
In de literatuur tot 12 november 2016 vonden de onderzoekers twaalf voor het onderwerp relevante studies, met 241 CPNI-patiënten en 381 IPNI-patiënten. In gepoolde analyse waren de overall risico’s van lokaal recidief en ziekte-specifieke mortaliteit significant hoger voor patiënten met CSCC en CPNI dan voor patiënten met CSCC en IPNI (lokaal recidief: 37% versus 17%; p<0,001; ziekte-specifiek overlijden: 27% versus 6%; p<0,001). De risico’s van nodale metastase en distante metastase verschilden niet significant tussen beide groepen. De gemiddelde vijf-jaars recidiefvrije overleving was 61% voor patiënten met CSCC en CPNI versus 76% voor patiënten met CSCC en IPNI (p=0,009). De gemiddelde vijf-jaars ziektespecifieke overleving was 70% voor patiënten met CSCC en CPNI versus 88% voor patiënten met CSCC en IPNI (p=0,002).
De onderzoekers concluderen dat patiënten met CSCC en CPNI vergeleken met patiënten met CSCC en IPNI een verhoogd risico hebben van lokaal recidief en ziekte-specifiek overlijden. Patiënten met PNI kunnen profijt hebben van lange-termijn surveillance.
1.Karia PS, Morgan FC, Stamell Ruiz ES et al. Clinical and incidental perineural invasion of cutaneous squamous cell carcinoma. A systematic review and pooled analysis of outcome data. JAMA Dermatol 2017; epub ahead of print