Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Monitoring van electronisch patiënt-gerapporteerde uitkomsten en vitale functies tijdens T-DXd therapie voor HER2-positief metastatisch mammacarcinoom (0)
2025-08-16 15:00   ( Nieuws )
Tags:  PRO-DUCE trial T-DXd for HER2-positive metastatic breast cancer
Dr. Yuichiro KikawaTrastuzumab deruxtecan (T-DXd) is een nieuwe standaard-behandeling voor HER2-positief metastatisch mammacarcinoom. Deze behandeling kan resulteren in specifieke adverse events die de kwaliteit van leven kunnen beïnvloeden. De gerandomiseerde PRO-DUCE studie, in 38 centra in Japan, heeft de QOL-impact van het monitoren van electronische patiënt-gerapporteerde uitkomsten en vitale functies tijdens de behandeling geëvalueerd. Dr. Yuichiro Kikawa (Kansai Medische Universiteit, Hirakata) en collega’s publicerende studie in JAMA Network Open.1

PRO-DUCE includeerde 111 vrouwen met HER2-positief mBC (gemiddelde leeftijd 57,1 ± 11,0 jaar) die 1:1 werden gerandomiseerd een monitoring-groep (n=56) die vanaf het begin van de T-DXd behandeling wekelijks via smartphone of tablet gegevens over symptomen, dagelijkse lichaamstemperatuur, en percutane zuurstofsaturatie rapporteerden waarna behandelaars bij overschrijding van drempels gealerteerd werden, of naar gebruikelijke zorg (UC; n=55). Het primaire eindpunt was verandering vanaf baseline tot week 24 van EORTC-QLQ-C30. De figuur laat zien dat de score na 24 weken niet significant veranderd was in de monitoring-groep en verslechterd was in de UC-groep. Betere scores met monitoring dan met UC werden gezien voor rol, cognitief, en sociaal functioneren. Ook scores voor vermoeidheid waren beter in de monitoring-groep; de verschillen voor misselijkheid en braken waren niet significant. Er waren geen verschillen tussen de groepen voor overlevingsuitkomsten.

De onderzoekers concluderen dat monitoring van ePROs en vitale functies tijdens T-DXd-therapie voor HER2-positief mBC kan resulteren in betere kwaliteit van leven.

1.Kikawa Y, Uemara Y, Taira T et al. Electronic patient-reported outcomes with vital sign monitoring during trastuzumab deruxtecan therapy. The PRO-DUCE randomized clinical trial. JAMA Network Open 2025;8:e2527403

Summary: The multicenter randomized PRO-DUCE trial in Japan found that electronic monitoring of symptoms and vital signs was associated with improved of quality of life among patients receiving trastuzumab deruxtecan for HER2-positive metastatic breast cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenterstudie van associatie van HIV-infectie met uitkomsten van cervixcarcinoom in de Verenigde Staten (0)
2025-08-16 13:30   ( Nieuws )
Tags:  WLWH cervical cancer
Dr. Alison YoderWomen living with HIV (WLWH) hebben verhoogd risico van cervixcarcinoom. Het is niet bekend of uitkomsten van cervixcarcinoom onder WLWH in het huidige tijdperk van highly active antiretroviral therapy (HAART) verschillen van die van women living without HIV (WWH). Een retrospectieve multicenterstudie in de Verenigde Staten heeft deze uitkomsten geïnventariseerd. Dr. Alison Yoder (MD Anderson Cancer Center, Houston TX( en collega’s publiceren de studie in JAMA Network Open.1




De studie includeerde 62 WLWH met bekende HIV-status voorafgaand aan of tijdens de diagnose cervixcarcinoom en 172 gematchte WWH met cervixcarcinoom . Adherentie aan HAART in de WLWH-groep werd bepaald aan de hand van patiëntendossiers. De adherente groep (WLWH-A) bestond uit 24 vrouwen, terwijl de niet-adherente groep (WLWH-N) 38 vrouwen telde. De mediane duur van follow-up van het gehele cohort was 47 maanden (IQR 39-55). De meeste patiënten hadden stadium III ziekte (51%), en 50% ondergingen chemoradiotherapie. De figuur laat de uitkomsten zien. Er was geen verschil tussen de groepen voor de eindpunten lokale controle en afstandsmetastasevrije overleving. Ziektevrije overleving en overall survival waren niet significant verschillend tussen de groepen WWH en WLWH-A, en waren significant slechter in de groep WLWH-N.

De onderzoekers concluderen dat in het tijdperk van HAART, WLWH met een diagnose cervixcarcinoom curatieve behandeling volgens standaard richtlijnen dienen te krijgen, met aanbeveling van adherentie aan HAART.

1.Yoder AK. Thomas RJ, Huang A et al. Cervical cancer outcomes in women with HIV in the age of antiretroviral therapy. JAMA Network Open 2025;8:e2527389

Summary: A multicenter retrospective study in the USA found no statistically significant differences in outcome of cervical cancer between women living with HIV (WLWH) who were adherent to highly active antiretroviral therapy and women without HIV, whereas WLWH not adherent to HAART had worse outcomes.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Fase 2-studie van neoadjuvant cadonilimab plus chemotherapie voor lokaal-gevorderd hoofd-hals squameus celcarcinoom (0)
2025-08-16 12:00   ( Nieuws )
Tags:  LA HNSCC cadonilimab
Prof. Xuekui LiuCadonilimab is een op PD-1 en CTLA-4 gericht bispecifiek antilichaam. Een fase 2-studie van Sun Yat-sen Universiteit (Guangzhou, China) heeft de neoadjuvante combinatie van cadonilimab en chemotherapie geëvalueerd onder patiënten met resectabel lokaal-gevorderd squameus celcarcinoom van hoofd en hals (LA-HNSCC). Prof. Xuekui Liu en collega’s publiceren de studie in Clinical Cancer Research.1

Tussen begin juli 2023 en eind december 2023 includeerde de studie 30 patiënten (mediane leeftijd 55 jaar; range 26-69; 90% mannen). De patiënten kregen drie neoadjuvante cycli van cadonilimab 10 mg/kg plus docetaxel 75 mg/m2 en cisplatine 60 mg/m2 iedere drie weken. Het primaire eindpunt was objective response rate. De ORR bedroeg 83,3%, met disease control rate 100%. Majeure pathologische respons werd gezien in 76,6% en pathologisch complete respons in 50%. Alle patiënten hadden treatment-related adverse events, met graad 3 TRAEs in zeven patiënten (23,3%). Op het moemnt van data cutoff voor de nu gepubliceerde analyse, dertien maanden na inclusie van de laatste patiënt, waren gegevens voor progressievrije overleving en overall survival nog niet matuur.

De onderzoekers concluderen dat neoadjuvant cadonilimab plus chemotherapie resulteerde in gunstige ORR en MPR onder patiënten met LA-HNSCC, met manageable toxiciteit.

1.Cao F, Li Y, Fang Q et al. Cadonilimab (a PD-1/CTLA-4 bispecific antibody) plus neoadjuvat chemotherapy in locally advanced head and neck squamous cell carcinoma: a phase II clinical trial. Clin Cancer Res 2025-1445




  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter fase 2-studie van eerstelijns sinitilimab plus axitinib voor gevorderd fumaraathydratase-deficiënt niercelcarcinoom (0)
2025-08-15 15:00   ( Nieuws )
Tags:  FH-deficient aRCC sintilimab plus axitinib
Prof. Hao ZengFumaraathydratase-deficiënt gevorderd niercelcarcinoom (FH-deficiënt aRCC) is een letale ziekte met slechts beperkte therapeutisch opties. Een multicenter fase 2-studie in China heeft de combinatie van sintilimab en axitinib geëvalueerd voor niet-eerder behandeld FH-deficiënt aRCC. Prof. Hao Zeng (Sichuan Universiteit) en collega’s publiceren de studie in JAMA Oncology.1

De studie, uitgevoerd in acht centra in China, includeerde patiënten met een ECOG performance status 2 of beter. De patiënten kregen intraveneus sintilimab 200 mg iedere drie weken plus oraal axitinib tweemaal per dag, tot progressie van de ziekte of niet-acceptabele toxiciteit. Primaire eindpunten waren objective response rate en progressievrije overleving.

De mediane leeftijd van de 41 geïncludeerde patiënten was 36 jaar (range 18-75); 24% waren vrouwen. De mediane duur van follow-up was 26,0 maanden (range 0,7-41,6). De ORR was 56% (95%-bti 40-72); de mediane duur van respons werd niet bereikt (23,3-NR); de disease control rate was 73%. De mediane PFS was 19,8 maanden (95%-bti 10,9-NR). Graad 3 of hoger treatment-related adverse events werden gerapporteerd voor dertien patiënten (32%).

De onderzoekers concluderen dat de combinatie van sintilimab en axitinib resulteerde in bemoedigende ORR en PFS met manageable veiligheid onder patiënten met niet-eerder behandeld FH-deficiënt aRCC.

1.Zhang X, Liu H, Liang J et al. Sintilimab plus axitinib for advanced fumarate hydratase-deficient renal cell carcinoma. A phase 2 nonrandomized clinical trial. JAMA Oncol 2025.2497

Summary: A multicenter phase 2 trial in China found encouraging ORR and PFS with manageable safety of the combination of sintilimab and axitinib among patients with previously untreated FH-deficient advanced renal cell carcinoma.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter fase 2-studie van pembrolizumab voor niet-resectabel desmoplastisch melanoom (0)
2025-08-15 13:30   ( Nieuws )
Tags:  SWOG S1512 unresectable desmoplastic melanoma pembrolizumab
Dr. Kari KendraDesmoplastisch melanoom heeft een hoge tumormutatiebelasting, hetgeen zou kunnen resulteren in hoge responsepercentages op anti-PD-1 therapie. De multicenter fase 2-studie SWOG S1512 evalueerde pembrolizumab monotherapie voor desmoplastisch melanoom in twe cohorten. Dr. Kari Kendra (Ohio State University, Columbus) en collega’s publiceren in Nature Medicine resultaten in cohort B, dat patiënten met niet-resectabele ziekte includeerde.1

De 27 patiënten in het cohort kregen intraveneus pembrolizumab 200 mg iedere drie weken gedurende ten hoogste twee jaar. Het primair eindpunt was het percentage patiënten met complete respons. De complete response rate was 37% (95%-bti 19-58) en de objective response rate was 89% (71-98). De figuur laat zien dat de drie-jaars percentages voor progressievrije overleving, overall survival, melanoom-specifieke progressievrije overleving, en melanoom-specifieke overleving 72% respectievelijk 84%, 84%, en 96% bedroegen. Tien patiënten (37%) hadden graad 3 of 4 adverse events, en negen patiënten (33%) discontinueerden pembrolizumab wegens AEs.

De onderzoekers concluderen dat pembrolizumab monotherapie resulteerde in veelbelovende respons- en overlevingsuitkomsten onder patiënten met desmoplastisch melanoom, maar ook in relatief hoge frequentie van toxiciteiten.

1.Kendra KL, Bellasea SL, Eroglu Z et al. Anti-PD-1 therapy in unresectable desmoplastic melanoma: the phase 2 SWOG S1512 trial. Nature Med 2025-03875-5

Summary: The multicenter phase 2 SWOG S1512 cohort B in the USA found promising response and survival outcomes but also high toxicity rates with pembrolizumab monotherapy for unresectable desmoplastic melanoma.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Retrospectieve studie van uitkomsten met volgende regimes na trastuzumab deruxtecan voor metastatisch mammacarcinoom (0)
2025-08-15 12:00   ( Nieuws )
Tags:  mBC subsequent treatment regimens after T-DXd
Dr. Paolo TarantinoDe meeste patiënten met metastatisch mammacarcinoom (mBC) komen in aanmerking voor behandeling met trastuzumab deruxtecan (T-DXd). De optimale behandeling na T-DXd is niet duidelijk. Een analyse van een electonische patiëntendatabase in de Verenigde Staten heeft uitkomsten met volgende regimes geïnventariseerd. Dr. Paolo Tarantino (Dana-Farber Cancer Institute, Boston MA) en collega’s publiceren de studie in het Journal of the National Cancer Institute.1

In de database identificeerden de onderzoekers 793 patiënten die tussen december 2019 en oktober 2023 behandeling met T-DXd begonnen en vervolgens een andere behandeling kregen. De post-T-DXd behandelingsuitkomsten liepen significant uiteen voor verschillende subtypen, met mediane real-world progressievrije overleving 4,6 maanden voor HER2-positief mBC vergeleken met 3,4 maanden voor HR-positief/HER2-negatief mBC, en 2,8 maanden voor TNBC (p<0,001). De uitkomsten liepen ook significant uiteen voor verschillende typen behandeling (p<0,001). Onder patiënten met HER2-positief mBC liep de mediane rwPFS uiteen van 2,3 maanden met sacituzumab govitecan tot 6,7 maanden met endocriene regimes; onder patiënten met HR-positief/HER2-negatief mBC liep de mediane rwPFS uiteen van 2,5 maanden met sacituzumab govitecan tot 5,9 maanden met eribuline; en onder patiënten met mTNBC werd slechte mediane rwPFS gezien met sacituzumab govitecan (3 maanden), eribuline (2 maanden), en multiagent chemotherapie (2,5 maanden).

De onderzoekers concluderen dat uitkomsten van post-T-DXd behandelingen significant uiteenlopen voor mBC-subtypen en voor typen behandeling.

1.Tarantino P, Lee D, Foldi J et al. Outcomes of subsequent treatment regimens after trastuzumab deruxtecan in patients with metastatic breast cancer. J Natl Cancer Inst 2025.djaf220

Summary: Retrospective analysis of a USA-wide electronic health record-derived database identified real-world outcomes for metastatic breast cancer with various regimens after T-DXd.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Gerandomiseerde studie van CRT versus CT na inductietherapie voor conversie van niet-resectabel pancreascarcinoom (0)
2025-08-14 15:00   ( Nieuws )
Tags:  CONKO-007 unresectable pancreatic cancer
Prof. Rainer FietkauHet is niet duidelijk of na inductiechemotherapie voor niet-resectabel pancreascarcinoom, chemoradiotherapie vergeleken met chemotherapie resulteert in betere conversie naar resectabel pancreascarcinoom. De multicenter fase 3-studie CONKO-007 in Duitsland heeft beide behandelingen vergeleken. Prof. Rainer Fietkau (Friedrich-Alexander-Universität, Erlangen) en collega’s publiceren de studie in het Journal of Clinical Oncology.1

CONKO-007 includeerde 495 patiënten met niet-resectabele tumoren, die inductiechemotherapie kregen (402 met FOLFIRINOX, 93 met gemcitabine). De 336 patiënten zonder progressie na drie maanden werden gerandomiseerd naar voortzetting van de therapie (CT-groep; n=167) of toevoeging van radiotherapie (CRT-groep; n=169). De resectabiliteit werd centraal beoordeeld door een panel van chirurgen, die chirurgie aanbevolen indien mogelijk. Het primair eindpunt van de studie was aanvankelijk overall survival, maar werd na een interimanalyse gewijzigd in overall R0-resectiepercentage vanwege slow recruitment.

Dit percentage was niet significant verschillend tussen de twee groepen (25% in de CRT-groep versus 18% in de CT-groep; p=0,113). Het percentage patiënten die chirurgie ondergingen was niet verschillend tussen de twee groepen (p=0,91). R0-resectiepercentage onder patiënten die chirurgie ondergingen was hoger na CRT (69,4%) dan na CT (50,0%; p=0,04). Andere resectieparameter (ratio van R0, R1, R2, geen resectie) waren eveneens gunstiger na CRT dan na CT (p=0,02). Tijdens mediaan 76 maanden follow-up werd geen verschil in OS gezien tussen de groepen (HR 0,937; p=0,57). Ondergaan van chirurgie was geassocieerd met langere OS (HR 0,525; p<0,001).

De onderzoekers concluderen dat CRT versus CT niet het overall R0-resectiepercentage of OS verbeterde, maar wel resulteerde in meer-frequente R0-resectie onder patiënten die chirurgie ondergingen.

1.Fietkau R, Ghadmi M, Grützmann R et al. Benefit of chemoradiotherapy versus chemotherapy after induction therapy for conversion of unresectable into resectable pancreatic cancer: the randomized CONKO-007 trial. J Clin Oncol 2025; epub ahead of print

Summary: The multicenter phase 3 CONKO-007 trial in Germany found that after induction chemotherapy for unresectable pancreatic cancer, chemoradiotherapy compared with chemotherapy did not improve overall R0 resection rate or survival, but more ofter enabled R0 resection in surgically treated patients.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Fase 2-studie van neoadjuvant toripalimab plus chemotherapie voor gelokaliseerd dMMR/MSI-H GC/EGJC (0)
2025-08-14 13:30   ( Nieuws )
Tags:  NICE locally advanced gastric or gastroesophageal junction adenocarcinoma
Dr. Guoxin LiLokaal-gevorderde dMMR/MSI-H adenocarcinomen van maag en slokdarm-maagovergang (GC/EGJC) vertonen hoge respons op immuuntherapie. De fase 2-studie NICE, in zes ziekenhuizen in China, heeft neoadjuvant toripalimab (anti-PD-1) in combinatie met capecitabine-oxaliplatine chemotherapie voor lokaal-gevorderd dMMR-MSI-H GC/EGJC geëvalueerd. Dr. Guoxin Li (Zuidelijke Medische Universiteit, Guangzhou) en collega’s publiceren de studie in eClinical Medicine.1

NICE includeerde zestien patiënten, onder wie één met cT2N1, drie met cT3No-3, en twaalf met cT4aN1-3 ziekte. De patiënten kregen vier cycli neoadjuvant toripalimab plus CapeOX chemotherapie, gevolgd door chirurgie met curatieve intentie en tot vier cycli adjuvant toripalimab plus CapeOx. Het primaire eindpunt was percentage patiënten met majeure pathologische respons (MPR; ten hoogste 10% viabele cellen na de neoadjuvante behandeling). Vijftien patiënten voltooiden vier cycli neoadjuvante behandeling; de zestiende patiënt voltooide slechts twee cycli wegens adverse events. In geen van de patiënten werd ziekteprogressie gezien. Eén patiënt had complete klinische respons en zag af van chirurgie; de overige vijftien patiënten ondergingen resectie met R0-resectiepercentage 100%. De figuur laat zien dat het MPR-percentage 93,3% was (14/15), en dat pathologisch complete respons werd gezien in 12 patiënten (pCR rate 80%). Zes patiënten (37,5%) hadden graad 3 of 4 treatment-related adverse events.

De onderzoekers concluderen dat deze resultaten wegens het geringe aantal patiënten should be interpreted with caution, maar dat in deze studie neoadjuvant toripalimab plus CapeOx voor lokaal-gevorderd dMMR/MSI-H GC/EGJC feasible en effectief was.

1.Zhao L, Liu H, Yu J et al. Efficacy and safety of neoadjuvant toripalimab plus chemotherapy in localized deficient mismatch repair/miscrosatellite instability-high gastric or esophagogastric junction adenocarcinoma (NICE): a multicentre, single-arm, exploratory phase 2 study. eClinMed 2025.103421

Summary: The multicenter phase 2 NICE study in China found that neoadjuvant toripalimab combined with CapeOx chemotherapyis feasible for locally advanced dMMR/MSI-H gastric or gastroesophageal junction adenocarcinoma, demonstrating high MPR and pCR rates without unexpected adverse events.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)