Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Herbehandeling met palbociclib plus endocriene therapie na progressie van HR-positief/HER2-negatief ABC (0)
2022-09-28 13:30   ( Nieuws )
Tags:  BioPER trial advanced breast cancer palbociclib rechallenge
Dr. Antonio Llombart-CussacBioPER is een multicenter fase 2-studie in Spanje. De studie onderzoekt het profijt van rechallenge met palbociclib plus endocriene therapie (ET) in vrouwen met HR-positief/HER2-negatief gevorderd mammacarcinoom (ABC) met progressie na klinisch profijt op direct voorafgaande behandeling met palbociclib plus ET. Dr. Antonio Llombart-Cussac (Hospital Arnau de Vilanova, Valencia) en collega’s publiceren de studie in Clinical Cancer Research.1

De studie includeerde 33 patiënten, die palbociclib plus ET naar keus van de behandelaar kregen. De clinical benefit rate was 34% (95%-bti 18,6-53,2). De mediane progressievrije overleving was 2,6 maanden (95%-bti 1,8-6,7). Er waren geen nieuwe veiligheidssignalen. Een baseline signatuur van lage retinoblastoom eiwitexpressie, hoge cycline E1-expressie, en ESR1-mutatie was onafhankelijk geassocieerd met kortere PFS (HR 22,0; p=0,018).

De onderzoekers concluderen dat palbociclib plus ET rechallenge een rationele benadering kan zijn voor geselecteerde HR+/HER2- ABC-patiënten met progressieve ziekte na aanvankelijk klinisch profijt op palbociclib plus ET.

1.Albanell J, Peréz-Garcia J, Gil-Gil M et al. Palbociclib rechallenge for hormone receptor-positive/human epidermal growth factor receptor-negative advanced breast cancer: findings from the phase II BioPER trial. Clin Cancer Res 2022; epub ahead of print

Summary: The multicenter phase 2 BioPER trial found that among patients with HR-positive/HER2-negative advanced breast cancer who had progression after clinical benefit on immediately prior palbociclib plus endocrine therapy (ET), rechallenge with palbociclib plus ET was a reasonable approach for selected patients. A composite biomarker signature predicted lack of benefit in a subset of patients.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Retrospectieve studie van stereotactische radiochirurgie voor Koos graad IV vestibulair schwannoom in jonge patiënten (0)
2022-09-28 12:00   ( Nieuws )
Tags:  Koos grade IV VS in young patients SRS
Prof. Jason SheehanChirurgie voor Koos graad IV vestibulair schwannoom (VS met maximale diameter van 3 cm of groter, met hersenstamcompressie) vereist afweging van mate van resectie tegen functionele uitkomst. Stereotactische radiochirurgie (SRS) zou een alternatief voor resectie kunnen zijn. Een retrospectieve multicenterstudie in de Verenigde Staten heeft veiligheid en werkzaamheid van SRS voor Koos graad IV VS in patiënten jonger dan 46 jaar met tenminste twaalf maanden follow-up geïnventariseerd. Prof. Jason Sheehan (University of Virginia Health System, Charlottesville) en collega’s publiceren de studie in het Journal of Neuro-Oncology.1


De studie includeerde 176 patiënten met mediane leeftijd 36,0 jaar (IQR 9) en een mediaan tumorvolume van 9,3 cm3 (IQR 4,7). De patiënten kregen een enkele SRS-sessie (mediaan 12 Gy; IQR 0,5). De mediane duur van follow-up was 37,5 maanden. Het progressievrije overlevingspercentage was 90,9% na vijf jaar en 86,7% na tien jaar. Waarschijnlijkheid van gehoorbehoud na vijf en tien jaar was 56,8% respectievelijke 45,2%, en waarschijnlijkheid van verbetering of behoud van de functie van de nervus facialis was 95,7% na vijf en tien jaar. Ongunstige bijwerkingen van de straling werden gezien in 19,9% van de patiënten, en nieuw-ontstaan hydrocefalie in 4,0%.

De onderzoekers concluderen dat enkele-sessie SRS een veilig en werkzaam alternatief kan zijn voor chirurgische resectie in geselecteerde jonge patiënten met Koos graad 4 VS.

1.Dumot C, Pikis S, Mantziaris G et al. Stereotactic radiosurgery for Koos grade IV vestibular schwannoma in young patients: a multi-institutional study. J Neuro-Oncology 2022; epub ahead of print

Summary: A multicenter retrospective study in the USA found that single-session stereotactic radiosurgery is a safe and effective alternative to surgical resection in selected Koos IV vestibular schwannoma patients ≤ 45 years old.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Adenoomdetectiepercentage en risico van interval postcoloscopie colorectaalcarcinoom in FIT-gebaseerde screening (0)
2022-09-27 15:00   ( Nieuws )
Tags:  colonoscopy after positive FIT ADR and postcolonoscopy CRC risk
Prof. Manon SpaanderHet adenoomdetectiepercentage (ADR) is een belangrijke kwaliteitsindicator voor endoscopisten die coloscopie uitvoeren voor colorectaalcarcinoom (CRC)-screening, omdat ADR geassocieerd is met postcoloscopie CRCs (PCCRCs). Er is weinig informatie beschikbaar over ADRs van endoscopisten die coloscopie uitvoeren na een positieve FIT. Een bevolkings-gebaseerde cohortstudie in Nederland heeft de associatie tussen ADR en interval PCCRC geïnventariseerd. Prof. Manon Spaander (Erasmus MC) en collega’s publiceren de studie in Annals of Internal Medicine.1

De studie includeerde 362 endoscopisten die tezamen 116.360 coloscopieën uitvoerden in patiënten na een positief FIT-resultaat. De mediane ADR van de endoscopisten was 67%. Er waren 209 interval PCCRCs. De ADR was geassocieerd met interval PCCRCs, met een aHR van 0,95 (95%-bti 0,92-0,97) per 1% toename van de ADR. Voor iedere 1000 patiënten die coloscopie ondergingen was het aantal verwacht interval PCCRC-diagnosen na vijf jaar 2 indien de coloscopie werd uitgevoerd door een endoscopist met ADR 70%, versus meer dan 2,5 in geval van ADR 65%, bijna 3,5 in geval van ADR 60%, en meer dan 4,5 in geval van ADR 55%.

De onderzoekers concluderen dat de ADR van endoscopisten invers geassocieerd was met het risico van interval PCCRC onder patiënten met een positief FIT-resultaat.

1.Wisse PHA, Erler NS, de Boer SY et al. Adenoma detection rate and risk for interval postcolonoscopy colorectal cancer in fecal immunochemical test-based screening. A population-based cohort study. Ann Intern Med 2022; epub ahead of print

Summary: A population-based cohort study in The Netherlands found that the adenoma detection rate of endoscopists was inversely associated with the risk of interval postcolonoscopy colorectal cancer in FIT-positive patients.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Incidentie van pneumonitis met concurrente chemoradiotherapie voor beperkt-stadium kleincellig longcarcinoom: meta-analyse (0)
2022-09-27 13:30   ( Nieuws )
Tags:  LS-SCLC first-line CCRT pneumonitis
Dr. Yuting KuangConcurrente chemoradiotherapie (CCRT) is de standaard eerstelijns behandeling voor beperkt-stadium kleincellig longcarcinoom (LS-SCLC). Een frequente toxiciteit van de behandeling is pneumonitis. Een systematisch overzicht en meta-analyse van gepubliceerde studies heeft de incidentie van graad 3 en hoger pneumonitis met eerstelijns CCRT voor LS-SCLC gekwantificeerd. Dr. Yuting Kuang (IQVIA Inc, San Francisco CA) en collega’s publiceren de analyse in Clinical Lung Cancer.1

In de literatuur tussen begin 2014 en augustus 2020 vonden de onderzoekers tien studies die aan de inclusiecriteria van de meta-analyse voldeden. De studies telden tezamen 1539 patiënten die eerstelijns CCRT voor LS-SCLC kregen. De gepoolde incidente van graad ≥ 3 pneumonitis was 3,28% (95%-bti 1,52-5,04) in gerandomiseerde gecontroleerde studies en 6,34% (3,64-9,04) in non-RCTs; de gepoolde incidentie van graad 5 pneumonitis was 0,29% (0,00-0,62) in RCTs en 0,88% (0,02-1,74) in non-RCTs.

De onderzoekers concluderen dat ze de incidentie van pneumonitis in LS-SCLC patiënten die eerstelijns CCRT kregen hebben gekwantificeerd.

1.Kuang Y, Singh R, Nevo A et al. Incidence of pneumonitis among limited stage small cell lung cancer patients exposed to concurrent chemoradiation: a systemic literature review and meta-analysis. Clin Lung Cancer 2022.09.008

Summary: Meta-analysis of 10 studies (1539 patients) found that among limited stage small cell lung cancer patients exposed to first-line chemoradiotherapy the incidence of grade ≥ 3 pneumonitis varied from an average of 3.28% in randomized controlled trials to 6.34% in non-RCTs.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Risico van maligniteiten in kinderen van moeders met epilepsie die tijdens de zwangerschap hoge-dosering foliumzuur gebruiken (0)
2022-09-27 12:00   ( Nieuws )
Tags:  high-dose folic acid use during pregnancy in epilepsy patients cancer risk in children
Håkon Magne VegrimVrouwen met epilepsie wordt aanbevolen voorafgaand aan en tijdens een zwangerschap hoge-dosering foliumzuur te gebruiken vanwege het risico van congenitale afwijkingen die geassocieerd zijn met anti-epilepsie medicaties. Een retrospectieve cohortstudie in Scandinavië heeft de associatie tussen prenatale blootstelling aan foliumzuur en het risico van maligniteiten in kinderen geïnventariseerd. PhD-student Håkon Magne Vegrim (Haukeland Universiteitsziekenhuis, Bergen) en collega’s publiceren de studie in JAMA Neurology.1

In registers in Denemarken, Noorwegen, en Zweden identificeerden de onderzoekers 3.379.171 geboren tussen begin 1997 en eind 2017. Aan het eind van de follow-up was de mediane leeftijd van deze kinderen 7,3 jaar (IQR3,5-10,9). In het cohort waren 27.784 kinderen met een moeder met epilepsie, onder wie 5934 (21,4%) die tijdens de zwangerschap waren blootgesteld aan hoge-dosering foliumzuur. Onder deze blootgestelde kinderen waren er 18 met een maligniteit voor de leeftijd van twintig jaar; onder de niet-blootgestelde kinderen van moeders met epilepsie waren er 29 met een maligniteit. Het absolute risico van een maligniteit was 1,4% (95%-bti 0,5-3,6) in de groep foliumzuur-blootgestelde kinderen versus 0,6% (0,3-1,1) in de groep niet-foliumzuur blootgestelde kinderen (aHR 2,7; 1,2-6,3).

De onderzoekers concluderen dat prenatale blootstelling aan hoge-dosering foliumzuur geassocieerd was met verhoogd risico van maligniteiten in kinderen van moeders met epilepsie.

1.Vegrim HM, Werenberg Dreier J, Alvestad S et al. Cancer risk in children of mothers with epilepsy and high-dose folic acid use during pregnancy. JAMA Neurol 2022.2977

Summary: A retrospective cohort study in Denmark, Norway, and Sweden found that prenatal exposure to high-dose folic acid was associated with increased risk of cancer in children of mothers with epilepsy.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Van patiënten verkregen tumororganoïden voorspellen respons van LARC op neoadjuvante irinotecan-gebaseerde CRT (0)
2022-09-26 15:00   ( Nieuws )
Tags:  locally advanced rectal cancer tumor organoids irinotecan-based nCRT
Toevoegen van irinotecan aan neoadjuvante chemoradiotherapie (nCRT) voor lokaal-gevorderd rectumcarcinoom (LARC) verhoogt het percentage patiënten met pathologisch complete respons (pCR) maar is ook geassocieerd met verhoogde toxiciteit. Er is behoefte aan robuuste biomarkers voor het voorspellen van de respons van LARC op irinotecan-gebaseerde nCRT om patiënten voor deze behandeling te kunnen selecteren. Een studie van Fudan Universiteit (Shanghai, China) heeft onderzocht of irinotecan-gevoeligheid van patiënt-verkregen tumororganoïden (PDTOs) complete respons (CR) en overleving van LARC-patiënten kan voorspellen. Dr. Guoqiang Hua en collega’s publiceren de studie in het International Journal of Cancer.1


De studie includeerde in een trainingscohort 91 patiënten die tussen maart 2017 en december 2020 irinotecan-gebaseerde nCRT kregen, en in een validatiecohort nog 27 patiënten die tussen januari 2021 en oktober 2021 behandeld werden. Het eindpunt van de studie was voorspellende performance van irinotecan organoid size ratio (OSR) voor CR of pCR. De groep van patiënten van wie de PDTOs gevoelig waren voor irinotecan had hogere responspercentage dan de irinotecan-ongevoelige groep, zowel in het trainingscohort (71,8% versus 24,4%; p<0,0001) als in het validatiecohort (81,8% versus 18,8%; p=0,002). De irinotecan-gevoelige groep had ook beter drie-jaars ziektevrije overlevingspercentage (71,6% versus 55,5%; p=0,034) en drie-jaars afstandsmetastasevrije overlevingspercentage (77,9% versus 57,2%; p=0,015). Gevoeligheid van de PDTOs voor 5-FU en bestraling waren niet voorspellend voor drie-jaars DFS. De performance van irinotecan-OSR voor het voorspellen van CR en pCR was goed met AUCs in trainings-en validatiecohort uiteenlopend van 0,796 tot 0,917.

De onderzoekers concluderen dat in LARC-patiënten irinotecan-gevoeligheid van PDTOs een predictieve en prognostische factor was.

1.Lv T, Shen L, Xu X et al. Patient-derived tumor organoids predict responses to irinotecan-based neoadjuvant chemoradiotherapy in patients with locally advanced rectal cancer. Int J Cancer 2022; epub ahead of print

Summary: A study at Fudan University (Shanghai, China) found that irinotecan sensitivy of patient-derived organoids was predictive for response of locally advanced rectal cancer to irinotecan-based neoadjuvant chemoradiotherapy.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Score voor voorspellen prognose na FOLFIRINOX-inductiechemotherapie voor lokaal-gevorderd pancreascarcinoom (0)
2022-09-26 13:30   ( Nieuws )
Tags:  FOLFIRINOX induction for LAPC scoring system to predict prognosis
Prof. Thilo HackertEffectieve inductiechemotherapie kan resulteren in verbeterde mogelijkheid van chirurgische resectie van lokaal-gevorderd pancreascarcinoom. Een studie van de universiteit van Heidelberg (Duitsland) heeft factoren geïdentificeerd die de prognose kunnen voorspellen van gerecteerd LAPC na FOLFIRINOX-inductiechemotherapie, en resulteerde in een scoresysteem voor het voorspellen van recidiefvrije overleving en overall survival. Prof. Thilo Hackert en collega’s publiceren de studie in Annals of Surgical Oncology.1

In een prospectief bijgehouden database identificeerden de onderzoekers 62 LAPC-patiënten die resectie ondergingen na FOLFIRINOX-inductie. Drie factoren waren onafhankelijk geassocieerd met overall survival: tumor shrinkage (HR 0,31), tumordichtheid (HR 0,17), en post-chemotherapie serumniveau van CA19-9 (HR 0,18). In het scoresysteem kregen deze factoren één respectievelijk twee en twee punten toegewezen. De figuur laat zien dat RFS en OS significant korter waren in patiënten met 0, 1, of 2 punten dan in patiënten met 3, 4, of 5 punten.

De onderzoekers concluderen dat de studie heeft geresulteerd in een eenvoudig scoresysteem dat patiënten kan identificeren met een lage score, die baat kunnen hebben bij additionele behandeling.

1.Tanaka M, Heckler M, Mihaljevic AL et al. Induction chemotherapy with FOLFIRINOX for locally advanced pancreatic cancer: a simple scoring system to predict effect and prognosis. Ann Surg Oncol 2022; epub ahead of print

Summary: A study in Germany investigated factors predictive of prognosis in resected LAPC after FOLFIRINOX induction and resulted in a scoring system to predict prognosis. Tumor shrinkage (one point), tumor density (two points), and postchemotherapy CA19-9 serum levels (two points) were independently associated with overall survival. Recurrence-free and overall survival were significantly shorter in patients with a score of 0-2 than in patients with a score of 3-5.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Klinische relevantie van pretreatment neutrofiel/lymfocyt-ratio in oligometastatisch mammacarcinoom (0)
2022-09-26 12:00   ( Nieuws )
Tags:  oligometastatic breast cancer pretreatment NLR
Dr. Takayuki UenoDe ESMO-richtlijn voor gevorderd mammacarcinoom definieert oligometastatische ziekte (OMD) als laag-volume metastatische ziekte met ten hoogste vijf lesies, niet noodzakelijk in hetzelfde orgaan. Een retrospectieve studie in Japan heeft de associatie van neutrofiel/lymfocyt-ration (NLR) voorafgaand aan behandeling van de primaire tumor met overleving geïnventariseerd in patiënten die tijdens de follow-up OMD ontwikkelden. Dr. Takayuki Ueno (Cancer Institute Hospital, Tokio) en collega’s publiceren de studie in Breast Cancer Research and Treatment.1


Onder 397 patiënten die tussen begin 2004 en eind 2015 in het ziekenhuis in Tokio chirurgie ondergingen voor primair mammacarcinoom waren er 131 die bij recidief OMD hadden. De afsnijwaarde voor hoge versus lage NLR was 2,52; de lage-NLR groep telde 93 patiënten (71%). Panel A laat zien dat de overall survival (vanaf de diagnose primair mammacarcinoom) significant beter was in patiënten met lage pretreatment NLR dan in patiënten met hoge pretreatment NLR. Vijf andere prognostische factoren waren geen chemotherapie, chirurgische resectie, één enkel metastatisch orgaan, ziektevrije overleving langer dan twee jaar, en geen levermetastase. Panel B laat zien dat het aantal van deze prognostische factoren (inclusief pretreatment NLR) eveneens geassocieerd was met OS.

De onderzoekers concluderen dat NLR een onafhankelijke prognostische factor was voor OS in patiënten met OMD.

1.Inoue Y, Fujishima M, Ono M et al. Clinical significance of the neutrophil-to-lymphocyte ratio in oligometastatic breast cancer. Breast Cancer Res Treat 2022; epub ahead of print

Summary: A retrospective study in Japan found that the neutrophil-to-lymphocyte ratio before treatment of primary breast cancer was an independent prognostic factor for overall survival in patients who developed oligometastatic disease during follow-up.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)