Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Multicenter fase 2-studie van durvalumab plus tremelimumab voor gevorderde zeldzame maligniteiten (0)
2024-12-11 16:00   ( Nieuws )
Tags:  advanced rare cancers D plus TM
Dr. Abha GuptaDuale remming van CTLA-4 en PD-L1 is een effectieve strategie gebleken voor verscheidene maligniteiten. Een multicenter fase 2 basket studie in Canada heeft de combinatie van durvalumab (D) en tremelimumab (TM) geëvalueerd voor acht typen gevorderde maligniteiten. Dr. Abha Gupta (Princess Margaret Cancer Centre, Toronto) en collega’s publiceren de studie in eClinicalMedicine.1

De studie includeerde patiënten in acht cohorten: speekselkliercarcinoom, carcinoma of unknown primary met tumor-infiltrerende lymfocyten en/of expressie van PD-L1, mucosaal melanoom, acraal melanoom, osteosarcoom, niet-gedifferentieerd pleiomorfisch sarcoom, heldercellig ovariumcarcinoom (CCCO), en squameus celcarcinoom van het anuskanaal (SCCA). De patiënten hadden gevorderde, metastatische of recidiverende, of niet-resectabele ziekte zonder bekende levensverlengende behandeling, ECOG performance status 0 of 1, en leeftijd zestien jaar of ouder. De patiënten kregen vier cycli D (intraveneus 1500 mg) plus TM (75 mg) iedere vier weken, gevolgd door D iedere vier weken tot ziekteprogressie.


De melanoom-cohorten werden gesloten wegens gebrek aan accrual. De overige cohorten includeerden 138 voor toxiciteit en 128 voor werkzaamheid evalueerbare patiënten. In alle cohoren behalve het osteosarcoomcohort werden duurzame responsen gezien. De overall response rate was 16% (95%-bti 10-23). De hoogste responspercentages werden gezien in het cohort met speekselkliercarcinoom (4 van 20; 20%; 95%-bti 6-44) en CCCO (8 van 39; 21%; 9-37). Vier patiënten hadden graad 4 adverse events en 39 patiënten hadden graad 3 AEs.

De onderzoekers concluderen dat de combinatie van D en TM resulteerde in betekenisvolle responsen onder patiënten met speekselkliercarcinoom of CCCO.

1.Gupta AA, Tinker A, Jonker D et al. Durvalumab and tremelimumab in patients with advanced rare cancer: a multi-centre, non-blinded, open-label phase II basket trial. eClinMed 2024.102991

Summary: A multicenter phase 2 trial in Canada found meaningful responses to durvalumab plus tremelimumab in salivary carcinoma and clear cell carcinoma of the ovary.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multinationale fase 3-studie van tafasitamab plus lenalidomide en rituximab voor recidiverend of refractair folliculair lymfoom (0)
2024-12-11 14:30   ( Nieuws )
Tags:  inMIND trial R R FL
Prof. Laurie SehnEr is behoefte aan meer-werkzame behandelingen voor recidiverend of refractair folliculair lymfoom (R/R FL). De multinationale fase 3-studie inMIND evalueerde het op CD19 gerichte monoklonaal antilichaam tafasitamab in combinatie met lenalidomide en rituximab voor R/R FL. Prof. Laurie Sehn (University of British Columbia, Vancouver, Canada) presenteerde de studie gisteren tijdens de Late-Breaking Abstracts sessie van het ASH congres in San Diego.1



De studie includeerde 548 volwassen patiënten met CD19+ en CD20+ graad 1 to en met 3A R/R FL en ECOG performance status 0 of 1, die tenminste één eerdere lijn van behandeling hadden gekregen waaronder een anti-CD20 monoklonaal antilichaam. De patiënten werden 1:1 gerandomiseerd naar intraveneus tafasitamab 12 mg/kg (n=273) of placebo (n=275) op dagen één, acht, vijftien, en tweeëntwintig van cycli één tot en met drie en op dagen één en vijftien van cycli vier tot en met twaalf, in combinatie met standaard doseringen lenalidomide en rituximab. Het primaire eindpunt was door lokale onderzoekers beoordeelde progressievrije overleving.

Op het moment van data cutoff voor de nu gepresenteerde analyse was de mediane duur van follow-up 14,1 maanden. De mediane tijd tot progressie, relapse, of overlijden was 22,4 maanden in de tafasitamabgroep en 13,9 maanden in de placebogroep (HR 0,43; p<0,0001). Ook de PFS beoordeeld door het Independent Review Committee was significant beter met tafasitamab dan met placebo (mediaan niet bereikt versus 16,0 maanden; HR 0,41; p<0,0001). PFS-profijt met tafasitamab boven placebo werd gezien in alle geprespicificeerde subgroepen. De overall survival gegevens waren nog immatuur, maar lieten wel een trend zien van betere OS in de tafasitamabgroep (HR 0,59; 95%-bti 0,31-1,13). Er waren tussen de twee groepen geen significante verschillen in voorkomen van adverse events.

De onderzoekers concluderen dat onder patiënten met R/R FL toevoegen van tafasitamab aan lenalidomide en rituximab resulteerde in significante verbetering van de PFS.

1.Sehn LH et al. ASH Annual Meeting 2024, abstr. LBA1

Summary: The multinational phase 3 inMIND trial found that addition of tafasitamab to lenalidomide and rituximab resulted in significant and clinically meaningful improvement in progressiof-free survival among patients with relapsed or refractory follicular lymphoma.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multinationale fase 3-studie van daratumunab versus actieve monitoring voor hoog-risico smeulend multipel myeloom (0)
2024-12-11 13:00   ( Nieuws )
Tags:  AQUILA trial SMM daratumumab
Prof. Meletios DimopoulosHet anti-CD38 antilichaam daratumumab is goedgekeurd voor de behandeling van multipel myeloom. De multinationale fase 3-studie AQUILA heeft daratumumab vergeleken met actieve monitoring voor patiënten met smeulend multipel myeloom (SMM). Prof. Meletios Dimopoulos (Nationale en Kapodistrische Universiteit, Athene) en collega’s publiceren de studie in The New England Journal of Medicine.1

AQUILA includeerde 390 patiënten met hoog-risico SMM, die werden gerandomiseerd naar subcutaan daratumumab voor 39 cycli (36 maanden) of tot progressie van de ziekte (n=194) of actieve monitoring (n=196). Het primaire eindpunt was progressievrije overleving; progressie tot actief multipel myeloom werd centraal onafhankelijk beoordeeld. De mediane follow-up was 65,2 maanden. Het risico van progressie of overlijden was significant lager in de daratumumabgroep dan in de actieve-monitoringgroep (HR 0,49; p<0,001). De vijf-jaar PFS-percentages waren 63,1% met daratumumab en 40,8% met actieve monitoring. Vijftien patiënten (7,7%) in de daratumumabgroep en 26 patiënten (13,3%) in de actieve-monitoringgroep overleden (HR 0,52; 95%-bti 0.27-0.98). De vijf-jaars OS-percentages waren 93,0% met daratumumab en 86,9% met actieve monitoring. De meest-gerapporteerde graad 3 of 4 adverse event was hypertensie; in 5,7% van de patiënten in de daratumumabgroep en 4,6% van de patiënten in de actieve-monitoringgroep. AEs leidden tot discontinuering van de behandeling in 5,7% van de patiënten in de daratumumabgroep.

De onderzoekers concluderen dat onder patiënten met SMM, subcutaan daratumumab geassocieerd was met significant lager risico van progressie tot actief multipel myeloom of overlijden, en met een significant hogere OS dan actieve monitoring.

1.Dimopoulos MA, Voorhees PM, Schjesvold F et al. Daratumumab or active monitoring for high-risk smoldering multiple myeloma. N Engl J Med 2024; epub ahead of print

Summary: The multinational phase 3 AQUILA trial found that among patients with high-risk smoldering multiple myeloma, subcutaneous daratumumab monotherapy was associated with a significantly lower risk of progression to active multiple myeloma or death and higher overall survival than active monitoring.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Eerstelijns zanubrutinib versus bendamustine-rituximab voor CLL/SLL: mediaan vijf-jaars follow-up van SEQUOIA (0)
2024-12-10 16:00   ( Nieuws )
Tags:  multinational phase 3 SEQUOIA trial
Dr. Mazyar ShadmanDe multinationale fase 3-studie SEQUOIA vergeleek de oraal beschikbare BTK-remmer zanubrutinib versus de combinatie van bendamustine en rituximab (BR) als eerstelijns behandeling voor CLL/SLL. De primaire analyse van de studie, na mediaan 26,2 maanden follow-up, liet zien dat de progressievrije overleving significant beter was in de zanubrutinibgroep dan in de BR-groep. Dr. Mazyar Shadman (Fred Hutchinson Cancer Center, Seattle WA) en collega’s publiceren in het Journal of Clinical Oncology resultaten van de studie na mediaan 61,2 maanden follow-up.1



SEQUOIA werd uitgevoerd in 153 centra in veertien landen. De studie includeerde patiënten in de leeftijd van 65 jaar of ouder, of 18 jaar of ouder met comorbiditeiten, en een ECOG performance status 2 of beter. Patiënten zonder del(17)(p13.1) werden 1:1 gerandomiseerd naar zanubrutinib (n=241) of BR (n=238). Na mediaan 61,2 maanden follow-up was de mediane progressievrije overleving niet bereikt in de zanubrutinibgroep versus 44,1 maanden in de BR-groep (HR 0,29; p=0,0001). Langere PFS met zanubrutinib dan met BR werd gezien onder patiënten met gemuteerde IGHV-genen (HR 0,40; p=0,0003) en patiënten zonder gemuteerde IGHV-genen (HR 0,21; p<0,0001). De mediane overall survival werd in geen van beide armen bereikt, met 60-maands OS-percentages 85,5% in de zanubrutinibgroep en 85,0% in de BR-groep. Er waren geen nieuwe veiligheidssignalen. In de zanubrutinibgroep werd atriumfibrilleren gezien in 7,1% van de patiënten.

De onderzoekers concluderen dat de follow-up resultaten van de studie uitwijzen dat onder patiënten met niet-eerder behandeld CLL/SLL zanubrutinib tot betere resultaten leidde dan BR.

1.Shadman M, Munir T, Robak T et al. Zanubrutinib versus bendamustine and rituximab in patients with treatment-naïve chronic lymphocytic leukemia/small lymphocytic lymphoma: median 5-year follow-up of SEQUOIA. J Clin Oncol 2024-02265

Summary: Median five-year follow-up of the multinational phase 3 SEQUOIA trial showed that among patients with previously untreated CLL/SLL, the oral BTK inhibitor resulted in longer progression-free survival compared with the combination of bendamustine-rituximab.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter fase 2-studie van eerstelijns acalabrutinib, venetoclax, en obinutuzumab voor hoog-risico CLL (0)
2024-12-10 14:30   ( Nieuws )
Tags:  CLL with TP53 aberration AVO
Dr. Matthew DavidsSinds de publicatie van de AMPLIFY-studie wordt vaste-duur acalabrutinib, venetoclax, en obinutuzumab (AVO) gezien als een nieuwe standaard eerstelijns behandeling voor CLL met wildtype TP53. Een multicenter fase 2-studie in de Verenigde Staten heeft eerstelijns AVO geëvalueerd in een CLL-populatie die was verrijkt met patiënten met hoog-risico ziekte, gedefinieerd als TP53-veranderingen. Dr. Matthew Davids (Dana-Farber Cancer Institute, Boston MA) en collega’s publiceren de studie in het Journal of Clinical Oncology.1

De studie includeerde 72 patiënten, onder wie 45 met TP53-verandering, die eerstelijns AVO kregen. Het primaire eindpunt was complete respons (CR) met niet-detecteerbare meetbare residuele ziekte in het beenmerg (BM-uMRD) bij het begin van cyclus 16. Dit eindpunt werd bereikte door 42% van de patiënten met TP53-verandering en 42% van alle geïncludeerde patiënten; de percentages met BM-uMRD waren 71% respectievelijk 78%. Hematologische toxiciteiten waren voornamelijk laaggradig en cardiovasculaire toxiciteiten en bloeding-complicaties waren infrequent. Na mediaan 55,2 maanden follow-up was progressie gezien in tien patiënten, inclusief vier met transformatie, en waren drie patiënten overleden. De vier-jaars percentages voor progressievrije overleving en overall survival waren 70% respectievelijk 96% onder de patiënten met TP53-verandering en 88% respectievelijk 100% onder de patiënten zonder TP53-verandering.

De onderzoekers concluderen dat eerstelijns AVO actief was en verdragen werd onder patiënten met hoog-risico CLL.

1.Davids MS, Ryan CE, Lampson BL et al. A phase II study of acalabrutinib, venetoclax, and obinutuzumab (AVO) in a treatment-naïve CLL population enriched for high-risk disease. J Clin Oncol 2024-02503

Summary: A multicenter phase 2 trial in the United States found activity and tolerability of first-line acalabrutinib, venetoclax, and obinutuzumab (AVO) in a CLL-population enriched for high-risk disease.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Oncologische uitkomsten van patiënten met gelokaliseerd primair hoofd en hals synoviaal sarcoom (0)
2024-12-10 13:00   ( Nieuws )
Tags:  HNSS
Prof. Dejka AraujoSynoviaal sarcoom van hoofd en hals (HNSS) is moeilijk te behandelen vanwege de proximiteit van vitale structuren. Een retrospectieve studie van MD Anderson Cancer Center (Houston TX) heeft oncologische uitkomsten van HNSS na diagnose in het gelokaliseerde stadium geïnventariseerd. Prof. Dejka Araujo en collega’s publiceren de studie in Cancers.1



De studie includeerde 57 patiënten met een diagnose primair HNSS tussen 1981 en 2020 en gelokaliseerde ziekte bij diagnose. De figuur laat zien dat de vijf-jaars percentages voor overall survival (OS), lokaal-recidief vrije overleving (LRFS), en metastasevrije overleving (MFS) 80,4% (95%-bti 66,6-88,9) respectievelijk 67,7% (50,0-80,4) en 50,6% (34,4-64,8) bedroegen. Vergeleken met patiënten die alleen chirurgische resectie ondergingen hadden patiënten die chirurgie plus radiotherapie ondergingen betere LRFS (HR 0,03; 95%-bti 0,001-0,57) en hadden patiënten die (neo)adjuvante chemotherapie plus chirurgie en radiotherapie kregen betere MFS (0,10; 0,01-0,95). Onder patiënten met tumoren van 4 cm of groter hadden patiënten die (neo)adjuvante chemotherapie plus chirurgie en radiotherapie kregen significant betere MFS dan patiënten die alleen chirurgie en radiotherapie kregen (na vijf jaar 53,2% versus 20,0%; p=0,003).

De onderzoekers concluderen dat onder patiënten met gelokaliseerd HNSS perioperatieve radiotherapie lokale controle verbeterde, en dat perioperatieve chemotherapie geassocieerd was met uitstel van metastase.

1.Patel RR, Gopalakrishnan V, Amini B et al. Oncologic outcomes in patients with localized, primary head and neck synovial sarcoma. Cancers 2024;16:4119




  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter fase 3-studie van blinatumumomab voor nieuw-gediagnostiseerd standaard-risico B-cel ALL in kinderen (0)
2024-12-09 16:00   ( Nieuws )
Tags:  AALL1731 trial standard-risk B-cell ALL binatumomab
Prof. Mignon LohB-cel acute lymfatische leukemie (B-ALL) is de meest-voorkomende maligniteit in kinderen. Blinatumomab is een op CD19 en CD3 gericht bispecifieke T-cell engager. De multicenter fase 3-studie AALL1371 in de Verenigde Staten heeft toevoegen van blinatumomab aan chemotherapie voor nieuw-gediagnostiseerd standaard-risico B-ALL in kinderen geëvalueerd. Prof. Mignon Loh (Seattle Children’s Hospital, WA) en collega’s publiceren de studie in The New England Journal of Medicine.1

De studie includeerde 1440 patiënten met gemiddeld of hoog risico van relapse, die werden gerandomiseerd naar vier-weekse cycli van alleen chemotherapie (n=722) of toevoeging van blinatumomab aan chemotherapie tijdens twee niet-achtereenvolgende cycli (n=718). Het primaire eindpunt was ziektevrije overleving. Bij de eerste interimanalyse, na mediaan 2,5 jaar follow-up, adviseerde het Data and Safety Monitoring Committee vroege beëindiging van de studie. Het geschatte drie-jaars ziektevrije-overlevingspercentage was 96,0±1,2% met blinatumomab plus chemotherapie vergeleken met 87,9±2,1% met alleen chemotherapie (verschil in restricted mean survival time 72 dagen; p<0,001). Onder patiënten met gemiddeld risico van relapse was het geschatte drie-jaars ziektevrije overlevingspercentage 97,5±1,3% versus 90,2± 2,3%; en onder patiënten met hoog risico van relapse 94,1±2,5% versus 84,8±3,8%. De overall incidentie van niet-fataal sepsis en katheter-gerelateerde infecties was hoger onder patiënten met gemiddeld risico van relapse die blinatumomab kregen dan onder patiënten die alleen chemotherapie kregen.

De onderzoekers concluderen dat toevoegen van blinatumomab aan chemotherapie voor nieuw-gediagnostiseerd standaard-risico B-ALL in kinderen met gemiddeld of hoog risico van relapse resulteerde in significante verbetering van de ziektevrije overleving.

1.Gupta S, Rau RE, Kairalla JA et al. Blinatumomab in standard-risk B-cell acute lymphoblastic leukemia in children. N Engl J Med 2024; epub ahead of print

Summary: The multicenter phase 3 AALL1731 trial in the USA found that adding blinatumomab to chemotherapy for patients with newly diagnosed childhood standard-risk B-cell ALL of average or high risk of relapse significantly improved disease-free survival.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Fase 2-studie van perioperatief sintilimab plus platina chemotherapie voor potentieel resectabel stadium IIIB NSCLC (0)
2024-12-09 14:30   ( Nieuws )
Tags:  periSCOPE trial potentially resectable stage IIIB NSCLC perioperative sintilimab
Er is geen consensus over verbetering van overall survival door preoperatieve chemotherapie of chemoradiotherapie voor lokaal-gevorderd niet-kleincellig longcarcinoom (NSCLC). De fase 2-studie periSCOPE van Chinese Academy of Medical Sciences en Peking Union Medical College (Shenzhen, China) heeft perioperatief sintilimab plus platina-gebaseerd chemotherapie voor potentieel resectabel stadium IIIB NSCLC geëvalueerd. Dr. Kai Ma en collega’s publiceren de studie in eClinicalMedicine.1

De studie includeerde 30 patiënten met door een multidisciplinair team beoordeeld als potentieel resectabele ziekte. De patiënten kregen twee neoadjuvante cycli van sintilimab plus chemotherapie, na vier tot zes weken gevolgd door chirurgische resectie, en na herstel van chirurgie twee cycli sintilimab plus chemotherapie gevolgd door sintilimab monotherapie als onderhoud. Het primaire eindpunt was majeure pathologische respons (MPR).

Na de neoadjuvante immuunchemotherapie hadden 19 van 30 patiënten radiografische partiële respons, resulterend in een objective response rate van 63,3%. Er waren 26 patiënten (86,7%) met treatment-related adverse events tijdens de neoadjuvante behandeling, maar slechts twee patiënten (6,7%) met graad 3 of hoger TRAEs. Chirurgische resectie kon worden uitgevoerd in 27 patiënten (90%) met een R0-resectiepercentage van 96,4%. Twaalf patiënten (44,4%) in de per-protocol populatie hadden MPR, onder wie zes (22,2%) met pathologisch complete respons. Bij data cutoff voor de nu gepubliceerde analyse was de mediane follow-up 34,7 maanden. De drie-jaars percentages voor gebeurtenisvrije overleving en overall survival waren 42,8% respectievelijk 70,1% in de intention-to-treat populatie en de drie-jaars percentages voor ziektevrije overleving en overall survival in de per-protocol populatie waren 52,5% respectievelijk 70,4%.

De onderzoekers concluderen dat perioperatief sintilimab plus platina-gebaseerde chemotherapie een veelbelovende optie is voor patiënten met potentieel resectabel stadium IIIB NSCLC.

1.Yu K, Huang C, Du L et al. Efficacy and safety of perioperative sintilimab plus platinum-based chemotherapy for potentially resectable stage IIIB non-small cell lung cancer (periSCOPE): an open-label, single-arm, phase II trial. eClinMed 2024.102997

Summary: The phase 2 periSCOPE trial at the Chinese Academy of Medical Sciences and Peking Union Medical College (Shenzhen, China) found that perioperative sintilimab plus platinum-based chemotherapy is a promising option for patients with potentially resectable stage IIIB NSCLC.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)