Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Retrospectieve cohortstudie van overleving van patiënten met HER2-positief metastatisch mBC en CNS-ziekte (0)
2025-02-01 13:00   ( Nieuws )
Tags:  HER2-positive metastatic breast cancer and central nervous system disease
Dr. Nelson MossOngeveer één op elke drie patiënten met HER2-positief metastatisch mammacarcinoom (mBC) ontwikkelt hersenmetastase. Het is niet duidelijk of patiënten met metastasen beperkt tot het centraal zenuwstelsel (CNS) andere uitkomsten en doodsoorzaken hebben dan patiënten met concomitante extracraniële metastasen. Een retrospectieve studie van Memorial Sloan Kettering Cancer Center (New York) heeft overall survival (OS) en CNS-gerelateerde mortaliteit vergeleken voor patiënten met HER2-positief mBC met alleen CNS-metastasen versus CNS plus extracraniële metastasen. Dr. Nelson Moss en collega’s publiceren de studie in JAMA Network Open.1

Het cohort telde 274 patiënten (272 vrouwen; mediane leeftijd 53,7 jaar; range 28,7-87,4) met HER2-positief mBC en CNS-metastase; 125 patiënten hadden bij presentatie de novo mBC. Op het moment van de diagnose CNS-metastase hadden 73 patiënten (26,6%) alleen-CNS ziekte. De mediane follow-up was 3,7 jaar (range 0,2-12,0) vanaf de diagnose CNS-metastase. De OS was het kortst onder patiënten met leptomeningeale ziekte (LMD; mediaan 1,24 jaar; 95%-bti 0,89-2,08), gevolgd door patiënten met extracraniële metastase (2,16 jaar; 1,87-2,58), en was het langst onder patiënten met alleen parenchymale of durale CNS-ziekte (3,57 jaar; 2,10-5,63). Onder de 192 patiënten (70,1%) die tijdens de follow-up overleden was de doodsoorzaak CNS-gerelateerd in 106 patiënten (55,2%). De groep met alleen-CNS ziekte had een hoog risico van CNS-gerelateerd overlijden, met een drie-jaars CNS-gerelateerd overlijdenspercentage van 33,98% (95%-bti 22,84-45,43) en een drie-jaars overlijdenspercentage ten gevolge van andere oorzaken van 6,07% (1,93-13,69).

De onderzoekers concluderen dat in deze cohortstudie 55,2% van de gevallen van overlijden onder patiënten met HER2-positief mammacarcinoom en hersenmetastasen toe te schrijven waren aan CNS-gerelateerde oorzaken, met het hoogste risico onder patiënten met LMD. Alleen-CNS presentatie was geassocieerd met betere overleving maar hoger risico van CNS-gerelateerd overlijden, hetgeen agressieve lokale therapie van geselecteerde patiënten steunt.

1.Ferraro E, Reiner AS, Nassif RB et al. Survival among patients with ERCC2-positive metastatic breast cancer and central nervous system disease. JAMA Network Open 2025;8:e2457483

Summary: A retrospective cohort study at Memorial Sloan Kettering Cancer Center (New York, NY) found that 55.2% of death among patients with HER2-positive breast cancer and brain metastases were due to CNS-related causes, with the greatest risk among patients with leptomeningeal disease. CNS-only presentation was associated with improved survival compared with CNS and concomitant extracranial metastasis.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Fase 1-studie van CD19-1XX CAR-therapie voor grootcellig B-cel lymfoom (0)
2025-01-31 16:00   ( Nieuws )
Tags:  LBCL CD19-1XX CAR
Dr. Jae ParkAutologe CD19 CAR T-celtherapie leidt in slechts een minderheid van de patiënten met recidiverend of refractair grootcellig B-cel lymfoom (R/R LBCL) tot duurzame remissie. Onderzoekers van Memorial Sloan Kettering Cancer Center (New York) hebben een nieuw CD19 CAR-construct ontworpen met gecalibreerde CAR-activivering door mutatie van twee van de drie CD3V immunoreceptor tyrosine-based activation motifs (ITAMS), dat minder sterk tot uitputting van T-cellen resulteert, en dus in lagere dosering werkzaam kan zijn. Dr. Jae Park en collega’s publiceren in het Journal of Clinical Oncology een first-in-human fase 1-studie met dit nieuwe construct (‘CD19-1XX’) voor R/R LBCL.1

De studie includeerde 28 patiënten die aferese ondergingen en CAR T-cellen toegediend kregen, in vier doseringsniveaus uiteenlopend van 25 x 106 tot 200 x 106. In het gehele cohort was de overall response rate 82% en de complete response rate 71%. Onder de zestien patiënten die met het laagste doseringsniveau behandeld werden was de ORR 88% en de CRR 75%. Met mediaan 24 maanden follow-up was het één-jaarspercentage voor gebeurtenisvrije overleving 61% (95%-bti 45-82) en waren veertien patiënten nog steeds in complete respons na twaalf maanden. Graad 3 of hoger CRS werd gezien in 4% van de patiënten en ICANS in 7%. Persistentie van CAR T-cellen werd na één of twee jaar gezien in patiënten in aanhoudende remissie.

De onderzoekers concluderen dat CD19-1XX CAR in lage celdoseringen uitstekende werkzaamheid en een gunstige toxiciteitsprofiel heeft laten zien onder patiënten met R/R LBCL.

1.Park JH, Palomba ML, Perica K et al. Results from first-in-human phase I study of a novel CD19-1XX chimeric antigen receptor with calibrated signaling in large B-cell lymphoma. J Clin Oncol (2025) 24-02424

Summary: A phase 1 trial at Memorial Sloan Kettering Cancer Center (New York, NY) found excellent efficacy with favorable toxicity profiles of CD19-1XX CAR in patients with R/R LBCL.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multinationale fase 3-studie van adjuvant atezolizumab voor vroeg-stadium triple-negatief mammacarcinoom (0)
2025-01-31 14:30   ( Nieuws )
Tags:  ALEXANDRA IMpassion030
Dr. Michail IgnitiadisPatiënten met triple-negative mammacarcinoom (TNBC) hebben een slechte prognose. De multinationale fase 3-studie ALEXANDRA/IMpassion030 heeft toevoegen van atezolizumab aan adjuvante chemotherapie na chirurgie voor vroeg-stadium hoog-risico TNBC geëvalueerd. Dr. Michail Ignatiadis (Vrije Universiteit Brussel) en collega’s publiceren de studie in JAMA.1

ALEXANDRA werd uitgevoerd in meer dan 330 centra in 31 landen. De studie includeerde 2199 patiënten die chirurgie ondergingen voor stadium II of III TNBC. De mediane leeftijd was 53 jaar. De patiënten werden gerandomiseerd naar standaard adjuvante chemotherapie gedurende 20 weken met (n=1101) of zonder (n=1098) een jaar atezolizumab. Het primaire eindpunt was invasieve-ziektevrije overleving (IDFS). Bij de eerste interimanalyse, na mediaan 32 maanden follow-up, waren IDFS-gebeurtenissen gezien in 12,8% van de patiënten in de atezolizumab-chemotherapiegroep en 11,4% van de patiënten in de alleen-chemotherapiegroep (HR 1,11; p=0,38) waarna de studie voortijdig gestopt werd (het beoogde aantal geïncludeerde patiënten was 2300). Vergeleken met alleen-chemotherapie was atezolizumab-chemotherapie geassocieerd met meer graad 3 of 4 treatment-related adverse events (44% versus 54%).

De onderzoekers concluderen dat toevoegen van atezolizumab aan adjuvante chemotherapie voor hoog-risico TNBC niet resulteerde in IDFS-profijt (visual abstract).

1.Ignatiadis M, Bailey A, McArthur H et al. Adjuvant atezolizumab for early triple-negative breast cancer. The ALEXANDRA/IMpassion030 randomized clinical trial. JAMA (2025) 2024.26886

Summary: The multinational phase 3 ALEXANDRA/IMpassion030 trial found that the addition of atezolizumab to adjuvant chemotherapy after surgery did not improve disease-free survival among patients with high-risk TNBC.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter prospectieve studie van urine DNA-methyleringstest voor vroege diagnose blaascarcinoom (0)
2025-01-31 13:00   ( Nieuws )
Tags:  urinary PENK methylation test for BC diagnosis
Dr. In Gab JeongEr is behoefte aan een accurate niet-invasieve biomarkertest voor vroege diagnose blaascarcinoom (BC). Een multicenter prospectieve studie in Zuid-Korea heeft de performance van een urine DNA-methyleringstest (PENK-methylering) vergeleken met die van de NMP22-test of de urine-cytologietest. Dr. In Gab Jeong (Asan Medisch Centrum, Seoel) en collega’s publiceren de studie in JAMA Oncology.1


De studie, uitgevoerd in tien centra, includeerde personen in de leeftijd van 40 jaar of ouder met hematurie, die cystoscopie ondergingen binnen drie maanden na inclusie. Onder de 1099 deelnemers (55,9% mannen; gemiddelde leeftijd 65 ± 10 jaar) hadden 219 deelnemers BC en 176 deelnemers hooggradige of invasieve BC. De urine DNA-methyleringstest had sensitiviteit 89,2% (95%-bti 84,6-93,8) en specificiteit 87,8% (85,6-89,9) voor hooggradig of invasief BC, en sensitiviteit 78,1% (72,6—83,6) en specificiteit 88,8% (86,7-90,8) voor overall BC. De positieve voorspellende waarde van de test voor hooggradig of invasief BC was 61,3% (95%-bti 55,4-67,3) en de negatieve voorspellende waarde was 97,6% (96,6-98,7). In vergelijking met de NMP22-test en de urine-cytologietest had de urine DNA-methyleringstest significant superieure sensitiviteit voor hoog-graad of invasief BC en voor overall BC.

De onderzoekers concluderen dat in deze prospectieve studie van personen met hematurie, de urine DNA-methyleringstest 89% specificiteit had voor het detecteren van hooggradig invasief BC, en betere performance had dan de NMP22-test en urine-cytologietest, met hoge specificiteit en een uitstekende negatieve voorspellende waarde, hoewel de positieve voorspellende waarde suboptimaal was.

1.Jeong IG, Yun S-C, Ha HK et al. Urinary DNA methylation test for bladder cancer diagnosis. JAMA Oncol (2025) 2024.6160

Summary: A multicenter prospective study in South Korea found that among participants with hematuria, a urinary DNA methylation test outperformed the NMP22 test or urine cytology test for early diagnosis of high-grade or invasive bladder cancer and overall bladder cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multinationale fase 3-studie van eerstelijns mobocertinib versus chemotherapie voor EGFR ex20ins+ mNSCLC (0)
2025-01-30 16:00   ( Nieuws )
Tags:  EXCLAIM-2 trial
Prof. Tony MokMobocertinib is een oraal beschikbare EGFR tyrosinekinaseremmer gericht op EGFR exon 20-insertiemutaties (ex20ins) in niet-kleincellig longcarcinoom (NSCLC). De multinationale fase 3-studie EXCLAIM-2 heeft mobocertinib vergeleken met platina-gebaseerde chemotherapie als eerstelijns behandeling voor EGFR ex20ins+ gevorderd of metastatisch NSCLC. Prof. Tony Mok (Chinese University of China, Hong Kong) en collega’s publiceren de studie in het Journal of Clinical Oncology.1

De studie includeerde 354 patiënten die werden gerandomiseerd naar mobosertinib 160 mg eenmaal daags (n=179) of vier cycli van pemetrexed plus cisplatine of carboplatine iedere drie weken gevolgd door pemetrexed onderhoudsbehandeling. Het primaire eindpunt van de studie was centraal-geblindeerd beoordeelde progressievrij overleving (PFS per BICR) met geplande interimanalyse na ongeveer 70% van de 227 verwachte PFS-gebeurtenissen. De mediane PFS per BICR was 9,6 maanden in beide armen (p=0,803). De bevestigde objective response rate was 32% met mobocertinib versus 30% met chemotherapie; mediane duur van respons was 12,0 versus 8,4 maanden. Kwaliteit-van-leven analyses lieten klinisch relevante langere tijd tot verslechtering zien met mobocertinib vergeleken met chemotherapie voor longcarcinoom-symptomen, cognitief functioneren, en obstipatie.

De onderzoekers concluderen dat EXCLAIM-2 niet het primaire eindpunt bereikte.

1.Jänne PA, Wang B-C, Cho BC et al. First-line mobocertinib versus platinumm-based chemotherapy in patients with EGFR exon 20 insertion-positive metastatic non-small cell lung cancer in the phase III EXCLAIM-2 trial. J Clin Oncol 2025; epub ahead of print

Summary: The multinational phase 3 EXCLAIM-2 trial found that mobocertinib was not superior to platinum-based chemotherapy as first-line treatment of patients with EGFR ex20ins+ locally advanced or metastatic NSCLC.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

SEER- en Medicare-database analyse van uitkomsten na chirurgie voor vroeg-stadium longcarcinoom in tachtigplussers (0)
2025-01-30 14:30   ( Nieuws )
Tags:  early-stage lung cancer in octogenarians outcomes after surgery
Prof. Gerard SilvestriGelet op de vergrijzing van de bevolking zullen in toenemende mate tachtigplussers chirurgie ondergaan voor niet-kleincellig longcarcinoom (NSCLC). Een analyse van de SEER- en Medicare-databases heeft de met gevorderde leeftijd samenhangende risico’s van chirurgisch management voor LC geïnventariseerd. Prof. Gerard Silvestri (Medical University of South Carolina, Charleston) en collega’s publiceren de analyse in het Journal of Thoracic Oncology.1



De onderzoekers identificeerden 4061 tachtigplussers die tussen begin 2006 en eind 2018 chirurgie ondergingen voor stadium IA NSCLC. De één-jaars all-cause mortaliteit onder deze patiënten was meer dan het dubbele van die onder patiënten in de leeftijd van 65 tot en met 69 jaar die chirurgie ondergingen voor stadium IA NSCLC (15,2% versus 7,3%; p<0,001). Tachtigplussers werden meer dan driemaal vaker ontslagen naar een extended skilled nursing facility dan patiënten in de leeftijd van 65 tot en met 69 jaar. In gecorrigeerde analyses was de één-jaar mortaliteit onder tachtigplussers 62% hoger dan onder tachtigminners (RR 1,62; 95%-bti 1,48-1,78) en was de vijf-jaars mortaliteit 52% hoger (HR 1,52; 1,42-1,62).

De onderzoekers concluderen dat na chirurgie voor stadium IA NSCLC, de uitkomsten onder tachtigplussers significant slechter waren dan onder jongere patiënten.

1.Bostock IC, Fox AH, Ward RC et al. Outcomes after surgical management of early-stage lung cancer in octogenerians: an in-depth analysis of a nationally representative cohort. J Thor Oncol 2025.01.020

Summary: Analysis of SEER and Medicare databases found that after surgery for stage IA lung cancer, the one-year all-cause mortality among octagenerians was more than double that of patients aged 65-69 years.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Oppervlakkige curettage plus imiquimod crème versus chirurgische excisie voor nodulair basaal celcarcinoom (0)
2025-01-30 12:47   ( Nieuws )
Tags:  nodular BCC SC versus SE
Dr. Babette VerkouterenEr is geen duidelijkheid over de werkzaamheid van oppervlakkige curettage (SC) gevolgd door imiquimod crème, 5%, voor nodulair basaal celcarcinoom (nBCC). Een secundaire analyse van de gerandomiseerde Surgery Versus Combined Treatment with Curettage and Imiquimod for Nodular Basal Cell Carcinoma studie in twee centra in Nederland heeft vijf-jaars uitkomsten na SC gevolgd door imiquimod vergeleken met die na chirurgische excisie (SE) voor primair nBCC 4 tot 20 mm. Dr. Babette Verkouteren (Maastricht UMC) en collega’s publiceren de analyse in JAMA Dermatology.1


De analyse includeerde 145 nBCC-patiënten (53,1% mannen; mediane leeftijd 68 jaar; IQR 31-89) die werden gerandomiseerd naar SC plus imiquimod (n=73) of SE (n=72). In de SC plus imiquimod-groep werden tijdens vijf jaar follow-up 15 gevallen van behandelfalen gezien (10 tijdens het eerste jaar), vegeleken met één geval in de SE-groep. De vijf-jaars waarschijnlijkheid van vrijblijven van behandelfalen was 77,8% in de SC plus imiquimod-groep en 98,2% na SE (RR 15,93; 95%-bti 2,10-120,64). Het 95% betrouwbaarheidsinterval omvatte de noninferioriteitsmarge van 5,22.

De onderzoekers concluderen dat vijf-jaars noninferioriteit van SC plus imiquimod ten opzicht van SE niet kan worden uitgesloten, hoewel SC plus imiquimod aanzienlijk minder effectief was dan SE (visual abstract).

1.Verkouteren BJA, Nelemans PJ, Sinx KAE et al. Imiquimod cream preceded by superficial curettage vs surgical excision for nodular basal cell carcinoma. A secondary analysis of a randomized clinical trial. JAMA Dermatology (2025) 2024.5572

Summary: Secondary analysis of the randomized SCIN trial, at two centers in The Netherlands, compared efficacy of superficial curettage (SC) followed by imiquimod cream versus surgical excision (SE) for nodular basal cell carcinoma. The 5-year probability of remaining free from treatment failure was 77.8% after SC plus imiquimod and 98.2% after SE. The RR for treatment failure was 15.93, with a 95% CI of 2.10-120.64, which did not exclude the prespecified noninferiority relative risk margin of 5.22.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Associatie tussen DDR-genmutaties en uitkomsten met chemotherapie met of zonder immuuntherapie voor galwegcarcinoom (0)
2025-01-29 16:00   ( Nieuws )
Tags:  BTC DDR gene mutations
Er is geen duidelijkheid over de associatie tussen mutaties in DNA damage response and repair (DDR)-genen en de klinische uitkomsten van behandeling van galwegcarcinoom (BTC). Een retrospectieve studie van Sichuan Universiteit (Chengdu, China) heeft deze associatie geïnventariseerd. Prof. Hongfeng Gou en collega’s publiceren de studie in Cancer.1

De studie includeerde 180 BTC-patiënten met beschikbare next-generation sequencing data. DDR-mutaties werden gevonden in 28,3% van de patiënten, met name in de genen ATM (7,8%), BAP1 (5,6%), en BRCA2 (3,3%). Onder de patiënten die eerstelijns platina-gebaseerde chemotherapie kregen was DDR-mutatiepositiviteit vergeleken met negativiteit geassocieerd met significant hogere objective response rate (50,0% versus 14,9%; p=0,001), langere mediane progressievrije overleving (7,7 versus 3,8 maanden; p=0,001), en langere mediane overall survival (28,6 versus 11,9 maanden; p<0,001). In multivariate analyse was DDR-mutatiepositiviteit onafhankelijk geassocieerd met langer mPFS (HR 0,37; p<0,001) en mOS (HR 0,19; p<0,001). Onder de patiënten die chemotherapie plus immuuntherapie kregen was DDR-mutatiepositiviteit geassocieer met hogere ORR (45,3% versus 8,3%; p=0,001), langer mPFS (7,7 versus 3,8 maanden; p=0,009), en langer mOS (12,7 versus 8,8 maanden; p=0,011). In multivariate analyse was ook onder deze patiënten DDR-mutatiepositiviteit onafhankelijk geassocieerd met langere mPFS (HR 0,34; p=0,005) en mOS (HR 0,23; p=0,004).

De onderzoekers concluderen dat mutaties in DDR-genen geassocieerd waren met betere uitkomsten onder patiënten die chemotherapie met of zonder immuuntherapie kregen voor galwegcarcinoom.

1.Tan S, Feng M, Zhou N et al. DNA damage response and repair gene mutations predict clinical outcomes in biliary tract cancer. Cancer 2025.35726

Summary: A retrospective study at Sichuan University (Chengdu, China) found that deleterious DDR gene mutations are associated with improved clinical outcomes among patients receiving chemotherapy with or without immunotherapy for biliary tract cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)