Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Incidentie van colorectaalcarcinoom na aanbeveling van vroeger begin van screening in de Verenigde Staten (0)
2025-08-05 12:00   ( Nieuws )
Tags:  CRC incidence
Dr. Elizabeth SchaferDe American Cancer Society en de US Preventive Services Task Force verlaagden in 2018 respectievelijk 2021 de aanbevolen leeftijd voor het starten van screening op colorectaalcarcinoom (CRC) van 50 naar 45 jaar. Een analyse van de SEER-database heeft de incidentie van CRC in personen jonger dan 55 jaar voor en na deze verlaging geïnventariseerd. Dr. Elizabeth Schafer (American Cancer Society, Atlanta GA) en collega’s publiceren de analyse in JAMA.1

De incidentie van CRC nam sinds 2012 jaarlijks toe met 2,0% per jaar onder personen in de leeftijd van 20 tot 40 jaar en met 2,6% per jaar onder personen in de leeftijd van 40 tot 45 jaar en onder personen in de leeftijd van 50 to 55 jaar. Onder personen in de leeftijd van 45 tot 50 jaar nam de incidentie toe met 1,1% per jaar van 2004 tot en met 2019, gevolgd door een versnelling met 12,0% per jaar gedurende 2019 tot en met 2022. Deze toename werd gedreven door lokaal-stadium tumoren, van 9,4 per 100.000 in 2019 tot 11,7 per 100.000 in 2021 (een 25% relatieve toename) en tot 17,5 per 100.000 in 2022 (50% toename ten opzichte van 2021).

De onderzoekers concluderen dat na verlaging van de aanbevolen screeningsleeftijd een sterke toename heeft plaatsgevonden van de incidentie van lokaal-stadium CRC onder personen in de leeftijd van 45 tot 50 jaar.

1.Schafer EJ, Sung H, Star J et al. Colorectal cancer incidence in US adults after recommendations for earlies screening. JAMA 2025.9147

Summary: A retrospective analysis of SEER data found that after the lowering the recommended age for starting CRC screening from 50 to 45 years, the CRC incidence among individuals aged 45 to 49 years increased sharply, driven by local-stage tumors.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

SEER-database analyse van overlevingtrends in metastatisch PCa, ccRCC, en UCB van 2000 tot en met 2019 (0)
2025-08-04 15:00   ( Nieuws )
Tags:  prostate adenocarcinoma clear cell renal cell carcinoma urothelial carcinoma of the bladder
Prof. Jianzhong AiGedurende de afgelopen twee decennia hebben vorderingen in de behandelingen significante veranderingen teweeg gebracht in het management van metastatisch prostaatcarcinoom, heldercellig niercelcarcinoom, en urotheelcarcinoom van de blaas (PCa, ccRCC, UCB). Onderzoekers van Sichuan Universiteit (Chengdu, China) hebben een analyse van de SEER-database uitgevoerd om de impact van deze veranderingen op de ziektespecifieke overleving van de patiënten te inventariseren. Prof. Jianzhong Ai en collega’s publiceren de analyse in het International Journal of Cancer.1

De figuur laat zien dat er onder patiënten met metastatisch PCa geen statistisch significante verbetering van de ziektespecifieke overleving was tussen 2000-2004 en 2005-2009, maar dat er wel significante verbetering was in 2010-2014 en verdere verbetering in 2015-2019. Onder patiënten met metastatisch ccRCC was er continue verbetering in alle drie de tijdvakken na 2000-2004. Onder patiënten met metastatisch UCB begon de verbetering pas in de periode van 2015-2019. In subgroepanalyses bleek de mate van verbetering van overleving uiteen te lopen tussen verschillende sociaal-economische groepen.

De onderzoekers concluderen dat de ziektespecifieke overleving van Amerikaanse patiënten met metastatisch PCa, ccRCC, en UCB tussen 2000 en 2019 verbeterd is.

1.Tang Y, Han Z, Yi X et al. Survival improvements and disparities in metastatic prostate adenocarcinoma, clear cell renal cell carcinoma, and urothelial carcinoma of the bladder. Int J Cancer 2025,70061




  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter fase 1b-studie van vidutolimod met of zonder pembrolizumab voor PD-1 remmer-resistent melanoom (0)
2025-08-04 13:30   ( Nieuws )
Tags:  vidutolimond
Prof. John KirkwoodEr is behoefte aan nieuwe behandelopties voor patiënten met metastatisch PD-1 remmer-resistent metastatisch melanoom. Vidutolimod is een Toll-like receptor 9 agonist. Een multicenter fase 1b-studie in de Verenigde Staten heeft intratumoraal vidutolimod met of zonder systemisch pembrolizumab voor deze patiënten geëvalueerd. Prof. John Kirkwood (University of Pittsburgh, PA) en collega’s publiceren de studie in Cancer.1

De studie evalueerde twee formuleringen van vidutolimod: PS20-A met 0,005% tot 0,01% polysorbaat 20, en PS20-B met 0,00167% polysorbaat 20. De studie includeerde 98 patiënten die vidutolimod PS20-A plus pembrolizumab kregen, 61 patiënten die vidutolimod PS20-B plus pemobrolizumab kregen, 31 patiënten die vidutolimod PS20-A monotherapie kregen, en 9 patiënten die vidutolimod PS20-B monotherapie kregen. Treatment-emergent adverse events werden gezien in alle patiënten, en graad 3 of 4 TRAEs in 55,3% in de combinatiegroepen en 37,5% in de groepen met vidutolimod monotherapie. De figuur toont de antitumor-activiteit met vidutolimod PS20-A plus pembrolizumab, met BORR 23,5% (95%-bti 15,5-33,1) en complete respons in 7,1%. Met vidutolimod PS20-B was de BORR 11,5% (95%-bti 4,7-22,2) met complete respons in 1,6%, en in de twee gecombineerde armen met vidutolimod monotherapie 20,0% (9,1-35,6). De mediane duur van respons was 25,2 maanden met vidutolimod PS20-A plus pembrolizumab, vergeleken met 11,4 maanden met vidutolimod PS20-B plus pembrolizumab en 5,6 maanden met vidutolimod monotherapie.

De onderzoekers concluderen dat vidutolimod PS20-A alleen of in combinatie met pembrolizumab een acceptabel veiligheidsprofiel had en veelbelovende antitumoractiviteit onder patiënten met PD-1 blokkade-resistent gevorderd melanoom.

1.Milhem MM, Zakharia Y, Davar D et al. Intratumoral vidutolimod as monotherapy or in combination with pembrolizumab in patients with programmed cell death 1 blockade-resistant melanoma: final analysis from a phase 1b study. Cancer 2025.70022

Summary: A multicenter phase 1b study in the United States found acceptable safety and promising antitumor activity of intratumoral vidutolimod PS20-A alone or in combination with pembrolizumab in patients with PD-1 blockader-resistant metastatic melanoma.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Eerstelijns durvalumab plus platina-etoposide voor extensief-stadium SCLC: subgroepanalyses van de fase 3-studie CASPIAN (0)
2025-08-04 12:00   ( Nieuws )
Tags:  ES-SCLC durvalumab plus EP
Prof. Niels ReinmuthDe multinationale fase 3-studie CASPIAN randomiseerde patiënten met extensief-stadium kleincellig longcarcinoom naar eerstelijns durvalumab plus etoposide en carboplatine of cisplatine (EP) of naar alleen EP. In 2019 is gepubliceerd dat de overall survival significant beter was in de groep met durvalumab. Prof. Niels Reinmuth (Asklepios Lungenklinik München-Gauting, Duitsland) en collega’s publiceren nu in Clinical Lung Cancer exploratieve subgroepanalyses van de studie.1

CASPIAN includeerde 537 patiënten (268 in de durvalumab plus EP groep en 269 in de EP groep), onder wie 80,6% versus 19,4% in de leeftijd jonger dan 70 jaar versus 70 jaar of ouder; 69,7% mannen versus 30,4% vrouwen; en cisplatine versus carboplatine in 25,2% versus 74,9%. In de groepen jonger dan 70 jaar en 70 jaar of ouder was de OS-HR met durvalumab plus EP versus alleen EP 0,71 (95%-bti 0,58-0,88) respectievelijk 0,74 (0,49-1,11); in de groepen mannelijke en vrouwelijke patiënten 0,76 (0,62-0,95) respectievelijk 0,60 (0,42-0,84); en in de groepen met cisplatine versus carboplatine 0,65 (0,45-0,94) respectievelijk 0,74 (0,60-0,91).Er waren geen significante verschillen in het voorkomen van graad 3 of 4 adverse events tussen de subgroepen.

De onderzoekers concluderen dat deze resultaten het gebruik van durvalumab plus EP asl eerstelijn behandeling voor ES-SCLC steunen. De subgroep van patiënten in de leeftijd van 70 jaar of ouder was te klein voor het trekken van harde conclusies.

1.Reinmuth N, Goldman JW, Chen Y et al. Durvalumab plus platinum-etoposide in extensive-stage small-cell lung cancer: outcomes in age, sex, and platinum subgroups from the phase 3 CASPIAN study. Clin Lung Cancer 2025.08.001

Summary: Exploratory subgroup analyses of the multinational phase 3 CASPIAN study found that first-line durvalumab plus etoposide and platinum (EP) resulted in better OS compared with EP alone in subgroups defined by sex and platinum agent, while the age ≥ 70 years subgroup size was small preventing robust conclusions.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Vijf-jaars uitkomsten en biomarker-analyses met pembrolizumab-axitinib voor gevorderd heldercellig niercelcarcinoom (0)
2025-08-03 15:00   ( Nieuws )
Tags:  KEYNOTE-426 trial accRCC
Prof. Brian RiniDe multinationale fase 3-studie KEYNOTE-426 randomiseerde patiënten met gevorderd heldercellig niercelcarcinoom voor de duur van twee jaar naar eerstelijns pembrolizumab plus axitinib of sunitinib. In 2019 is gepubliceerd dat overall survival, progressievrije overleving, en objective response rate beter waren in de groep met pembrolizumab-axitinib dan in de groep met sunitinib. Prof. Brian Rini (Vanderbilt-Ingram Cancer Center, Nashville TN) en collega’s publiceren nu in Nature Medicine resultaten van de studie na tenminste vijf jaar follow-up.1

De pembrolizumab-plus-axitinibgroep telde 432 patiënten en de sunitinibgroep 429. Op het moment van de nu gepubliceerde analyse was de mediane follow-up 67,2 maanden (range 60,0-75,0). De figuur laat zien dat ook met lange-termijn follow-up OS, PFS, en ORR beter waren in de combinatiegroep dan in de sunitinibgroep, en dat de verschil werd gezien in de meeste onderscheiden patiëntensubgroepen. In de combinatiegroep werd een 18-genen T-cell-inflamed genexpressieprofiel gezien dat positief geassocieerd was met OS, PFS, en ORR, en in beide armen was een angiogenesesignatuur positief geassocieerd met OS. PD-L1 combined positive score was negatief geassocieerd met OS in de sunitinibgroep.

De onderzoekers concluderen dat ook met langere follow-up de OS, PFS en ORR beter waren in de groep met pembrolizumab plus axitinib dan in de groep met sunitinib, en dat de studie informatie verschaft over biomarkers voor immuuntherapie-gebaseerde behandeling voor gevorderd niercelcarcinoom.

1.Rini BI, Plimack ER, Stus V et al. Pembrolizumab plus axitinib versus sunitinib for advanced clear cell renal cell carcinoma: 5-year survival and biomarker analyses of the phase 3 KEYNOTE-426 trial. Nature Med 2025-03867-5

Summary: Long-term follow-up results of the multinational phase 3 KEYNOTE-426 trial found a sustained benefit with pembrolizumab plus axitinib over sunitinib as first-line treatment for advanced clear cell renal cell carcinoma.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Fase 3-studie van adjuvante hormoontherapie met of zonder chemotherapie voor hoog-risico mammacarcinoom in oudere vrouwen (0)
2025-08-03 12:00   ( Nieuws )
Tags:  ASTER 70s trial
Prof. Etienne BrainHormoontherapie is een standaard adjuvante behandeling voor vrouwen in de leeftijd van 70 jaar of ouder met ER-positief HER2-negatief mammacarcinoom. Er is geen consensus over de rol van chemotherapie in deze setting. De fase 3-studie ASTER 70s, in 84 centra in Frankrijk en België, heeft hormoontherapie met of zonder chemotherapie voor 70-plus vrouwen met ER+ HER2- BC met hoog risico volgens een genomisch signatuur geëvalueerd. Prof. Etienne Brain (Institut Curie, Saint-Cloud, Frankrijk) en collega’s publiceren de studie in The Lancet.1

Tussen april 2012 en april 2016 werden in de deelnemende centra 1696 patiënten gescreen , van wie 1089 patiënten een genomic grade index (GGI) hoog-risico tumor hadden. Deze patiënten werden 1:1 gerandomiseerd naar vier drie-weekse cycli postoperatieve taxaan-gebaseerde of anthracycline-gebaseerde chemotherapie gevolgd door hormoontherapie (‘chemotherapiegroep’; n=541) of alleen hormoontherapie (‘geen-chemotherapiegroep’; n=548). De mediane leeftijd van de patiënten was 75,1 jaar (IQR 72,5-78,7). De mediane follow-up was 7,8 jaar. De overall survival percentages waren 90,5% na vier jaar en 72,7% na acht jaar in de chemotherapiegroep, vergeleken met 89,3% na vier jaar en 68,3% na acht jaar in de geen-chemotherapiegroep (p=0,21). Tenminste één graad 3 of hoger adverse event werd gerapporteerd 34% van de patiënten in de chemotherapiegroep en 9% van de patiënten in de geen-chemotherapiegroep.

De onderzoekers concluderen dat toevoeging van adjuvante chemotherapie aan hormoontherapie voor hoog-risico ER-positief HER2-negatief mammacarcinoom in vrouwen in de leeftijd van 70 jaar of ouder niet resulteerde in significant betere overleving en wel in hogere frequentie van adverse events.

1.Brain E, Mir O, Bourbouloux E et al. Adjuvant chemotherapy and hormonotherapy versus adjuvant hormonotherapy alone for women aged 70 years and older with high-risk breast cancer based on the genomic grade index (ASTER 70s): a randomised phase 3 trial. Lancet 2025-00832-3

Summary: The multicenter phase 3 ASTER 70s trial in France and Belgium found that addition of adjuvant chemotherapy to hormone therapy conferred no survival benefit in women aged 70 years and above with genomic grade index high-risk ER-positive HER2-negative breast cancer, and was associated with higher frequency of adverse events.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Split-dosering chemotherapie plus atezolizumab voor mUC in patiënten die geen kandidaat zijn voor volledige chemotherapiedosering (0)
2025-08-02 15:00   ( Nieuws )
Tags:  SOGUG-AUREA study mUC
Dr. Guillermo de VelascoImmuuncheckpointremmers gecombineerd met platina-gebaseerde chemotherapie is een standaard-behandeling voor gevorderd of metastatisch urotheelcarcinoom (mUC). Niet alle patiënten kunnen volledige dosering chemotherapie verdragen. De fase 2-studie SOGUG-AUREA in twaalf centra in Spanje heeft split-dosering cisplatine en gemcitabine met atezolizumab geëvalueerd voor mUC in patiënten die geen kandidaat zijn voor volledige cisplatinedosering. Dr. Guillermo de Velasco (Hospital Universitario 12 de Octubre, Madrid) en collega’s publiceren de studie in JCO Oncology Advances.1



De studie includeerde patiënten met niet-eerder behandeld mUC die niet in aanmerking kwamen voor volledige cisplatinedosering vanwege gevorderde leeftijd, slechte performance status, if gestoorde nierfunctie. De patiënten kregen tot zes drie-weekse cycli van cisplatine (35 mg/m2) en gemcitabine (1000 mg/m2) op dagen één en acht en atezolizumab 1200 mg op dag één, gevolgd door atezolizumab monotherapie tot progressie, niet-acceptabele toxiciteit, of gebrek aan klinisch profijt. Het primaire eindpunt was objective response rate (ORR). Onder de 66 geïncludeerde patiënten was de ORR 48,5% (95%-bti 36-61) met complete respons in zeven patiënten (10,6%). De mediane duur van respons was 9,2 maanden (95%-bti 5,5-16,8+). De figuur laat de overlevingsuitkomsten zien.

De onderzoekers concluderen dat atezolizumab plus split-dosering chemotherapie resulteerde in duurzame responsen en veelbelovende overlevingsuitkomsten in patiënten met mUC.

1.De Velasco G, Garcia-Caronero I, Esteban-González E et al. Split-dose cisplatin plus atezolizumab for patients with urothelial carcinoma who are considered ineligible for full doses of cisplating (SOGUG-AUREA). JCO Oncology Advances 2025-00033

Summary: The multicenter phase 2 SOGUG-AUREA study in Spain found durable responses and promising survival outcomes with atezolizumab plus split doses of cisplatin and gemcitabine for metastatic urothelial carcinoma in patients ineligible for full doses of chemotherapy.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Retrospectieve studie van IDH-remmers voor recidiverend hooggradig glioom (0)
2025-08-02 13:30   ( Nieuws )
Tags:  recurrent HGG IDH inhibitors
Dr. Carlos Kamiya-MatsuokaEr is geen duidelijkheid over de rol van IDH-remmers in de behandeling van recidiverend hooggradig glioom (rHGG). Een retrospectieve studie van MD Anderson Cancer Center (MDACC, Houston TX) heeft uitkomsten met IDH-remmers voor rHGG geïnventariseerd. Dr Carlos Kamiya-Matsuoka en collega’s publiceren de studie in het Journal of Neuro-Oncology.1

Tussen december 2019 en december 2024 kregen in MDACC 23 rHGG-patiënten IDH-remmers (één ivosidenib, vijf vorasidenib, en één enasidenib). Alle patiënen hadden eerder chirurgie, chemotherapie en radiotherapie ondergaan. De tumoren waren astrocytoom (n=14; vier graad 4 en tien graad 3) en graad 3 oligodendroglioom (n=9). Twee patiënten discontinueerden de IDH-remmers wegens bijwerkingen (verhoogde leverenzymen respectievelijk diarree). De mediane progressievrije overleving na start van de IDH-remmer was 6,8 maanden en de mediane overall survival was 20,7 maanden.



De onderzoekers concluderen dat IDH-remmers goed vedragen werden en werkzaam waren onder patiënten met eerder-behandeld rHGG.

1.Garcia CR, Highsmith K, Knight S et al. Single center experience of IDH inhibitors in recurrent high-grade gliomas. J Neuro-Oncol 2025-05183-x

Summary: A retrospective study at MD Anderson Cancer Center (Houston, TX) found that IDH inhibitors were well tolerated and active in patients with recurrent high-grade gliomas.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)