Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Retrospectieve studie van infliximab voor steroïden-refractaire hepatitis na ICIs voor maligniteiten (0)
2024-07-08 12:00   ( Nieuws )
Tags:  steroid-refractory immune-related hepatitis infliximab
Dr. Egle Ramelyte

Dr. Egle Ramelyte

Immuuncheckpointremmers (ICIs) voor maligniteiten kunnen langdurige respons induceren, maar zijn ook geassocieerd met verhoogd risico van immuungerelateerde bijwerkingen (irAEs). Een relatief frequente irAE is hepatitis, die in veel gevallen goede respons heeft op corticosteroïden. In steroïden-refractaire irHepatitis is nadere therapie vereist. Anti-TNF-antilichamen worden gebruikt voor het management van verschillende irAEs, maar worden niet aanbevolen voor irHepatitis op grond van schaarse rapporten van drug-induced liver injury (DILI). Een retrospectieve studie in het Universiteitsziekenhuis Zürich (Zwitserland) heeft infliximab voor steroïden-refractaire irHepatitis geëvalueerd. Dr. Egle Ramelyte en collega’s publiceren de studie in het Journal for ImmunoTherapy of Cancer.1

De studie includeerde tien patiënten die infliximab 5 mg/kg kregen voor graad 3 (50%) of graad 4 (50%) steroïden-refractaire irHepatitis na ICI-behandeling voor melanoom. De mediane leeftijd bij het ontstaan van irHepatitis was 64,5 jaar. Positieve respons op infliximab werd gedefinieerd als geen verdere toename van ALT/AST boven 50% van het niveau bij de eerste infliximab-infusie en controle van hepatitis zonder behandeling behalve steroïden. ▩ De figuur laat zien dat positieve respons werd gezien in zeven van tien patiënten. In twee patiënten werd toename van ALT/AST boven 50% gezien voordat de irHepatitis gecontroleerd was. Eén van tien patiënten had andere behandeling dan steroïden en infliximab nodig. Bij mediane follow-up van 487 dagen hadden 90% van de patiënten resolutie van irHepatitis zonder AST/ALT-verhoging.

De onderzoekers concluderen dat behandeling van irHepatitis met infliximab niet resulteerde in hepatotoxiciteit en leidde tot langdurige respons in negen van tien patiënten.

1.Burri E, Mangana K, Cheng PF et al. Infliximab in steroid-refractory immune-related hepatitisi does not demonstrate hepatotoxicity and may shorten time on steroids. J ImmunoTher Cancer 2024; epub ahead of print

Summary: A retrospective study at the University Hospital Zurich (Switzerland) found that treatment of immune-related hepatitis with infliximab did not result in hepatotoxicity and led to long-lasting positive response in 9 of 10 cases.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Retrospectieve studie van radiotherapie versus chirurgie na neoadjuvante therapie voor potentieel resectabel stadium III NSCLC (0)
2024-07-07 15:00   ( Nieuws )
Tags:  potentially resectable stage III NSCLC radiotherapy versus surgical resection
Neoadjuvante chemo-immuuntherapie gevolgd door chirurgie is de aanbevolen behandeling voor resectabel niet-kleincellig longcarcinoom (NSCLC). Een aanzienlijk percentage van de patiënten wijst echter chirurgie af. Een retrospectieve studie van de Chinese Academy of Medical Sciences & Peking Union Medical College (Beijing) heeft uitkomsten met radiotherapie versus chirurgie na neoadjuvante chemo-immuuntherapie voor stadium III NSCLC vergeleken. Prof. Mengzhao Wang en collega’s publiceren de studie in Lung Cancer.1

De studie includeerde 175 patiënten die na neoadjuvante chemo-immuuntherapie radiotherapie (n=50) of chirurgie (n=125) ondergingen. In niet-gecorrigeerde analyse was de progressievrije overleving slechter in de radiotherapiegroep (HR 2,23; p=0,008). Na 1:1 propensity score matching (twee groepen van ieder veertig patiënten) was ▩ de mediane PFS 30,8 maanden in de radiotherapiegroep en niet bereikt in de chirurgiegroep (HR 1,46; p=0,390) met 12- en 24-maands PFS-percentages 90,4% respectievelijk 69,0% in de radiotherapiegroep en 94,1% respectievelijk 73,9% in de chirurgiegroep. Er waren geen graad 5 treatment-related adverse events; graad 3 of 4 TRAEs werden gezien in 62,5% van de patiënten in de radiotherapiegroep en 55,0% in de chirurgiegroep.

De onderzoekers concluderen dat radiotherapie een viabel alternatief voor chirurgie kan zijn na chemo-immuuntherapie voor stadium III NSCLC.

1.Li R, Xu Y, Zhao J et al. Comparison of radiotherapy versus surgical resection following neoadjuvant chemoimmunotherapy in potentially resectable stage III non-small-cell lung cancer: a propensity score matching analysis. Lung Cancer 2024.107884

Summary: A retrospective study at the Chinese Academy of Medical Sciences & Peking Union Medical College (Beijing) found that radiotherapy may be a viable alternative to surgery in patients with resectable stage III NSCLC after initial neoadjuvant chemoimmunotherapy.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter fase 2-studie van neratinib plus T-DM1 voor HER2-positief mammacarcinoom met hersenmetastasen (0)
2024-07-07 13:30   ( Nieuws )
Tags:  BCRC trial 022 BCBM neratinib plus trastuzumab emtansine
Dr. Rachel Freedman

Dr. Rachel Freedman

Patiënten met hersenmetastasen van HER2-positief mammacarcinoom (BCBMs) hebben een slechte prognose en weinig behandelingsopties. Preklinische data suggereren dat neratinib resistentie tegen trastuzumab emtansine (T-DM1) zou kunnen verminderen. De multicenter fase 2-studie 22 cohort 4 van het Amerikaanse Translational Breast Cancer Research Consortium heeft de combinatie van neratinib en T-DM1 voor HER2-positieve BCBM geëvalueerd. Dr. Rachel Freedman (Dana-Farber Cancer Institute, Boston MA) en collega’s publiceren resultaten van het cohort in Annals of Oncology.1

Cohort 4 includeerde patiënten in drie groepen: groep 4A telde 6 patiënten met niet-eerder behandelde BCBMs, groep 4B bestond uit 17 patiënten met eerder-behandelde T-DM1-naïeve BCBMs, en groep 4C bestond uit 21 patiënten die eerder T-DM1 hadden gekregen. De patiënten kregen neratinib 160 mg eenmaal daags plus T-DM1 3,6 mg/kg iedere drie weken. Het primaire eindpunt was CNS objective response rate. Deze bedroeg 33,3% (95%-bti 4,1-77,7) in groep 4A; 35,3% (14,2-61,7) in groep 4B; en 28,6% (11,3-52,5) in groep 4C. Stabiele ziekte gedurende tenminste zes maanden of respons werd gezien in 38,1% tot 50% in de drie cohorten. De meest-gerapporteerde graad 3 toxiciteit was diarree (27% van de patiënten). De mediane overall survival was 30,2 maanden (95%-bti 21,9-NR) in groep 4A; 23,3 maanden (17,6-NR) in groep 4B; en 20,9 maanden (14,9-NR) in groep 4C.

De onderzoekers concluderen dat neratinib plus T-DM1 intracraniële activiteit had; ook onder patiënten die eerder T-DM1 hadden gekregen, hetgeen wijst op synergie tussen beide middelen.

1.Freedman RA, Heiling HM, Li T et al. Neratinib and ado-trastuzumab-emtansine for pre-treated and untreated HER2-positive breast cancer brain metastases: Translational Breast Cancer Research Consortium trial 022. Ann Oncol 2024.07.245

Summary: A multicenter phase 2 trial in the USA found intracranial activity of the combination of neratinib and T-DM1 for HER2-positive breast cancer patients with brain metastases.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Kenmerken van patiënten met vertraagde start van adjuvante chemotherapie voor stadium I-IIIA mammacarcinoom (0)
2024-07-07 12:00   ( Nieuws )
Tags:  Optimal Breast Cancer Chemotherapy Dosing Study stage I-IIIA breast cancer
Dr. Elizabeth Kantor

Dr. Elizabeth Kantor

Onder patiënten met mammacarcinoom is start van adjuvante chemotherapie langer dan 89 dagen na de diagnose en langer dan 59 dagen na de chirurgie geassocieerd met hoger risico van recidief en slechtere overleving. De multicenter Optimal Breast Cancer Chemotherapy Dosing Study heeft patiëntkenmerken geïnventariseerd die samenhangen met late start van adjuvante chemotherapie onder patiënten met stadium I tot en met IIIA mammacarcinoom. Dr. Elizabeth Kantor (Memorial Sloan Kettering Cancer Center, New York) en collega’s publiceren resultaten van de studie in het International Journal of Cancer.1

De studie includeerde 10.968 patiënten die adjuvante chemotherapie kregen voor stadium I tot en met IIIA mammacarcinoom tussen begin 2004 en eind 2019. Onder deze patiënten begon de adjuvante chemotherapie langer dan 89 dagen na de diagnose voor 21,1% en langer dan 59 dagen na de chirurgie voor 21,3%. Factoren die geassocieerd waren met late start van de chemotherapie waren hogere leeftijd, non-Hispanic Black ras en Hispanic etniciteit, ER-positieve en/of PR-positieve ziekte. Factoren die geassocieerd waren met lagere waarschijnlijkheid van late start van de chemotherapie waren diagnose in de periode 2012 tot en met 2019 (versus 2005 tot en met 2011), hogere graad, en grotere tumoren. Factoren die specifiek geassocieerd waren met hogere waarschijnlijkheid van late start specifiek vanaf de diagnose waren vroeger stadium en mastectomie versus borstsparende chirurgie, terwijl hogere comorbiditeit en hoger aantal positieve lymfeklieren geassocieerd waren met hogere waarschijnlijkheid van late start specifiek vanaf de chirurgie.

De onderzoekers concluderen dat de studie factoren heeft geïdentificeerd die geassocieerd zijn met late start van adjuvante chemotherapie.

1.Bhimani J, O’Connell K, Persaud S et al. Patient characteristics associated with delayed time to adjuvant chemotherapy among women treated for stage I-IIIA breast cancer. Int J Cancer 2024.35053

Summary: The Optimal Breast Cancer Chemotherapy Dosing Study, at two US integrated healthcare delivery systems investigated patient characteristics associated with delayed time to adjuvant chemotherapy among women treated for stage I-IIIA breast cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Gerandomiseerde fase 2-studie van metronome chemotherapie plus toripalimab voor HER2-negatief metastatisch mammacarcinoom (0)
2024-07-06 15:00   ( Nieuws )
Tags:  HER2-negative mBC metronomic chemotherapy plus toripalimab
Prof. Binghe Xu

Prof. Binghe Xu

Er is geen duidelijkheid over de werkzaamheid van metronome chemotherapie in combinatie met immuuncheckpointremmer (ICI) vergeleken met conventionele chemotherapie in combinatie met ICI. Een multicenter Bayesiaanse adaptieve gerandomiseerde fase 2-studie in China heeft combinaties van metronome en conventionele chemotherapie plus ICI voor HER2-negatief metastatisch mammacarcinoom (mBC) vergeleken. Prof. Binghe Xu (Chinese Academy of Medical Sciences & Peking Union Medical College (Beijing) en collega’s publiceren de studie in Nature Medicine.1

De studie includeerde 97 patiënten die niet meer dan één eerdere lijn standaard chemotherapie hadden gekregen. De patiënten werden gerandomiseerd naar (1) metronoom vinorelbine (NVB) monotherapie (n=11), (2) NVB plus toripalimab (n=7), (3) bevacizumab plus NVB en toripalimab (n=7), (4) conventioneel cisplatine plus NVB en toripalimab (n=26), of (5) metronoom cyclofosfamide plus capecitabine en NVB en toripalimab (VEX-cohort; n=26). Het primaire eindpunt was disease control rate (DCR). De DCR was het hoogst in het VEX-cohort (69,7%) en het cisplatine-cohort (73,7%). De mediane progressievrije overleving was het langst in het VEX-cohort (6,6 maanden), gevolgd door het bevacizumab-cohort (4,0 maanden) en het cisplatine-cohort (3,5 maanden). De vijf regimes werden over het algemeen goed verdragen, met misselijkheid en neutropenie als de meest-frequente adverse events.

De onderzoekers concluderen dat metronome VEX-chemotherapie gecombineerd met PD-1 blokkade een behandelingsoptie kan zijn voor patiënten met HER2-negatief mBC.

1.Mo H, Yu Y, Sun X et al. Metronomic chemotherapy plus anti-PD-1 in metastatic breast cancer: a Bayesian adaptive randomized phase 2 trial. Nature Med 2024-03088-2

Summary: A multicenter phase 2 Bayesian adaptive randomized trial in China found that metronomic chemotherapy plus immune checkpoint blockade can be a treatment option in patients with HER2-negative metastatic breast cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Gebruik van glucagon-like peptide 1 receptoragonisten en risico van obesitas-geassocieerde maligniteiten in diabetespatiënten (0)
2024-07-06 13:30   ( Nieuws )
Tags:  GLP-1RAs OACs
Prof. Nathan Berger

Prof. Nathan Berger

Dertien typen maligniteiten zijn geïdentificeerd als obesity-associated cancers (OACs), in de zin dat obesitas het risico van het ontwikkelen van deze maligniteiten bevordert en/of de prognose van patiënten met deze maligniteiten verslechtert. Glucagon-like peptide 1 receptoragonisten (GLP-1RAs) worden gebruikt voor de behandeling van type 2 diabetes (T2D). Een retrospectieve cohortstudie heeft het risico van OACs met GLP-1RAs versus insuline of metformine voor T2D geïnventariseerd. Prof. Nathan Berger (Case Western Reserve University, Cleveland OH) en collega’s publiceren de studie in JAMA Network Open.1

In een database met gegevens van 113 miljoen Amerikaanse patiënten identificeerden de onderzoekers 1.651.452 patiënten met T2D zonder eerdere OAC-diagnose tussen maart 2005 en december 2018, die GLP-1RAs, insulines, of metformine voorgeschreven kregen (gemiddelde leeftijd 59,8 ± 15,1 jaar; 50,1% mannen en 47,0% vrouwen). ▩ De figuur laat zien dat tijdens ten hoogste vijftien jaar follow-up het risico van tien van dertien OACs significant lager was in de groep patiënten die GLP-1RAs gebruikten dan in de groep patiënten die insulines gebruikten. Vergeleken met metformine waren GLP-1RAs niet geassocieerd met verlaagd risico van enige maligniteit, maar met verhoogd risico van niercarcinoom (HR 1,54: 95%-bti 1,27-1,87).

De onderzoekers concluderen dat de studieresultaten suggereren dat onder T2D-patiënten gebruik van GLP-1RAs vergeleken met insulines geassocieerd was met lager risico van tien van dertien OACs.

1.Wang L, Xu R, Kaelber DC, Berger NA. Glucagon-like peptide 1 receptor agonists and 13 obesity-associated cancers in patients with type 2 diabetes. JAMA Network Open 2024;7:e2421305

Summary: A cohort study of more than 1.6 million patients with type 2 diabetes found that use of glucagon-like peptide 1 receptor agonists compared with insulins was associated with significantly reduced risk of 10 out of 13 obesity-associated cancers.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Retrospectieve studie van dispariteiten in biomarkertesten onder patiënten met metastatisch colorectaalcarcinoom (0)
2024-07-06 12:00   ( Nieuws )
Tags:  mCRC biomarker testing disparities
Dr. Saad Sabbagh

Dr. Saad Sabbagh

Biomarkertesten kunnen bijdragen aan verbetering van de uitkomsten van patiënten met metastatisch colorectaalcarcinoom (mCRC). Een retrospectieve studie heeft sociale en demografische factoren geïnventariseerd die geassocieerd zijn met dispariteiten in het gebruik van deze testen onder mCRC-patiënten in de Verenigde Staten. Dr. Saad Sabbagh (Cleveland Clinic Florida, Weston) en collega’s publiceren de studie in JAMA Network Open.1

In de National Cancer Database identificeerden de onderzoekers 41.061 patiënten (54,5% mannen; gemiddelde leeftijd 62,3 ± 10,1 jaar) met een diagnose mCRC tussen begin 2010 en eind 2017. De eindpunten van de studie waren ontvangst van microsatellite instability (MSI) en KRAS-testen tussen diagnose en start van de initiële therapie. Onder de geïncludeerde patiënten onderging 28,8% KRAS-testen en 43,7% MSI-testen. Factoren die geassocieerd waren met lagere waarschijnlijkheid van MSI-testen was leeftijd zeventig tot tachtig jaar (versus jonger RR 0,70; p<0,001), behandeling in een community center (0,74; p<0,001), rurale woonomgeving (0,80; p<0,001), lager opleidingsniveau in de woonomgeving (0,84; p<0,001), en behandeling in East South Central centra (versus centra in New England 0,67; p<0,001). Voor KRAS-testen werden vergelijkbare patronen gezien. Met mediaan 13,96 maanden follow-up (IQR 3,71-29,34) was het ondergaan van MSI-testen geassocieerd met betere overall survival (HR 0,93; p<0,001).

De onderzoekers concluderen dat de studie sociaal-demografische factoren heeft geïdentificeerd die geassocieerd zijn met dispariteiten in biomarkertesten onder mCRC-patiënten.

1.Sabbagh S, Herrán M, Hijazi A et al. Biomarker testing disparities in metastatic colorectal cancer. JAMA 2024;7:e2419142

Summary: A retrospective cohort study using the National Cancer Database investigated sociodemographic factors associated with disparities in biomarker testing among patients with metastatic colorectal cancer. Factors associated with a reduced likelihood of microsatellite instability and KRAS testing were older age, treatment at community facilities, lower educational level in area of residence, and treatment at South Central regional facilities.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Trastuzumab deruxtecan voor HER2-positief mammacarcinoom met actieve hersenmetastasen: finale resultaten van TUXEDO-1 (0)
2024-07-05 15:00   ( Nieuws )
Tags:  phase 2 TUXEDO-1 trial T-DXd for mBC with active brain metastases
Prof. Matthias Preusser

Prof. Matthias Preusser

De fase 2-studie TUXEDO-1 van de Medische Universiteit van Wenen evalueerde het antibody-drug conjugate trastuzumab deruxtecan voor metastatisch HER2-positief mammacarcinoom met actieve hersenmetastasen. In 2022 is gepubliceerd dat T-DXd resulteerde in een hoog percentage patiënten met intracraniële respons (73,3%). Prof. Matthias Preusser en collega’s publiceren nu in Neuro-Oncology finale overlevingsresultaten van de studie.1

De studie includeerde vijftien volwassen patiënten die T-DXd 5,4 mg/kg iedere drie weken kregen. De mediane follow-up was 26,5 maanden. De mediane progressievrije overleving was 21 maanden (95%-bti 13,3-niet bereikt), en de mediane overall survival werd niet bereikt (22,2-niet bereikt). Met langere follow-up na de publicatie in 2022 werden geen nieuwe veiligheidssignalen gezien. De meest-frequente graad 3 adverse event was vermoeidheid, in 20% van de patiënten. Graad 2 interstitiële longziekte werd gezien in één patiënt (6,7%), en graad 3 LVEF-daling eveneens in één patiënt (6,7%). De kwaliteit van leven bleef stabiel gedurende de behandeling.

De onderzoekers concluderen dat T-DXd veelbelovende activiteit had onder patiënten met hersenmetastasen van HER2-positief mammacarcinoom.

1.Bartsch R, Berghoff AS, Furtner J et al. Final outcome analysis from the phase II TUXEDO-1 trial of trastuzumab-deruxtecan in HER2-positive breast cancer patients with active brain metastases. Neuro-Oncology 2024-noae123

Summary: The phase 2 TUXEDO-1 trial, at the Medical University of Vienna (Austria), found 21 months median PFS and not reached median OS with trastuzumab deruxtecan among patients with HER2-positive breast cancer with active brain metastases.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)