
Fudan CUP-001 includeerde patiënten in de leeftijd van 18 tot en met 75 jaar met niet-eerder behandelde CUP en een ECOG performance status 2 of beter, die niet in aanmerking kwamen voor lokale radicale behandeling.De patiënten werden 1:1 gerandomiseerd naar locatie-specifieke behandeling op geleide van de 90-gen expressie-assay of naar empirische chemotherapie (taxaan-platina of gemcitabine-platina). Het primaire eindpunt was progressievrije overleving.
De studie includeerde 182 patiënten (77 vrouwen en 105 mannen); beide groepen telden 91 patiënten. De meest-voorspelde weefsels van ontstaan van CUP in de locatie-specifieke behandelingsgroep waren maag-slokdarm (15%), long (13%), ovarium (12%), cervix (12%), en borst (10%). De mediane follow-up was 33,3 maanden in de locatie-specifieke behandelingsgroep en30,9 maanden in de empirische-chemotherapiegroep. De mediane PFS was 9,6 maanden in de locatie-specifieke behandelingsgroep versus 6,6 maanden in de empirische-chemotherapiegroep (HR 0,68; p=0,017). Graad 3 of hoger treatment-related adverse events werden gezien in 56% van de patiënten in de locatie-specifieke behandelingsgroep en 61% van de patiënten in de empirische-chemotherapiegroep. Er waren geen graad 5 TRAEs.
De onderzoekers concluderen dat locatie-specifiek behandeling op geleide van de 90-gen expressie-assay resulteerde in betere PFS dan emprische chemotherapie.
1.Liu X, Zhang X, Jiang S et al. Site-specific therapy guided by a 90-gene expression assay versus empirical chemotherapy in patients with cancer of unknown primary (Fudan CUP-001: a randomised controlled trial. Lancet Oncol 2024; epub ahead of print
Summary: The randomized Fudan CUP-001 trial at Fudan University (Shanghai, China) found that site-specific therapy guided by the 90-gene expression assay could improve progression-free survival compared with empirical chemotherapy among patients with previously untreated cancer of unknown primary.
Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie. (Login)