Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Uitkomsten met verschillende typen chemoradiotherapie voor lokaal-gevorderd HNSCC (0)
2022-09-23 12:00   ( Nieuws )
Tags:  locally advanced head and neck squamous cell carcinoma
Dr. Lova SunPatiënten met lokaal-gevorderd squameus celcarcinoom van hoofd en hals (LA-HNSCC) die niet in aanmerking komen voor cisplatine krijgen vaak cetuximab-gebaseerde of carboplatine-gebaseerde chemoradiotherapie (CRT). Een multicenter retrospectieve cohortstudie in de Verenigde Staten heeft de verschillende behandelingen vergeleken. Dr. Lova Sun (University of Pennsylvania, Philadelphia) en collega’s publiceren de studie in JAMA Otolaryngology – Head & Neck Surgery.1

De studie is gebaseerd op gegevens in de database van de Veterans Health Administration. De database bevat gegevens van 8290 patiënten met een diagnose niet-metastatisch LA-HNSCC die CRT kregen tussen begin 2006 en eind 2020. De mediane leeftijd bij diagnose was 63 jaar. De patiënten werden gevolgd tot begin maart 2022. Het primaire eindpunt was overall survival.

Van de patiënten in het cohort kreeg 67% cisplatine-gebaseerde CRT. De overige patiënten werden beoordeeld als niet-geschikt voor cisplatine, en kregen carboplatine-gebaseerde CRT (15%) of cetuximab-gebaseerde CRT (18%). Vergeleken met de patiënten in de cisplatinegroep hadden patiënten in de carboplatinegroep en de cetuximabgroep hogere leeftijd, slechtere performance status scores, en hogere comorbiditeitenbelasting. De mediane OS was 74,4 maanden (IQR 22,3-162,2) in de cisplatinegroep; 43,4 maanden (15,3-123,8) in de carboplatinegroep; en 31,1 maanden (12,4-87,8) in de cetuximabgroep. In propensity matched analyse was carboplatine vergeleken met cetuximab geassocieerd met significant betere OS (HR 0,85; p=0,001). Dit verschil was prominent in de subgroep met orofarynx-SCC.

De onderzoekers concluderen dat van Amerikaanse veteranen met niet-metastatisch LA-HNSCC ongeveer 33% niet in aanmerking kwam voor cisplatine-gebaseerde CRT. Onder deze patiënten was carboplatine-gebaseerde CRT geassocieerd met betere OS dan cetuximab-gebaseerde CRT.

1.Sun L, Candelieri-Surette D, Anglin-Foote T et al. Cetuximab-based vs carboplatin-based chemoradiotherapy for patients with head and neck cancer. JAMA Otolaryngol Head Neck Surg 2022.2791

Summary: A retrospective cohort study among US Veterans with nonmetastatic LA HNSCC found that one in three patients was ineligible for cisplatin-based chemoradiotherapy. Among these patients carboplatin-based CRT was associated with better overall survival compared with cetuximab-based chemoradiotherapy.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Associatie tussen margestatus en overlevingsuitkomsten na borstsparende chirurgie voor mammacarcinoom (0)
2022-09-22 15:00   ( Nieuws )
Tags:  breast cancer conservation surgery margin status and survival outcomes
Prof. Nigel BundredEr is geen duidelijkheid over de optimale marges na borstsparende chirurgie (BCS) voor mammacarcinoom. Een systematisch overzicht en meta-analyse van gepubliceerde studies heeft de associatie tussen margestatus en overlevingsuitkomsten geïnventariseerd. Prof. Nigel Bundred (University of Manchester UK) en collega’s publiceren de analyse in BMJ.1

De meta-analyse includeerde 68 studies, gepubliceerd tussen begin 1980 en eind 2021, met tezamen 112.140 patiënten die BCS ondergingen voor stadium I tot en met III mammacarcinoom, en tenminste 60 maanden gevolgd werden. Marges werden gecategoriseerd als involved (tumor on ink), close (geen tumor on ink maar kleiner dan 2 mm), of negative (≥ 2 mm). Over alle studies had 9,4% van de patiënten involved marges en had 17,8% involved of close marges. Het percentage patiënten met afstandsrecidief was 25,4% (95%-bti 14,5-40,6) in patiënten met involved marges; 8,4% (4,4-15,5) in patiënten met involved of close marges; en 7,4% (3,9-13,6) in patiënten met negative marges. Vergeleken met negative marges waren involved marges geassocieerd met verhoogd afstandsrecidief (HR 2,10; p<0,001) en lokaal recidief (1,98; p<0,001); en waren close marges eveneens geassocieerd met verhoogd afstandsrecidief (1,38; p<0,001) en lokaal recidief (2,09: p<0,001); alle analyses na correctie voor adjuvante chemotherapie en radiotherapie.

De onderzoekers concluderen dat involved of close marges na BCS geassocieerd waren met verhoogd afstandsrecidief en lokaal recidief. Op basis van deze resultaten dienen de internationale richtlijnen aangepast te worden (visual abstract).

1.Bundred JR, Michael S, Stuart B et al. Margin status and survival outcomes after breast cancer conservation surgery: prospectively registered systematic review and meta-analysis. BMJ 2022;378:e070346

Summary: Systematic review and meta-analysis of 68 studies (1980-2021; 112,140 patients) found that after breast conserving surgery for early stage, invasive breast cancer, involved or close pathological margins were associated with increased distant recurrence and local recurrence. Surgeons should aim to achieve a minimum clear marging of at least 1 mm. The authors conclude that international guidelines should be revisited.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Meta-analyse van associatie van PIK3CA-mutatiestatus en overleving in gevorderd HR-positief HER2-negatief mammacarcinoom (0)
2022-09-22 13:30   ( Nieuws )
Tags:  HR+ HER2- ABC PIK3CA mutation and survival outcomes
Prof. Hope RugoOngeveer 40% van de patiënten met HR-positief HER2-negatief metastatisch mammacarcinoom (HR+/HER2- MBC) hebben tumoren met PIK3CA-mutaties. De associatie tussen deze mutaties en overlevingsuitkomsten zijn niet duidelijk. Een meta-analyse van gepubliceerde studies heeft de prognostische rol van PIK3CA-mutaties in patiënten met HR+/HER2- MBC onderzocht. Prof. Hope Rugo (University of California San Francisco) en collega’s publiceren de meta-analyse in BMC Cancer.1

Na exclusie van studies waarin patiënten PI3K-gerichte therapie kregen vonden de onderzoekers in de literatuur tussen begin 1993 en mei 2019 elf studies met tezamen 33 studiearmen en 3219 patiënten die in de meta-analyse werden opgenomen. Onder de patiënten waren er 1386 met PIK3CA-mutaties en 1833 met PIK3CA-wildtype. De figuur laat zien dat PIK3CA-mutaties geassocieerd waren met kortere mediane progressievrije overleving, met kortere mediane overall survival, en lagere zes-maands PFS-percentages.

De onderzoekers concluderen dat de meta-analyse suggereert dat onder patiënten met HR+/HER2- MBC PIK3CA-mutaties ongunstige prognostische betekenis hebben.

1.Fillbrunn M, Signorovitch J, André F et al. PIK3CA mutation status, progression and survival in advanced HR+/HER2- breast cancer: a meta-analysis of published clinical trials. BMC Cancer 2022;22:1002

Summary: Meta-analysis of 11 trials (3,219 patients with HR-positive/HER2-negative metastatic breast cancer) found that PIK3CA mutation was associated with shorter PFS and OS.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Fase 2-studie van atezolizumab plus bevacizumab voor niet-resectabel of metastatisch mucosaal melanoom (0)
2022-09-22 12:00   ( Nieuws )
Tags:  advanced mucosal melanoma atezolimuab plus bevacizumab
Prof. Jun GuoAnti-PD-1 monotherapie is standaard voor cutaan melanoom maar heeft slechts geringe werkzaamheid voor mucosaal melanoom. Een multicenter fase 2-studie in China heeft de combinatie van atezolizumab plus bevacizumab als eerstelijns behandeling voor niet-resectabel of metastatisch mucosaal melanoom geëvalueerd. Prof. Jun Guo (Peking University Cancer Hospital and Institute, Beijing) en collega’s publiceren de studie in Clinical Cancer Research.1

De studie includeerde 20 patiënten met niet-resectabel en 23 patiënten met metastatisch mucosaal melanoom. De patiënten kregen intraveneus atezolizumab 1200 mg en bevacizumab 7,5 mg/kg iedere drie weken. Het primaire eindpunt was objective response rate. Op het moment van data cutoff voor de nu gepubliceerde analyse was de mediane follow-up 13,4 maanden. Onder de 40 voor respons evalueerbare patiënten was de ORR 45,0% (95%-bti 29,3-61,5) : één patiënt met complete respons en zeventien met partiële respons. De mediane duur van respons was 12,5 maanden (95%-bti 5,5 – NR), de mediane progressievrije overleving was 8,2 maanden (2,7-9,6) en de mediane overall survival werd niet bereikt (14,4-NR). Het zes-maands PFS-percentage was 53,4% (95%-bti 36,6-67,6), het twaalf-maands PFS-percentage was 28,1% (14,2-43,9), het zes-maands OS-percentage was 92,5% (78,5-97,5), en het twaalf-maands OS-percentage was 76,0% (57.1-87,5). Treatment-related adverse events werden gerapporteerd voor 90,7% van de patiënten, en graad 3 of hoger TRAEs voor 25,6%.

De onderzoekers concluderen dat onder patiënten met niet-resectabel of metastatisch mucosaal melanoom de eerstelijns combinatie van atezolizumab en bevacizumab veelbelovende activiteit had en een manageable veiligheidsprofiel.

  • 1.Mao L, Fang M, Chen Y et al. Atezolizumab plus bevacizumab in patients with unresectable or metastatic mucosal melanoma: a multicenter, open-label, single-arm phase II study. Clin Cancer Res 2022; epub ahead of print

Summary: A multicenter phase 2 study in China found promising efficacy and manageable safety of the first-line combination of atezolizumab and bevacizumab for unresectable or metastatic mucosal melanoma.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Associatie tussen inflammatie en klinische verslechtering na adjuvante chemotherapie in oudere patiënten met mammacarcinoom (0)
2022-09-21 15:00   ( Nieuws )
Tags:  adjuvant chemotherapy for breast cancer in older women inflammation and clinical decline
Dr. Mina SedrakOudere overlevers van mammacarcinoom (BC) hebben een verhoogd risico van klinische verslechtering na adjuvante chemotherapie. Een prospectieve studie in de Verenigde Staten heeft de associatie van inflammatie met deze verslechtering geïnventariseerd. Dr. Mina Sedrak (City of Hope National Medical Center, Duarte CA) en collega’s publiceren de studie in het Journal of Clinical Oncology.1

De studie includeerde vrouwen in de leeftijd van 65 jaar of ouder met stadium I tot en met III BC. Voor aanvang van de chemotherapie (T1) werden gehalten van interleukine-6 (IL-6) en C-reactive protein (CRP) bepaald. Fragiliteitsstatus (op basis van Deficit Accumulation index: robuust, prefragiel, of fragiel) werden bepaald op T1 en na de chemotherapie (T2). Het primaire eindpunt van de studie was chemotherapie-geïnduceerde verslechtering van fragiliteitsstatus van robuust op T1 naar prefragiel of fragiel op T2.

Onder de geïncludeerde patiënten waren er 295 robuust op T1. Zesenzeventig van deze vrouwen (26%) hadden verslechtering van de fragiliteitsstatus tussen T1 en T2; onder wie op T1 66% hoog IL-6 had, 63% hoog CRP had, en 46% zowel hoog IL-6 als hoog CRP. Na correctie voor leeftijd, ras, opleidingsniveau, body mass index, BC-stadium, behandeling, en baseline comorbiditeiten hadden vrouwen met hoog IL-6 en hoog CRP een meer dan drievoudig verhoogd risico van chemotherapie-geïnduceerde verslechtering van de fragiliteitsstatus (versus vrouwen met laag IL-6 en CRP: OR 3,52; p=0,003).

De onderzoekers concluderen dat hoge gehalten van IL-6 en CRP voor aanvang van de chemotherapie geassocieerd waren met chemotherapie-geïnduceerde verslechtering van de fragiliteitsstatus.

1.Ji J, Sun C-L, Cohen HJ et al. Inflammation and clinical decline after adjuvant chemotherapy in older adults with breast cancer: results from the Hurria Older Patients Prospective Study. J Clin Oncol 2022; epub ahead of print

Summary: A prospective study in the USA found that among fit older women receiving adjuvant chemotherapy for breast cancer, high IL-6 and CRP prechemotherapy were associated with chemotherapy-induced decline in frailty status, independent of sociodemographic and clinical risk factors.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Veiligheid van herhaalde borstsparende chirurgie voor klein ipsilateraal recidief van mammacarcinoom (0)
2022-09-21 13:30   ( Nieuws )
Tags:  small ipsilateral breast cancer recurrence after BCS safety of repeat BCS
De meeste patiënten met ipsilateraal recidief van mammacarcinooom (IBTR) na borstsparende chirurgie (BCS) hebben kleine tumoren. Een analyse van de SEER-database heeft veiligheid van herhaalde BCS voor deze patiënten onderzocht. Dr. Bo Xu (Jinan Universiteit, Guangzhou China) en collega’s publiceren de analyse in Cancer.1

In de database voor de periode van begin 1999 tot eind 2005 identificeerden de onderzoekers 3648 patiënten met IBTR na BCS. Onder deze patiënten waren er 2831 (77,6%) die mastectomie ondergingen en 817 (22,4%) die her-BCS ondergingen. In multivariate analyse was her-BCS vergeleken met mastectomie geassocieerd met slechtere overall survival (HR 1,342; 95%-bti 1,084-1,663) en slechtere ziektespecifieke overleving (1,454; 1,004-2,105). Achterwege laten van radiotherapie na her-BCS was geassocieerd met slechtere OS (HR 1,384; 95%-bti 1,110-1,724), in het bijzonder in de groep patiënten met ER-negatief IBTR (1,577; 1,075-2,314). Onder patiënten met ER-positief IBTR was de chirurgische benadering niet onafhankelijk geassocieerd met overleving.

De onderzoekers concluderen dat her-BCS in patiënten met IBTR niet in alle gevallen veilig was. ER-positieve status kan de veiligheid van her-BCS verbeteren, evenals radiotherapie.

1.Li Y, Li W-w, Yuan L, Xu B. Is repeat breast conservation possible for small ipsilateral breast cancer recurrence? Cancer 2022; epub ahead of print

Summary: Analysis of the SEER database found that among women with ipsilateral breast cancer recurrence after breast-conserving surgery, re-BCS compared with mastectomy was associated with worse overall survival and breast cancer-specific survival. In patients with positive ER status the surgical approach was not an independent factor for survival. Radiation therapy was associated with improvement of OS.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Gamma knife radiochirurgie voor meningeomen van de verbinding van falx en tentorium (0)
2022-09-21 12:00   ( Nieuws )
Tags:  meningiomas of the confluence of falx and tentorium GKRS
Dr. Arka MallelaMeningeomen die ontstaan in de confluence of falx and tentorium (CFT) vormen een moeilijk te behandelen subset van meningeomen. Gamma knife radiochirurgie (GKRS) is een effectieve strategie voor intracraniële meningeomen, maar de rol van GKRS voor CFT-meningeomen is niet bekend. Een retrospectieve studie van University of Pittsburgh Medical Center heeft GKRS voor CFT-meningeomen geëvalueerd. Dr. Arka Mallela en collega’s publiceren de studie in het Journal of Neuro-Oncology.1

Tussen begin 1987 en eind 2021 ondergingen in UPMC 2031 patiënten GKRS voor meningeoom. Onder deze patiënten waren er 20 met CFT-meningeoom. Het mediane behandelde tumorvolume was 4,4 cc (IQR 3,5-7,7). De mediane leeftijd van de patiënten was 58 jaar (range 33-83), de mediane duur van de MRI-surveillance was 59 maanden (IQR 34-92), en de mediane duur van follow-up was 92 maanden (IQR 42-201). Het lokale tumorcontrolepercentage was 100% na vijf jaar (n=10) en 83% na tien jaar (n=4). Er waren acht patiënten met stabiel tumorvolume en elf met regressie. Eén patiënt had late progressie na 7,5 jaar, en werd opnieuw behandeld met GKRS. Geen van de patiënten had ongunstige bijwerkingen van de bestraling tijdens de MRI-surveillanceperiode.

De onderzoekers concluderen dat GKRS een waardevolle therapeutische strategie is voor CFT-meningeoom.

1.Abdallah HM, Mallela AN, Wei Z et al. Gamma knife radiosurgery for meningiomas of the confluence of the falx and tentorium. J Neuro-Oncol 2022; epub ahead of print

Summary: A retrospective study at University of Pittsburgh Medical Center showed that gamma knife radiosurgery is a valuable therapeutic strategy for patients with meningiomas of the confluence of the falx and tentorium.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Selpercatinib voor RET-fusiepositief niet-kleincellig longcarcinoom: update van resultaten van LIBRETTO-001 (0)
2022-09-20 15:00   ( Nieuws )
Tags:  LIBRETTO-001 updated results
Dr. Alexander DrilonSelpercatinib is een first-in-class selectieve en potente CNS-actieve RET-kinaseremmer. De multinationale fase 1-2 LIBRETTO-001 registratiestudie evalueerde selpercatinib voor RET-fusiepositief NSCLC in patiënten die al of niet eerder platina-gebaseerde chemotherapie hadden gekregen. In 2020 is gepubliceerd dat met mediaan 12,1 maanden follow-up selpercatinib duurzame intracraniële en extracraniële werkzaamheid had, zowel in niet-eerder behandelde als in eerder behandelde patiënten. Omdat de meeste patiënten op het moment van deze analyse nog progressievrij waren kon de mediane duur van repons en progressievrije overleving niet accuraat beoordeeld worden. Dr. Alexander Drilon (Memorial Sloan Kettering Cancer Center, New York) en collega’s publiceren nu in het Journal of Clinical Oncology een update van de studie, met meer patiënten en langere follow-up.1

De nu gepubliceerde analyse heeft betrekking op 69 behandelings-naïeve patiënten en 247 patiënten die eerder platina-gebaseerde chemotherapie hadden gekregen. Het primaire eindpunt was respons op selpercatinib. De figuur laat zien dat de ORR 84% bedroeg in behandelings-naïeve patiënten (panel A) inclusief complete respons in 6%. De ORR was 61% met 7% complete respons in patiënten die eerder platina-gebaseerde chemotherapie hadden gekregen (panel B). De intracraniële respons in 26 patiënten met meetbare baseline CNS-metastase was 85% met 27% complete respons (panel C). Deze figuur toont de duur van respons (A,B) en progressievrije overleving (C,D) in behandelings-naïeve patiënten (A,C) en in patiënten die eerder platina-gebaseerde chemotherapie hadden gekregen. Het veiligheidsprofiel van selpercatinib was consistent met wat eerder gerapporteerd is.

De onderzoekers concluderen dat ook met langere follow-up selpercatinib resulteerde in robuuste en duurzame respons, inclusief intracraniële activiteit, in behandelings-naïeve en in eerder-behandelde patiënten met RET-fusiepositief NSCLC.

1.Drilon A, Subbiah V, Gautschi O et al. Selpercatinib in patients with RET fusion-positive non-small-cell lung cancer: updated safety and efficacy from the registrational LIBRETTO-001 phase I/II trial. J Clin Oncol 2022; epub ahead of print

Summary: Updated results of LIBRETTO-001 show that selpercatinib continued to demonstrate durable and robust responses, including intracranial activity, in previously treated and treatment-naïve patient with RET fusion-positive NSCLC.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)