Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Associatie tussen postdiagnostisch aspirinegebruik en overleving van BTCs (0)
2019-10-18 13:00   ( Nieuws )
Tags:  biliary tract cancer aspirin use
Dr. Sarah JacksonBiliary tract cancers (BTCs) hebben een slechte prognose, met een vijf-jaars overleving van 5% tot 10%, en een mediane overleving korter dan een jaar. Meer dan 60% van de patiënten heeft bij presentatie al laat-stadium ziekte (niet-resectabel of metastatisch). Er is behoefte aan interventies die de overleving van BTC kunnen verbeteren. Een analyse van de Clinical Practice Research Datalink van het Verenigd Koninkrijk heeft de associatie onderzocht tussen aspirinegebruik en de overleving van BTC. Dr. Sarah Jackson (National Cancer Institute, Bethesda MD) en collega’s publiceren de analyse online in JAMA Oncology.1

De CPRD bevatte gegevens van 2934 patiënten met een diagnose BTC tussen begin 1990 en eind 2017 zonder eerdere diagnose van een maligniteit (met uitzondering van niet-melanoom huidkanker): 23% van deze patiënten had galblaascarcinoom (GBC), 53% cholangiocarcinoom, 8% ampulla van Vatercarcinoom (AVC), en 16% overlappende lesies van de galweg. Tweeëntachtig procent van de patiënten overleed, median 5,8 maanden (IQR 2-15) na de diagnose. Op het moment van diagnose waren 256 patiënten aspirinegebruikers (9%) en na de diagnose begonnen nog 349 patiënten met gebruik van aspirine (12%). De meerderheid van de aspirinegebruikers (69%) kreeg een 75 mg-dosering voorgeschreven. Vergeleken met niet-gebruikers waren gebruikers van aspirine vaker ouder, vaker gebruikers van statines, en vaker prediagnose-aspirinegebruikers, en hadden ze meer frequent hartziekten en comorbiditeiten.

Gebruik van aspirine was geassocieerd met verlaagd risico van overlijden onder patiënten met GBC (HR 0,63; 95%-bti 0,48-0,83), cholangiocarcinoom (HR 0,71; 95%-bti 0,60-0,85), AVC (HR 0,44; 95%-bti 0,26-0,76) en overlappend BTC (HR 0,68; 95%-bti 0,50-0,92). Gebruikers zonder geschiedenis van prediagnose aspirinegebruik hadden het grootste profijt van postdiagnostisch gebruik, hoewel significant profijt werd gezien in alle gebruikers.

De onderzoekers concluderen dat postdiagnostisch gebruik van aspirine geassocieerd was met langere overleving in patiënten met alle typen BTC.

1.Jackson SS, Pfeiffer RM, Liu Z et al. Association between aspirin use and biliary tract cancer survival. JAMA Oncol 2019; epub ahead of print

Summary: An analysis analysis of the United Kingdom’s Clinical Practice Research Datalink found that among patients with all types of biliary tract cancer postdiagnostic aspirin use was associated with reduced risk of death.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

ctDNA-gehalten als markers van rediciefrisico en profijt van adjuvante therapie in stadium III coloncarcinoom (0)
2019-10-18 12:00   ( Nieuws )
Tags:  stage III colon cance circulating tumor DNA
Dr. Jeanne TieAdjuvante chemotherapie voor stadium III coloncarcinoom is gericht op het eradiceren van minimale residuele ziekte om zo het risico van recidief te verlagen. Het is momenteel niet mogelijk te bepalen welke patiënten een hoog risico van recidief hebben na voltooiing van de adjuvante behandeling. Een cohortstudie van achtereenvolgende patiënten van vijf ziekenhuizen in Australië heeft onderzocht of seriële postchirurgische en post-chemotherapie bepalingen van gehalten van circulerend tumor-DNA (ctDNA) een real time indicatie kunnen geven van het risico van recidief van stadium III coloncarcinoom. Dr. Jeanne Tie (Walter and Eliza Hall Institute of Medical Research, Parkville VIC) en collega’s publiceren de studie online in JAMA Oncology.1

De studie includeerde 100 patiënten, die 24 weken adjuvante chemotherapie ondergingen. Na vier exclusies bestond het cohort uit 49 mannen en 47 vrouwen met een mediane leeftijd van 64 jaar (range 26-82). De mediane duur van de follow-up was 28,9 maanden (range 11,6-4,4). In het tumorweefsel van alle patiënten werd tenminste één somatische mutatie gezien. Na de chirurgie was ctDNA detecteerbaar in 20 van 96 monsters (21%); detectie van ctDNA was geassocieerd met slechtere recidiefvrije overleving (HR 3,8; p<0,001). Ook na correctie voor bekende klinisch-pathologische risicofactoren bleef postchirurgische ctDNA-status geassocieerd met RFS (HR 7,5; p<0,001). Na voltooiing van de chemotherapie werd ctDNA gedetecteerd in monsters van 15 van 88 patiënten (17%). De drie-jaars RFS was 30% in de groep patiënten met postchemotherapie detecteerbaar ctDNA versus 77% in de groep patiënten met postchemotherapie niet-detecteerbaar ctDNA (HR 6,8; p<0,001).

De onderzoekers concluderen dat detectie van ctDNA na chirurgie voor stadium III coloncarcinoom een ongunstige prognostische marker was, en dat detectie van ctDNA na voltooiing van chemotherapie een subgroep patiënten kan identificeren met hoog risico van recidief.

1.Tie J, Cohen JD, Wang Y et al. Circulating tumor DNA analyses as markers of recurrence risk and benefit of adjuvant therapy for stage III colon cancer. JAMA Oncol 2019; epub ahead of print

Summary: A study of consecutive stage III colon cancer patients of five hospitals in Australia found that ctDNA detection after surgery is an adverse prognostic marker. Postchemotherapy ctDNA analysis may identify a patient subset that remains at high risk of recurrence.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Meta-analyse van associatie van psoriasis met incidentie en mortaliteit van maligniteiten (0)
2019-10-17 15:00   ( Nieuws )
Tags:  psoriasis risk of developing or dying of cancer
Prof. Darren AshcroftIn sommige studies zijn aanwijzingen gezien voor een verhoogd risico van maligniteiten in personen met psoriasis. Een systematisch overzicht van gepubliceerde observationele studies en een meta-analyse hebben de waarde van deze aanwijzingen onderzocht. Prof. Darren Ashcroft (The University of Manchester, UK) en collega’s publiceren de meta-analyse online in JAMA Dermatology.1

In de literatuur tot en met 15 november 2017 vonden de onderzoekers 58 voor het onderwerp relevante cohort- en patiënt-controlestudies, die de incidentie en mortaliteit van maligniteiten in mensen met psoriasis vergeleken met die in de algemene bevolking. In de meta-analyse waren ernstige psoriasis (RR 1,22; 95%-bti 1,08-1,39; negen studies) en alle-graden psoriasis (RR 1,18; 95%-bti 1,06-1,31; zeven studies) geassocieerd met een verhoogd risico van overall maligniteiten, met eveneens significant verhoogd risico van site-specific cancers, waaronder maligniteiten van colon, colorectum, nier, larynx, lever, mondholte, slokdarm, pancreas, en lymfoom en non-Hodgkin lymfoom. De overall maligniteiten-gerelateerde mortaliteit was verhoogd in patiënten met ernstige psoriasis (RR 1,22; 95%-bti 1,08-1,38; vier studies). Specifiek was de mortaliteit aan maligniteiten van lever (RR 1,43; 95%-bti 1,09-1,88), slokdarm (RR 2,53; 95%-bti 1,87-3,41), en pancreas (RR 1,31; 95%-bti 1,02-1,69) significant verhoogd in mensen met ernstige psoriasis. De associaties waren zwakker in studies die corrigeerde voor roken, alcoholconsumptie, en obesitas.

De onderzoekers concluderen dat de meta-analyse laat zien dat personen met psoriasis een verhoogd risico hadden van het ontwikkelen van en overlijden aan maligniteiten.

1.Trafford AM, Parisi R, Kontopantelis E et al. Association of psoriasis with the risk of developing or dying of cancer. A systematic review and meta-analysis. JAMA Dermatol 2019; epub ahead of print

Summary: A meta-analysis of 58 studies found that people with psoriasis had an increased risk of cancer incidence and cancer-related mortality, involving a range of site-specific cancers.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Fase 2-studie van eerstelijns Tumor Treating Field plus chemotherapie voor niet-resectabel maliigne pleura-mesothelioom (0)
2019-10-17 13:58   ( Nieuws )
Tags:  STELLAR study MPM first-line Tumor Treating Fields plus chemotherapy
Dr. Giovanni CeresoliTumor Treating Fields (TTFields) is een regionale antimitotische behandeling voor solide tumoren, gebaseerd op het afleveren in de tumoren van lage-intensitieit alternerende electrische velden. De multinationale fase 2-studie STELLAR heeft de veiligheid en werkzaamheid onderzocht van TTFields naar de thorax in combinatie met systemische chemotherapie als eerstelijns behandeling voor niet-resectabel maligne pleura-mesothelioom (MPM). Dr. Giovanni Ceresoli (Cliniche Humanitas Gavazzeni, Bergamo) en collega’s publiceren de studie online in The Lancet Oncology.1

STELLAR werd uitgevoerd in twaalf centra in vijf Europese landen. De prospectieve studie includeerde volwassen patiënten met een ECOG performance status 0 of 1. Ze kregen ten hoogste zes drie-weekse cycli van TTFields (150 kHz) samen met intraveneus pemetrexed en platina (cisplatine of carboplatine). Patiënten zonder progressie na voltooiing van de chemotherapie zetten TTFields voort tot progressie of niet-acceptabele toxiciteit. Het primaire eindpunt van de studie was overall survival.


De studie includeerde 80 patiënten. De mediane follow-up was 12,5 maanden (IQR 7,4-16,6). De mediane OS was 18,2 maanden (95%-bti 12,1-25,8). De meest-gerapporteerde graad 3 of hoger adverse events waren anemie (11% van de patiënten), neutropenie (9%) en trombocytopenie (5%). De enige met TTFields samenhangende AE was huidreactie (graad 1 of 2 in 66%; graad 3 in 5%). Er waren geen graad 5 AEs.

De onderzoekers concluderen dat de studie bemoedigende OS-resultaten heeft laten zien, zonder toename van systemische toxiciteit door toevoeging van TTFields aan chemotherapie. TTFields (150 kHz) naar de thorax in combinatie met pemetrexed en platina was een actieve en veilige combinatie voor niet-eerder behandeld niet-resectabel MPM.

1.Ceresoli GL, Aerts JG, Dziadziuszko R et al. Tumour Treating Fields in combination with pemetrexed and cisplatin or carboplatin as first-line treatment for unresectable malignant pleural mesothelioma (STELLAR): a multicentre, single-arm phase 2 trial. Lancet Oncol 2019; epub ahead of print

Summary: The multinational phase 2 study STELLAR found that first-line Tumor Treating Fields (150 kHz) in combination with pemetrexed and cisplatin or carboplatin was safe and active for unresectable malignant pleural mesothelioma (no increase in systemic toxicity; median overall survival 18.2 months).


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Placebogecontroleerde fase 2b-studie van GC4419 versus placebo voor orale mucositis na CRT voor hoofd-halscarcinoom (0)
2019-10-17 13:00   ( Nieuws )
Tags:  oral mucositis after chemoradiotherapy for OCC OPCC GC4419
Dr. Carryn AndersonErnstige orale mucositis (SOM) is een veel voorkomende debilitaterende bijwerking van radiotherapie voor hoofd- en halscarcinoom. GC4419 is een superoxidedismutase-mimeticum, met aanwijzingen voor werkzaamheid tegen SOM. Een multicenter gerandomiseerde fase 2-studie vergeleek GC4419 met placebo voor SOM in patiënten die IMRT 60 tot 72 Gy plus cisplatine kregen voor lokaal-gevorderd mondholtecarcinoom (OCC) of orofarynxcarcinoom (OPCC). Dr. Carryn Anderson (University of Iowa, Iowa City) en collega’s publiceren de studie online in het Journal of Clinical Oncology.1

De studie randomiseerde patiënten naar 60-minuten intraveneuze infusie van placebo (n=74), GC4419 30 mg (n=73), of GC4419 90 mg (n=76) voorafgaand aan iedere IMRT-fractie. De patiënt- en tumorkenmerken en de behandelingen van de drie groepen waren in evenwicht. Het primaire eindpunt van de studie was duur van de SOM met de 90-mg dosering. De duur van de SOM was significant korter met GC4419 dan met placebo (mediaan 1,5 versus 19 dagen, p=0,024). Ook de incidentie (43% versus 65%; p=0,009) en ernst (graad 4 incidentie 16% versus 30%; p=0,045) van de SOM waren significant beter met CG4419 dan met placebo. Met de 30-mg dosering werden minder-grote verbeteringen gezien. De veiligheid was vergelijkbaar voor de drie armen, zonder significante GC4419-specifieke toxiciteiten of verergering van bekende toxiciteiten van IMRT+cisplatine. Twee-jaar follow-up voor tumoruitkomsten is ongoing.

De onderzoekers concluderen dat GC4419 in 90-mg dosering resulteerde in significante en klinisch relevante vermindering van duur, incidentie, en ernst van SOM, met acceptabele veiligheid. Een fase 3-studie (ROMAN) is inmiddels gestart.

1.Anderson CM, Lee CM, Saunders DP et al. Phase IIb, randomized, double-blind trial of GC4419 versus placebo to reduce severe oral mucositis due to concurrent radiotherapy and cisplatin for head and neck cancer. J Clin Oncol 2019; epub ahead of print

Summary: A placebo-controlled phase 2 study at 44 centers in the USA and Canada found that the superoxide dismutase mimetic GC4419 at a dose of 90 mg before every IMRT fraction produced a significant reduction of duration, incidence, and severity of severe oral mucositis after chemoradiotherapy for oral cavity/oropharyngeal cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Lange-termijn follow-up van korte-termijn ADT plus RT versus alleen RT als salvage na prostatectomie voor prostaatcarcinoom (0)
2019-10-17 12:00   ( Nieuws )
Tags:  GETUG-AFU 16 study 112-months follow-up
Dr. Christian CarrieDe Franse multicenter fase 3-studie GETUG-AFU 16 vergeleek korte-termijn androgeendeprivatietherapie (ADT) plus radiotherapie (RT) versus alleen RT als salvage behandeling in geval van toename van het PSA-gehalte na radicale prostatectomie voor prostaatcarcinoom. Eerder is gepubliceerd dat met vijf jaar follow-up het risico van biochemische of klinische progressie significant lager was in de ADT + RT groep dan in de alleen-RT groep (HR 0,50; p<0,0001). Dr. Christian Carrie (Centre Léon Bérard, Lyon) en collega’s publiceren nu online in The Lancet Oncology resultaten van de studie na 112 maanden follow-up.1

GETUG-AFU 16 werd uitgevoerd in 43 centra in Frankrijk. De studie includeerde volwassen patiënten met ECOG performance status 0 of 1, met na prostatectomie PSA-toename van 0,1 ng/ml tot tussen 0,2 en 2,0 ng/ml, zonder klinische aanwijzingen voor ziekte. ADT was subcutaan gosereline 10,8 mg op de eerste dag van de RT en drie maanden later. De RT was conformele RT of IMRT 66 Gy in 33 frachties. De ADT + RT groep telde 369 patiënten, en de alleen-RT groep 374. Op het moment van data cutoff voor de nu gepubliceerde analyse (12 maart 2019) was de mediane follow-up 112 maanden (IQR 102-123). De 120-maands progressievrije overleving was 64% in de ADT + RT groep versus 49% in de alleen-RT groep (HR 0,54; p<0,0001). Er werden geen gevallen van behandelings-gerelateerd overlijden gezien.

De onderzoekers concluderen dat toevoegen van ADT aan salvage RT resulteerde in significante verlenging van de progressievrije overleving van mannen met stijgend PSA-gehalte na prostatectomie voor prostaatcarcinoom.

1.Carrie C, Magné N, Burban-Provost P et al. Short-term androgen deprivation therapy combined with radiotherapy as salvage treatment after radical prostatectomy for prostate cancer (GETUG-AFU 16) : a 112-month follow-up of a phase 3, randomised trial. Lancet Oncol 2019; epub ahead of print

Summary: 112-month follow-up of the French multicenter phase 3 study GETUG-AFU 16 confirmed that in case of increasing PSA after radical prostatectomy for prostate cancer salvage radiotherapy combined with short-term androgen suppression significantly reduced risk of biochemical or clinical progression and death compared to salvage radiotherapy alone.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter fase 2-studie van ensartinib voor critozinib-resistent ALK-positief niet-kleincellig longcarcinoom (0)
2019-10-16 15:00   ( Nieuws )
Tags:  crizotinib-resistant ALK-positive NSCLC ensartinib
Prof. Li ZhangEnsartinib (voorheen X-396) is een nieuwe-generatie ALK-remmer, met in een fase 1-studie gebleken activiteit voor ALK-mutatiepositief NSCLC. Een multicenter fase 2-studie in China heeft de veiligheid en werkzaamheid onderzocht van ensartinib voor ALK-positief NSCLC na falen van crizotinib. Prof. Li Zhang (Sun Yat-sen Universiteit, Guangzhou) en collega’s publiceren de studie online in The Lancet Respiratory Medicine.1

De studie, uitgevoerd in 27 centra, includeerde volwassen patiënten met stadium IIIb of IV ALK-positief NSCLC met progressie op crizotinib-therapie, een ECOG performance status 2 of lager, en twee of minder eerdere behandelingen. Patiënten met asymptomatische hersenmetastasen waarvoor geen steroïdentherapie vereist was konden deelnemen. Alle patiënten kregen oraal ensartinib 225 mg eenmaal daags (continu schema). Het primaire eindpunt van de studie was percentage patiënten met centraal-beoordeelde objectieve respons.

De studie includeerde 160 patiënten die tenminste één dosis ensartinib kregen en de veiligheids-analyseset vormden; vier patiënten hadden inclusion violations en werden uit de werkzaamheids-analyse geëxcludeerd. Er waren 97 patiënten met hersenmetastasen (62% van 156). Objectieve respons werd gezien in 76 van 147 evalueerbare patiënten (52%; 95%-bti 43-60) in de full analysis set en intracraniële respons werd gezien in 28 van 40 evalueerbare patiënten met hersenmetastasen (70%; 95%-bti 53-83). Tenminste één treatment-related adverse event werd gerapporteerd voor 91% van de patiënten in de safety analysis set. De meeste TRAEs waren graad 1 of 2. Veel-gerapporteerde TRAEs waren rash (56% van de patiënten), verhoogde alanine-aminotransferase activiteit (46%) en verhoogde aspartaat-aminotransferase activiteit (41%).

De onderzoekers concluderen dat ensartinib activiteit had en goed verdragen werd in patiënten met crizotinib-refractair ALK-positief NSCLC, inclusief patiënten met hersenmetastasen.

1.Yang Y, Zhou J, Zhou J et al. Efficacy, safety, and biomarker analysis of ensartinib in crizotinib-resistant, ALK-positive non-small-cell lung cancer: a multicentre, phase 2 trial. Lancet Respir Med 2019; epub ahead of print

Summary: A multicenter phase 2 study in China found that ensartinib has activity and is well tolerated in patients with crizotinib-refractory, ALK-positive NSCLC, including patients with brain metastases.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Hematopoïetische score voorspelt uitkomsten van nieuw-gediagnostiseerd multipel myeloom (0)
2019-10-16 14:00   ( Nieuws )
Tags:  NDMM hematopoietic score predicts outcomes
Prof. Shaji KumarEr is behoefte aan methoden voor risicostratificatie bij de diagnose multipel myeloom. Een retrospectieve studie van de Mayo Clinic (Rochester MN) heeft de waarde onderzocht van een hematopoïetische score voor risicostratificatie van patiënten met nieuw-gediagnostiseerd multipel myeloom (NDMM). Prof. Shaji Kumar en collega’s publiceren de studie online in het American Journal of Hematology.1

De studie includeerde 1540 patiënten van de Mayo Clinic met een nieuwe diagnose MM tussen januari 2004 en april 2018. De score is gebaseerd op drie variabelen bij diagnose: mean corpuscular volume (MCV), hemoglobinegehalte (Hgb), en trombocytengetal (Plt). Hgb < 10 g/dl, MCV > 96 fL, en Plt < 150 x 109/l droegen ieder voor 1 punt bij aan de score. Onder de 1540 patiënten ware er 707 (46%) met een score 0; 513 (33%) met een score 1; 260 (17%) met een score 2; en 60 (4%) met een score 3. De score stratificeerde de patiënten in vier groepen met verschillende overlevingen. De mediane progressievrije overleving was 32,3 maanden voor patiënten met score 0; 24,8 maanden voor patiënten met score 1; 21,7 maanden voor patiënten met score 2; en 18,3 maanden voor patiënten met score 3 (p<0,001). De mediane overall survival was 80,7 maanden voor patiënten met score 0; 59,9 maanden voor patiënten met score 1; 51,7 maanden voor patiënten met score 2; en 31,3 maanden voor patiënten met score 3 (p<0,0001). In multivariate analyse was de hematopoïetische risicoscore een onafhankelijk voorspeller van de OS (0-2 versus 3: HR 0,51; p=0,0061).

De onderzoekers concluderen dat een hematopoïetische score de overleving kan voorspellen van patiënten met NDMM.

1.Al Saleh AS, Sidiqi MH, Dispenzieri A et al. Hematopoietic score predicts outcomes in newly diagnosed multiple myeloma patients. Am J Hematol 2019; epub ahead of print

Summary: A retrospective study at the Mayo Clinic (Rochester, MN) found that a score derived from three hematopoietic variables could predict survival of patients with newly diagnosed multiple myeloma.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)