
De studie randomiseerde mannen met prostaatcarcinoom naar RT met of zonder vier maanden ADT. Voor de nu gepubliceerde analyse werden pathologierapporten van 1068 patiënten met intermediair-risico ziekte bestudeerd. Op grond van Gleason score, percentage van positieve biopsie cores, en aantal risicofactoren werden 377 patiënten beoordeeld als favorable intermediate-risk (FIR)-patiënten en 513 als unfavorable intermediate-risk (UIR); de overige 177 patiënten konden niet beoordeeld worden. De gemiddelde leeftijd van de patiënten in de analyse was 70,3 jaar (SD 6,1). Eindpunt van de analyse waren afstandsmetastase (DM), prostaatcarcinoom-specifieke mortaliteit (PCSM), en all-cause mortaliteit (ACM).
De mediane duur van de follow-up was 17,8 jaar. Vergeleken met FIR-patiënten hadden UIR-patiënten hoger risico van DM (HR 2,36; p=0,001), PCSM (HR 1,84; p=0,001) en ACM (HR 1,19; p=0,03). De figuur toont de resultaten van de analyse van toevoegen van ADT aan RT. In de groep FIR-patiënten resulteerde toevoegen van ADT aan RT niet in betere DM (HR 1,55; p=0,33), PCSM (HR 0,63; p=0,13), of ACM (HR 1,02; p=0,90). In de groep UIR-patiënten resulteerde toevoegen van ADT aan RT wel in betere DM (HR 0,48; p=0,008) en PCSM (HR 0,40; p<0,001) maar niet ACM (HR 0,84; p=0,09).
De onderzoekers concluderen dat binnen de groep patiënten met intermediair-risico prostaatcarcinoom twee subgroepen kunnen worden onderscheiden, met versus zonder profijt van toevoegen van ADT aan RT.
1.Zumsteg ZS, Spratt DE, Daskivich TJ et al. Effect of androgen deprivation on long-term outcomes of intermediate-risk prostate cancer stratified as favorable or unfavorable. A secondary analysis of the RTOG 9408 randomized clinical trial. JAMA Network Open 2020.15083
Summary: A secondary analysisof the RTOG 9408 randomized trial found that addition of androgen deprivation therapy ro radiotherapy for intermediate-risk prostate cancer did not improve distant metastasis, prostate cancer-specific mortality, and all-cause mortality in the subgroup with favorable intermediate-risk disease but did improve DM and PCSM in the subgroup with unfavorable intermediate-risk disease.