
De studie includeerde 102 patiënten na chirurgische resectie van stadium 3 of oligometastisch stadium 4-melanoom, die adjuvante anti-PD-1 therapie (n=46), BRAF/MEK-remmertherapie (n=30), of actieve surveillance (AS, n=26) kregen. Het primaire eindpunt van de studie was recidiefvrije overleving. Gedurende gemiddeld 17 maanden follow-up werd recidief gezien in 20% van de anti-PD-1 patiënten, 13% van de BRAF/MEKi-patiënten, en 42% van de AS-patiënten. De mediane RFS was significant langer met anti-PD-1 (15,3 maanden; IQR 8,2-23,2; p=0,04) en met BRAF/MEKi (17,9 maanden; IQR 12,5-23,0; p=0,01) dan met AS (11,9 maanden; IQR 7,0-17,6). In de anti-PD-1 groep werden adverse events gezien in 54% van de patiënten, significant minder dan in de BRAF/MEKi-groep (80%; p=0,03).
De onderzoekers concluderen dat na chirurgische resectie van stadium 3 of 4-melanoom adjuvante therapie met anti-PD-1 of BRAF/MEKi resulteerde in significante verbetering van de RFS (vergeleken met AS). De frequentie van AEs was significant hoger met BRAF/MEKi dan met anti-PD-1.
1.Rauwerdink DJW, Molina G, Tompers Frederick D et al. Adjuvant therapy failure patterns in the modern era of melanoma management. Ann Surg Oncol 2020; epub ahead of print
Summary: A real-world study at Massuchetts General Hospital (Boston) found that after resection of stage 3 or 4 melanoma, adjuvant anti-PD-1 or BRAF/MEK inhibitor therapy was associated with significantly improved recurrence-free survival (compared with active surveillance). The BRAF/MEKi group had significantly more AEs than the anti-PD-1 group.