Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Retrospectieve cohortstudie van biomarker-specifieke overleving en medicatiekosten onder aNSCLC-patiënten (0)
2025-06-11 12:30   ( Nieuws )
Tags:  aNSCLC biomarker-specific survival medication cost
Dr. Shi-Yi WangGerichte behandelingen en immuuntherapie verlengen de overleving van patiënten met gevorderd niet-kleincellig longcarcinoom (aNSCLC) maar zijn geassocieerd met hoge kosten. Een USA-brede retrospectieve cohortstudie heeft biomarker-specifieke overleving en medicatiekosten van aNSCLC-patiënten geïnventariseerd. Dr. Shi-Yi Wang (Yale School of Public health, New Haven CT) en collega’s publiceren de studie in JAMA Network Open.1

Het cohort bestond uit 26.635 patiënten met gegevens in de Flatiron Health database, met een diagnose aNSCLC tussen begin 2016 en eind 2022, en follow-up tot eind september 2023. De gemiddelde leeftijd bij diagnose was 68,9 ± 10,0 jaar; 52% van de patiënten waren mannen. De patiënten werden gecategoriseerd op basis van aanwezigheid van driver-veranderingen, inclusief ALK-rearrangement, BRAF-variatie, of EGFR-variatie, terwijl patiënten zonder deze veranderingen onderverdeeld werden in drie groepen op basis van hun PD-L1 expressie (<1%, 1% tot 50%, en ≥ 50%).

De figuur laat de overall survival en de medicatiekosten voor de onderscheiden groepen zien. De mediane overall survival was 39,9 maanden onder patiënten met ALK-rearrangement; 27,0 maanden onder patiënten met EGFR-variatie; 18,7 maanden onder patiënten met BRAF-variatie; en 12,3 maanden respectievelijk 13,7 maanden en 16,2 maanden onder patiënten in de drie PD-L1 expressiegroepen. De medicatiekosten per één- of twee-jaar overleving voor patiënten zonder driver-veranderingen was consistent hoger dan voor patiënten met driver-veranderingen.

De onderzoekers concluderen dat er behoefte is aan ontwikkeling van meer-betaalbare en effectieve medicatie voor aNSCLC-patiënten zonder driver-veranderingen.

1.Tan J, Yang S-C, Dinan MA et al. Biomarker-specific survival and medication cost for patients with non-small cell lung cancer. JAMA Network Open 2025;8:e2514519

Summary: A retrospective cohort study using the Flatiron Health database investigated biomarker-specific survival and medication cost for patients with advanced non-small cell lung cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

SEER-database analyse van incidentie van appendix-adenocarcinoom in geboortecohorten in de Verenigde Staten (0)
2025-06-11 12:00   ( Nieuws )
Tags:  AA incidence in US birth cohorts
Dr. Caitlin MurphyEr zijn aanwijzingen voor een toename van de incidentie van appendix-adenocarcinoom (AA) in de Verenigde Staten. Een analyse van de SEER-database heeft de incidentie in verschillende vijf-jaars geboortecohorten geïnventariseerd. Dr. Caitlin Murphy (University of Texas Health Science Center, Houston) en collega’s publiceren de studie in Annals of Internal Medicine.1

De analyse includeerde 4858 personen in de leeftijd van 20 jaar of ouder met een diagnose AA tussen begin 1975 en eind 2019. De leeftijd-specifieke incidentie van AA werd voor vijf-jaars leeftijdsgroepen en tijdsperioden vergeleken met een 1945-geboortecohort (geboren tussen begin 1941 en eind 1949). Vergeleken met het 1945-geboortecohort was de AA-incidentie meer dan verdrievoudigd (IRR 3,41; 95%-bti 2,54-4,56) in het 1980-geboortecohort en meer dan verviervoudigd in het 1985-geboortecohort (4,62; 3,12-6,82). Deze toename werd gezien voor alle histologische types van AA.

De onderzoekers concluderen dat er sterke niet-verklaarde geboortecohort-effecten zijn in de incidentie van AA.

1.Hollowatyj AN, Washington MK, Goldberg RM, Murphy CC. Birth cohort effects in appendiceal adenocarcinoma incidence across the United States. Ann Intern Med 2025;178:

Summary: Analysis using the SEER database found that compared to the 1945 five-year birth cohort, the incidence of appendiceal adenocarcinoma more than tripled among the 1980 birth cohort and more than quadrupled among the 1985 birth cohort.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

IPD meta-analyse van werkzaamheid van immuuncheckpointremmers voor PD-L1 negatief niet-kleincellig longcarcinoom (0)
2025-06-10 15:00   ( Nieuws )
Tags:  PD-L1 negative NSCLC ICIs
Dr. Matteo RotaOndanks recente vordering in de behandeling van niet-kleincellig longcarcinoom blijft PD-L1 negatieve ziekte een therapeutische uitdaging. Een individual participant data meta-analyse heeft de werkzaamheid van immuuncheckpointremmers (ICIs) voor PD-L1 negatief NSCLC geïnventariseerd. Dr. Matteo Rota (Universiteit van Brescia, Italië) en collega’s publiceren de analyse in Lung Cancer.1

De analyse includeerde 43 fase 1- tot en met 3-studies die ICI-gebaseerde behandelingen voor PD-L1 negatief NSCLC vergeleken. De studies telden tezamen 7039 patiënten. Alleen-ICIs resulteerden in meta-analyse in een objective response rate van 11%, terwijl combinatie van ICIs met chemotherapie resulteerde in de hoogst ORR (48%). De ORR met combinatie van ICIs was 23% en de ORR met alleen chemotherapie was 22%. De mediane progressievrije overleving was 2,3 maanden met alleen ICI; 6,8 maanden met ICIs plus chemotherapie; en 5,7 maanden met combinatie van ICIs; terwijl de mediane overall survival in deze drie groepen 10,1 maanden respectievelijk 15,6 maanden en 17,6 maanden was. In netwerk meta-analyse resulteerde pembrolizumab plus platina-gebaseerde chemotherapie in de hoogste ORR en 45% betere PFS vergeleken met alleen chemotherapie.

De onderzoekers concluderen dat combinatietherapie, in het bijzonder ICIs met chemotherapie, resulteerden in significante verbetering van ORR, PFS, en OS onder patiënten met PD-L1 negatief NSCLC.

1.Gemelli M, Cortinovis D, Carola G et al. Efficacy of immune checkpoint inhibitors (ICIs) in PD-L1 negative non-small cell lung cancer (NSCLC) – a meta-analysis based on reconstructed individual participant data. Lung Cancer 2025.108621

Summary: Individual participant data meta-analysis of phase 1, 2, and 3 studies found that combination therapies of ICIs with chemotherapy significantly improve ORR, PFS, and OS in PD-L1 negative NSCLC.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Retrospectieve cohortstudie van real-world uitkomsten met adjuvant nivolumab voor spierinvasief urotheelcarcinoom (0)
2025-06-10 13:30   ( Nieuws )
Tags:  MIUC adjuvant nivolumab
Dr. Alexander Chehrazi-RaffleDe multinationale fase 3-studie CheckMate 274 liet zien dat na radicale chirurgie voor spierinvasief urotheelcarcinoom (MIUC) adjuvant nivolumab vergeleken met placebo resulteerde in verlenging van de ziektevrije overleving. Een retrospectieve cohortstudie heeft real-world uitkomsten met deze behandeling geïnventariseerd. Dr. Alexander Chehrazi-Raffle (City of Hope Comprehensive Cancer Center, Duarte CA) en collega’s publiceren de studie in JAMA Network Open.1

De USA-brede studie op basis van retrospectief review van dossiers includeerde patiënten na resectie van stadium II tot en met IIIB MIUC die tussen begin september 2021 en eind november 2002 adjuvant nivolumab begonnen en tenminste zes maanden follow-up hadden of binnen zes maanden na het begin van de adjuvante behandeling overleden. De primaire eindpunten van de studie waren ziektevrije overleving en overall survival.

De studie includeerde 253 patiënten (mediane leeftijd bij diagnose 67,8 jaar; IQR 61,5-72,4; 66,8% mannen) onder wie 141 neoadjuvante chemotherapie hadden gekregen (55,7%). De mediane follow-up na de start van adjuvant nivolumab was 12,8 maanden (IQR 9,6-15,4). Tijdens de adjuvante behandeling hadden 52 patiënten (20,6%) een adverse event. Bij de laatste follow-up was de mediane duur van adjuvant nivolumab 11,2 maanden (IQR 8,4-12,0) en hadden 220 patiënten (87,0%) de behandeling gediscontinueerd, voornamelijk vanwege voltooiing van de geplande therapie (74,1%); discontinuering wegens AEs werd gerapporteerd voor tien patiënten (4,5%). De mediane DFS en OS werden niet bereikt; de 12-maands percentages vanaf het begin van de adjuvante behandeling waren 86,3% respectievelijk 90,8%. De uitkomsten waren vergelijkbaar onder patiënten met en zonder neoadjuvante chemotherapie. Bij de laatste follow-up waren 226 patiënten in leven (89,3%) onder wie 209 (92,5% van 226) ziektevrij.

De onderzoekers concluderen dat de real-world klinische uitkomsten met adjuvant nivolumab voor MIUC vergelijkbaar waren met die van CheckMate 274.

1.Barrigán-Carillo R, Ebrahimi H, John WS et al. Clinicl outcomes in patients with muscle-invasive urothelial carcinoma treated with nivolumab. JAMA Netwrok Open 2025;8:e2514427

Summary: A retrospective medical record review cohort study of patients with muscle-invasive urothelial carcinoma found clinical outcomes with adjuvant nivolumab consistent with those observed in the CheckMate 274 trial.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Meta-analyse van studies van impact van patiëntnavigatie op borst- en cervixcarcinoomscreening en follow-up (0)
2025-06-10 11:59   ( Nieuws )
Tags:  screening and follow-up patient navigation
Dr. Heidi NelsonScreenings- en follow-up percentages voor mammacarcinoom en cervixcarcinoom lopen uiteen tussen sociaal-economische en demografische groepen. Patiëntnavigatie programma’s kunnen patiënten helpen barrières in de gezondheidszorg te overwinnen. Een meta-analyse van gepubliceerde studies heeft de impact van patiëntnavigatie op screening en follow-up voor mammacarcinoom en cervixcarcinoom geïnventariseerd. Dr. Heidi Nelson (Kaiser Permanente School of Medicine, Pasadena CA) en collega’s publiceren de analyse in JAMA Internal Medicine.1

In de literatuur tussen begin 2000 en eind september 2024 identificeerden de onderzoekers 42 gerandomiseerde voor het onderwerp relevante studies, met tezamen 39.111 deelnemers, die beschikbaarheid van patiëntnavigatie vergeleken met gebruikelijke zorg of controle. De primaire eindpunten waren percentages patiënten die deelnamen aan screening binnen een jaar na de interventie; secundaire eindpunten waren follow-up percentages binnen twee jaar. Voor mammacarcinoom resulteerde patiëntnavigatie versus vergelijkingsgroepen in hogere percentages screening (RR 1,50; 95%-bti 1,30-1,75; I2=88,0%; 30 studies; 34.744 deelnemers) en follow-up (RR 1,23; 95%-bti 1,15-1,41; I2=12,6%; 3 studies; 1008 deelnemers). Ook voor cervixcarcinoom resulteerde patiëntnavigatie versus vergelijkingsgroepn in hogere percentages screening (RR 1,62; 95%-bti 1,28-2,09; I2=89,6%; 20 studies; 11.820 deelnemers) en follow-up (RR 1,63; 95%-bti 0,86-2,65; I2=69.0%; 2 studies; 401 deelnemers). De voorspelde absolute één-jaars percentages na patiëntnavigatie waren 13,8% hoger voor mammacarcinoomscreening en 15,6% hoger voor cervixcarcinoomscreening dan in de vergelijkingsgroepen.

De onderzoekers concluderen dat de analyse suggereert dat programma’s voor patiëntnavigatie screening en follow-up voor mammacarcinoom en cervixcarcinoom kunnen bevorderden.

1.Nelson HD, Cantor AG, Pappas M et al. Patient navigation services for breast and cervical cancer screening and follow-up. A meta-analysis. JAMA Intern Med 2025.1590

Summary: Results of meta-analysis of published studies suggest that patient navigation services can increase breast and cervical cancer screening and follow-up.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Prospectieve studie van sleutelgat-craniotomie plus stereotactische brachytherapie voor nieuwe hersen-oligometastasen (0)
2025-06-09 15:00   ( Nieuws )
Tags:  MBTs MIKC Cs-131 brachytherapy
Prof. Marcus WareMetastatische hersentumoren (MBTs) zijn de meest-voorkomende intracraniële tumoren, die worden gezien in tot 40% van de patiënten met maligniteiten. Traditionele behandelingen zoals WBRT en SRS hebben beperkingen, waaronder neurocognitieve verslechtering en potentiële hergroei van de tumor. Minimaal-invasieve sleutelgat-craniotomie (MIKC) en Cesium-131 (Cs-131) brachytherapie zijn veelbelovende alternatieven vanwege hun precisie en relatief gering bijwerkingen. Een prospectieve studie van Ochsner Medical Center (New Orleans LA) heeft de combinatie van MIKC en Cs-131 brachytherapie voor nieuw-gediagnostiseerde oligo-MBTs geëvalueerd. Prof. Marcus Ware en collega’s publiceren de studie in het Journal of Neuro-Oncology.1

Tussen begin 2019 en eind 2021 werden in het centrum 21 volwassen patiënten met één tot en met zes nieuw-gediagnostiseerde MBTs en een ECOG performance status 2 of beter behandelde met MIKC en Cs-131 brachytherapie. Het mediane preoperatieve tumorvolume was 10.65 cm3, en de mediane postoperatieve resectieholtevolume was 6,05 cm3. Het één-jaars lokale vrijblijven van progressie (FFP)-percentage was 91,67%, en het één-jaars afstands FFP-percentage was 53,91%. De mediane duur van overleving was 5,9 maanden; mogelijk ongunstig beïnvloed door de concurrente COVID-19 pandemie. Er werden geen gevallen van stralingsnecrose gezien. Er waren significante verbetering in neurologische, functionele, en cognitieve symptomen.

De onderzoekers concluderen dat de combinatie van MIKC met Cs-131 brachytherapie werkzaam is voor lokale tumorcontrole en het verbeteren van uitkomsten onder patiënten met nieuw-gediagnostiseerde oligometastasen in de hersenen.

1.Mahapatra S, Seltzer L, Osorio N et al. A prospective study of minimally invasive keyhole craniotomy and stereotactic brachytherapy for new brain oligometastases. J Neuro-Oncol 2025-05077-y

Summary: A prospective study at Ochsner Medical Center (New Orleans, LA) found that the combination of minimally invasive keyhole craniotomy and Cs-131 brachytherapy is effective for local tumor control and improving functional outcomes in patients with newly diagnosed brain oligometastases.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter retrospectieve studie van focale radiotherapie versus whole-brain radiotherapy voor primair CNS lymfoom (0)
2025-06-09 13:30   ( Nieuws )
Tags:  PCNSL fRT versus WBRT
Dr. Clemens SeidelPrimair CNS lymfoom (PCNSL) is een agressieve ziekte. Gebruik van radiotherapie als onderdeel van de behandeling is gewoonlijk beperkt tot whole-brain radiotherapy (WBRT). Een retrospectieve studie in acht centra in Duitsland heeft uitkomsten met focale radiotherapie (fRT) voor PCNSL vergeleken met uitkomsten met WBRT. Dr. Clemens Seidel (Universiteit Leipzig) en collega’s publiceren de studie in Radiotherapy & Oncology.1

De studie includeerde 151 patiënten die tussen begin 2007 en eind 2023 radiotherapie (RT) kregen voor any stage PCNSL. De mediane leeftijd bij diagnose was 66,5 jaar, en de mediane ECOG performance status was 2. Zevenentwintig patiënten (18%) kregen primaire RT, 49 patiënten (33%) kregen consoliderende RT, en 73% (49%) kregen RT voor recidiverende ziekte. De mediane overall survival gerekend vanaf de diagnose was 24,1 maanden (95%-bti 14,7-33,4) en de mediane OS na voltooiing van de RT was 7,2 maanden (4,5-10,0). Onder de 28 patiënten die fRT kregen was de mediane OS 67,6 maanden vanaf de diagnose, vergeleken met 20,1 maanden onder de 123 patiënten die WBRT kregen (HR 0,5; p=0,016). De mediane OS na RT was ook langer onder de fRT-patiënten dan onder de WBRT-patiënten (44,0 versus 5,8 maanden; HR=0,5; p=0,017). Onder pztiënten met recidiverende ziekte was de mediane PFS 3,8 maanden na fRT vergeleken met 3,0 maanden na WBRT (p=0,164).

De onderzoekers concluderen dat fRT een gunstige behandeloptie kan zijn voor patiënten met PCNSL.

1.Heider S, Allwohn L, Rühle A et al. Comparison of survival and progession after focal- or whole brain radiotherapy in patients with primary CNS lymphoma – Results from a large multicenter analysis of the Germand Society of Radiation Oncology’s Neuro-Radio-Oncology Working Group (DEGRO AG-NRO). Radiotherapy & Oncology 2025-04488-3

Summary: A multicenter retrospective study in Germany found that focal radiotherapy may be a beneficial treatment option for patients with primary CNS lymphoma.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Veranderingen in werksituatie van ouders tijdens en na behandeling van kinderen voor maligniteiten in Zwitserland (0)
2025-06-09 12:00   ( Nieuws )
Tags:  Swiss Childhood Cancer Survivor Study – Parents
Prof. Gisela MichelOuders van kinderen met een maligniteit kunnen tijdens de behandeling en daarna verstoringen in hun werkgelegenheidssituatie ondervinden. De Swiss Childhood Cancer Survivor Study – Parents heeft deze veranderingen geïnventariseerd. Prof. Gisela Michel (Universität Luzern) en collega’s publiceren de studie in Supportive Care in Cancer.1

De onderzoekers stuurden vragenlijsten naar ouders van kinderen met een diagnose van een maligniteit voor de leeftijd van 20 jaar die tenminste vijf jaar na de diagnose in leven waren. De studie includeerde 469 ounders (59% vrouwen) van overlevers gemiddeld 24 jaar na de diagnose. Eenentwintig procent van de ouders rapporteerden veranderingen in hun werksituatie tijdens de behandeling van hun kind: verkorting van de arbeidstijd (52%), stoppen met werken (27%), en onbetaald verlof (21%). Moeders hadden een hogere waarschijnlijkheid van deze veranderingen dan vaders (OR 2,00; p=0,005). De meeste ouders (87%) noemden zorgen voor het zieke kind een reden voor de verandering. Sommige ouders rapporteerden lange-termijn professionele (5%) en financiële (5%) impact van de verandering. Financiële impact was voornamelijk geassocieerd met kinderen die late effecten van de ziekte ervoeren (OR 10,51; p<0,001), recidief vande maligniteit (OR 3,96; p=0,007), en financiële afhankelijkheid van de overlevers (OR 3,64; p=0,005). Professionele impact was geassocieerd met vrouwelijk geslacht (OR 3,26; p=0,029) en verandering van betrekking (OR 2,39; p=0,050).

De onderzoekers concluderen dat sommige ouders van kinderen met maligniteiten in Zwitserland geconfronteerd worden met professionele uitdagingen die kunnen voortduren tot lang na de behandeling.

1.Ospelt M, Kälin S, Schifferli A et al. Parental employment adjustments during and after childhood cancer treatment – a report from the Swiss Childhood Cancer Survivor Study – Parents. Supp Care Cancer 2025;33:556

Summary: The Swiss Childhood Cancer Survivor Study - Parents found that although most parents of children with cancer do not experience lasting effects on employment or finances, some continue to face challenges well into survivorship.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)