf-jaars relapsevrije overleving in deze drie groepen was 90,9%; 85,1%; en 74,4%. De budding grade was significant gecorreleerd met recidief in lever, longen, lymfeklieren, en peritoneum. In multivariate analyse waren budding en T-stadium onafhankelijk van invloed op de relapsevrije overleving. Zowel in de BD2- als de BD3-groep was de vijf-jaars recidiefvrije overleving (niet-significant) beter in de arm met adjuvante chemotherapie dan in de arm met alleen-chirurgie.

De onderzoekers concluderen dat in stadium II coloncarcinoom de tumor budding graad geassocieerd was met de relapsevrije overleving.

1.Ueno H, Ishiguro M, Nakatani E et al. Prospective multicenter study on the prognostic and predictive impact of tumor budding in stage II colon cancer: results from the SACURA trial. J Clin Oncol 2019; epub ahead of print

Summary: The Japanese prospective multicenter study SACURA found that in stage II colon cancer patients tumor budding grade (ITBCC2016 criteria) was associated with relapse-free survival. In the BD2 and BD3 groups the five-year recurrence rate was (although statistically not significant) improved in the adjuvant chemotherapy subgroup compared to the surgery-alone group.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Associatie van lichaamsvet-verdeling met risico en mortaliteit van prostaatcarcinoom (0)
2019-06-10 15:00   ( Nieuws )
Tags:  AGES-Reykjavik study body fat distribution prostate cancer risk and mortality
Dr. Barbra DickermanIn eerdere studies is gezien dat obesitas geassocieerd is met een verhoogd risico van gevorderd prostaatcarcinoom en met een slechtere prognose na de diagnose. Er zijn aanwijzingen dat specifieke verdeling van vet in het lichaam eveneens een belangrijke risicofactor voor prostaatcarcinoom en uitkomsten na de diagnose kan zijn. De Age, Gene-Environment Susceptibiliby (AGES)-Reykjavik studie is de eerste prospectieve studie van de associatie van direct bepaalde lichaamsvetverdeling met het risico van prostaatcarcinoom. Dr. Barbra Dickerman (Harvard School of Public Health, Boston MA) en collega’s publiceren de studie vandaag online in Cancer.1

Tussen begin 2002 en eind 2006 includeerde de studie 1832 IJslandse mannen die bij inclusie CT-imaging van vetdepots ondergingen, en informatie verstrekten over lichaamslengte, gewicht, en middelomtrek. Tijdens de follow-up (negen tot en met dertien jaar) werd prostaatcarcinoom gediagnosisteerd in 172 deelnemers, hooggradig prostaatcarcinoom (Gleason 8 en hoger) in 43, gevorderd prostaatcarcinoom (tenminste cT3b/N1/M1 bij diagnose of fataal tijdens de follow-up) in 41, en fataal prostaatcarcinoom in 31. De studie bevestigde het reeds bekende verband tussen BMI en/of middelomtrek en risico van gevorderde en fatale ziekte. Onder mannen met lagere BMI was een hoger gehalte van visceraal vet geassocieerd met hoger risico van gevorderde en van fatale ziekte. Onder alle mannen was visceraal vet geassocieerd met het risico van gevorderde ziekte (per 1 SD toename HR 1,31; 95%-bti 1,00-1,72) en subcutaan vet van de dij met het risico van fatale ziekte (per 1 SD toename HR 1,37; 95%-bti 1,00-1,88).

De onderzoekers concluderen dat opslag van vet in specifieke depots geassocieerd was met het risico van agressief prostaatcarcinoom. Ze vermoeden dat deze waarneming kan bijdragen aan het ophelderen van onderliggende mechanismen en aan het ontwikkelen van interventies.

1.Dickerman BA, Torfadottir JE, Valdimarsdottir UA et al. Body fat distribution on computed tomography imaging and prostate cancer risk and mortality in the AGES-Reykjavik study. Cancer 2019; epub ahead of print

Summary: The Age, Gene/Environment Susceptibility (AGES)-Reykjavik study found that higher visceral fat was associated with higher risk of advanced prostate cancer and that higher thigh subcutaneous fat was associated with higher risk of fatal prostate cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Tijd tussen positieve gFOBT en coloscopie: associatie met CRC-risico en gevorderd stadium ziekte bij diagnose (0)
2019-06-10 13:32   ( Nieuws )
Tags:  time between positive gFOBT and colonoscopy CRC risk
Prof. Zohar LeviEen positief resultaat van de guaiac fecal occult blood test (gFOBT) kan wijzen op aanwezigheid van colorectaalcarcinoom (CRC) maar deze aanname dient te worden bevestigd met coloscopie. Een studie in Israël heeft onderzocht of de tijd die verloopt tussen de positieve gFOBT en coloscopie geassocieerd is met het risico van een diagnose CRC, en met het risico van gevorderd stadium CRC bij de diagnose. Prof. Zohar Levi (Rabin Medisch Centrum, Petach Tikva) en collega’s publiceren de studie online in het International Journal of Cancer.1

De retrospectieve studie includeerde 17.958 personen in de leeftijd van 50 tot 75 jaar, die tussen begin 2011 en eind 2013 een gFOBT ondergingen met positief resultaat en binnen twee jaar een follow-up coloscopie ondergingen. De mediane leeftijd was 61 jaar (IQR 56-67); 52,2% waren vrouwen. De coloscopie bevestigde aanwezigheid van CRC in 685 deelnemers en gevorderd CRC (stadium III en IV) in 156 deelnemers. Het percentage deelnemers met een diagnose CRC was 3,9% in geval van coloscopie binnen drie maanden na de positieve gFOBT; 2,5% bij interval vier tot en met zes maanden; 3,5% bij interval zeven tot en met negen maanden; 4,2% bij interval tien tot en met twaalf maanden; en 7,3% bij interval dertien maanden tot en met twee jaar (p<0,001). Vergeleken met coloscopie binnen drie maanden was het risico van CRC (OR 1,97; 95%-bti 1,51-2,56) en van gevorderd stadium CRC (OR 1,88; 95%-bti 1,43-2,46) significant verhoogd bij interval van dertien maanden tot en met twee jaar.

De onderzoekers concluderen dat uitstel van coloscopie na een positief resultaat van gFOBT geassocieerd was met verhoogd risico van CRC en van gevorderd stadium CRC.

1.Beshara A. Ahoroni M, Comanester D et al. Association between time to colonoscopy after a positive guaiac fecal test and risk of colorectal cancer and advanced stage disease at diagnosis. Int J Cancer 2019; epub ahead of print

Summary: A study in Israel found an association between time to colonoscopy arter a positive gFOBT with the risk of a CRC diagnosis and the risk of advanced stage disease at diagnosis.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)