
Na propensity-score matching bestonden de NCT-groep en de NCRT-groep beide uit 1007 patiënten. De NCT-groep had betere lymfadenectomie en meer gebruik van adjuvante therapie, en de NCRT-groep had hogere R0-resectiepercentages en hogere percentages pathologische respons. De mediane overall survival was 42,7 maanden in de NCT-groep versus 34,2 maanden in de NCRT-groep (p=0,001) en de vijf-jaars OS-percentages waren 42% versus 35%. Onder de patiënten met pathologisch complete respons was de mediane OS 101 maanden in de NCT-groep versus 71,2 maanden in de NCRT-groep (p=0,04) met vijf-jaars OS-percentage 64% versus 53%.
De onderzoekers concluderen dat onder patiënten die neoadjuvante therapie voor EAC ondergaan NCT geassocieerd was met significant betere OS dan NCRT. Echter, heterogeniteit van de gebruikte regimes sluit definitieve therapeutische aanbevelingen uit.
1.Shridhar R, Huston J, Meredith K. Outcomes of neoadjuvant chemotherapy versus chemoradiation for esophageal adenocarcinoma: a National Cancer Database analysis. Ann Surg Oncol 2025-18140-9
Summary: Analysis using the National Cancer Database found that among patients undergoing neoadjuvant therapy for esophageal adenocarcinoma, neoadjuvant chemotherapy was associated with significantly improved overall survival compared with neoadjuvant chemoradiation.
Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie. (Login)