Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Multicenter fase 2-studie van eerstelijns belzutifan plus cabozantinib voor gevorderd heldercellig niercelcarcinoom (0)
2025-01-04 14:30   ( Nieuws )
Tags:  LITESPARK-003 study cohort 1 accRCC first-line belzutifan plus cabozantinib
Dr. Toni ChoueiriDe HIF-2α remmer belzutifan heeft antitumoractiviteit laten zien als monotherapie en in combinatie met cabozantinib onder patiënten met eerder-behandeld gevorderd niercarcinoom. In cohort 1 van de fase 2-studie LITESPARK-003 is de combinatie van belzutifan en cabozantinib voor niet-eerder behandeld gevorderd heldercellig niercelcarcinoom (accRCC) geëvalueerd. Dr. Toni Choueiri (Dana-Farber Cancer Institute, Boston MA) en collega’s publiceren de studie in The Lancet Oncology.1

LITESPARK-003 werd uitgevoerd in tien centra in de Verenigde Staten. Cohort 1 includeerde 50 volwassen patiënten (40 mannen en 10 vrouwen, mediane leeftijd 64 jaar; IQR 57-72) met niet-eerder behandeld accRCC en een ECOG performance status 0 of 1. De patiënten kregen oraal belzutifan 120 mg eenmaal daags en oraal cabozantinib 60 mg eenmaal daags. De behandeling werd voortgezet tot ziekteprogressie of niet-acceptabele toxiciteit. Het primaire eindpunt was door lokale onderzoekers beoordeelde bevestigde objectieve respons. Op het moment van de nu gepubliceerde analyse was de mediane follow-up 24,3 maanden (IQR 13,9-32,0). Bevestigde objectieve respons werd gezien in 35 patiënten (70%; 95%-bti 55-82) inclusief complete response in vier patiënten (8%). De meest-frequente graad 3 of 4 treatment-related adverse events waren hypertensie (12% van de patiënten), anemie (10%), en vermoeidheid (8%). Er waren geen graad 5 TRAEs.

De onderzoekers concluderen dat de combinatie van belzutifan en cabozantinib veelbelovende antitumor activiteit had voor niet-eerder behandeld accRCC.

1.Choueiri TK, Merchan JR, Figlin R et al. Belzutifan plus cabozantinib as first-line treatment for patients with advanced clear-cell renal cell carcinoma (LITESPARK-003): an open-labl, single-arm, phase 2 study. Lancet Oncol 2025; 26:64-73

Summary: The multicenter phase 2 LITESPARK-003 trial found promising antitumor activity of the combination of belzutifan and cabozantinib for treatment-naïve advanced clear-cell renal cell carcinoma.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

PSMA-PET/CT bevindingen in hoog-risico biochemisch recidiverend HSPC zonder metastase volgens conventionele imaging (0)
2025-01-04 13:00   ( Nieuws )
Dr. Jeremie CalaisDe multinationale fase 3-studie EMBARK evalueerde enzalutamide met of zonder leuprolide voor hoog-risico niet-metastatisch biochemisch recidiverend prostaatcarcinoom (HSCP). In 2023 is gepubliceerd dat de metastasevrije overleving beter was in de combinatiegroep dan in de monotherapiegroep. De eligibiliteit voor de studie berustte op niet-metastatische ziekte vastgesteld met conventionele imaging. Een post hoc retrospectieve analyse van vier prospectieve studies heeft PSMA-PET/CT bevindingen geïnventariseerd onder patiënten die voldeden aan de inclusiecriteria van EMBARK. Dr. Jeremie Calais (University of California Los Angeles) en collega’s publiceren de analyse in JAMA Network Open.1

De analyse includeerde 182 patiënten met recidiverend HSCP na radicale prostatectomie (RP), definitieve radiotherapie (dRT), of salvage radiotherapie (sRT). De patiënten hadden toenemende PSA-niveaus hoger dan 1,0 ng/ml na RP of sRT of hoger dan 2,0 ng/ml na sRT. De PSA-verdubbelingstijd was 9 manden of korter, en het serumtestosteron-niveau was 150 ng/dl of hoger. De patiënten hadden niet-metastatische ziekte volgens conventionele imaging. De mediane leeftijd op het moment van de PSMA-PET/CT scan was 69 jaar. De resultaten van PSMA-PET waren positief in 80% van de patiënten na RP, 92% van de patiënten na dRT, 85% van de patiënten na RP en sRT, en 84% van de patiënten overall. PSMA-PET detecteerde any afstandsmetastatische ziekte in 46% van de patiënten en polymetastatische ziekte (vijf of meer lesies) in 24%.

De onderzoekers concluderen dat in dit cohort van patiënten met hoog-risico HSCP zonder aanwijzingen voor metastatische ziekte volgens conventionele imaging, PSMA-PET resultaten positief waren in 84% van de patiënten, met detectie van M1 ziekte in 46% en van polymetastatische ziekte in 24%. Deze resultaten zetten vraagtekens bij de interpretatie van vorige studies, zoals EMBARK.

1.Holzgreve A, Armstrong WR, Clark KJ et al. PSMA-PET/CT findings in patients with high-risk biochemically recurrent prostate cancer with no metastatic disease by conventional imaging. JAMA Network Open (2025) 2024.52971

Summary: In a cohort of patients with high-risk HSCP without evidence of metastatic disease according to conventional imaging, PSMA-PET results were positive in 84% of patients, with detection of M1 disease in 46% of patients and detection of 5 or more lesions in 24%.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multinationale fase 2-studie van transplantievrije behandeling voor recidiverend Hodgkin lymfoom in jonge patiënten (0)
2025-01-03 16:00   ( Nieuws )
Tags:  CheckMate 744 relapsed cHL in patients aged 5 to 30 years transplant-free approach
Dr. Stephen DawKinderen, adolescenten, en jongvolwassenen met laag-risico recidiverend klassiek Hodgkin lymfoom (cHL) hebben wellicht baat bij vervanging van hoge-dosering chemotherapie en autologe stamceltransplantatie door minder-intensieve behandeling. Cohort R1 van de niet-gerandomiseerde fase 2-studie CheckMate 744 in Canada, Europa, en de Verenigde Staten heeft een transplantatievrije behandeling voor laag-risico cHL in patiënten in de leeftijd van 5 tot en met 30 jaar geëvalueerd. Dr. Stephen Daw (University College Hospital, London UK) en collega’s publiceren resultaten van het cohort in JAMA Oncology.1

Het cohort includeerde 28 patiënten (64% vrouwen) met laag-risico recidiverend cHL. De mediane leeftijd was 17 jaar (range 2-27). De patiënten kregen inductie met vier cycli nivolumab plus brentuximab vedotin (BV). Patiënten met complete metabole respons (CMR) kregen nog twee cycli nivolumab plus BV, terwijl patiënten met suboptimale respons intensivering van de behandeling kregen met twee cycli BV plus bendamustine. Patiënten met CMR na inductie of intensificatie kregen consolidatie met involved-site radiotherapy (ISRT) .

De mediane duur van follow-up was 31,9 maanden (range 2,2-55,3). CMR na inductie werd gezien in 82% (23 van 28 patiënten) en CMR na inductie of inductie plus intensificatie werd gezien in 93% (26 van 28 patiënten). De drie-jaars percentages van gebeurtenisvrije overleving en progressievrije overleving waren 87% respectievelijk 95%. Tijdens de inductie hadden 22 patiënten (79%) treatment-related adverse events, inclusief zeven met graad 3 of 4 TRAEs. Discontinuering vanwege AEs werd gerapporteerd voor twee patiënten.

De onderzoekers concluderen dat onder patiënten in de leeftijd van 5 tot en met 30 jaar met laag-risico recidiverend cHL deze transplantatievrije, risico-aangepaste, respons-gebaseerd benadering met nivolumab plus BV en ISRT resulteerde in hoge CMR-percentages en een hoog drie-jaars EFS-percentage, met een veiligheidsprofiel dat consistent was met wat bekend is van de afzonderlijke middelen.

1.Daw S, Cole PD, Hoppe BS et al. Transplant-free approach in relapsed Hodgkin lymphoma in children, adolescents, and young adults. A nonrandomized clinical trial. JAMA Oncology (2025) 2024.5627

Summary: Cohort R1 Cohort R1 of the multinational phase 2 CheckMate 744 trial found that among patients aged 5 to 30 years with low-risk relapsed cHL, a transplant-free, risk adapted, response-based approach with nivolumab plus brentuximab vedotin and involved-site radiotherapy offered high complete metabolic response rates and high 3-year EFS rate, with a safety profile consistent with that of each agent used.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Associatie tussen cardiovasculaire ziekte en stadium van mammacarcinoom bij diagnose: patiënt-controlestudie (0)
2025-01-03 14:30   ( Nieuws )
Tags:  CVD BC stage at diagnosis
Dr. Kevin NeadIn bevolkings-gebaseerde studies zijn aanwijzingen gezien voor een effect van cardiovasculaire ziekte (CVD) op versnelling van de tumorgroei en verspreiding, met name in mammacarcinoom (BC). Een case-control study op basis van gegevens in de SEER-Medicare database heeft geïnventariseerd of patiënten met gevorderd-stadium BC bij presentatie een hogere waarschijnlijkheid hebben van prevalent CVD dan patiënten met vroeg-stadium BC op het moment van diagnose. Dr. Kevin Nead (MD Anderson Cancer Center, Houston TX) en collega’s publiceren de studie in JAMA Network Open.1

De studie includeerde 19.292 vrouwen in de leeftijd van 66 jaar of ouder, met een BC-diagnose tussen begin 2009 en eind 2020. Cases werden gematcht met controls op basis van BC-stadium bij diagnose en factoren die geassocieerd zijn met vertraagde BC-diagnose. De mediane leeftijd was 73 jaar (IQR 70-79), en 9478 patiënten (49,1%) had prevalente CVD voorafgaand aan de BC-diagnose. De figuur laat zien dat patiënten met lokaal-gevorderd of metastatisch BC een verhoogd risico van prevalente CVD hadden (OR 1,10; p=0,007). Deze associatie werd gezien onder patiënten met HR-positief BC (OR 1,11; p=0,006) maar niet onder patiënten met HR-negatief BC (1,02; p=0,83). De ORs waren directioneel consistent bij afzonderlijke analyse van lokaal-gevorderd BC (OR 1,09; p=0,02) en metastatisch BC (1,20; p=0,15).

De onderzoekers concluderen dat patiënten met meer-gevorderd BC bij diagnose hogere waarschijnlijkheid van prevalente CVD hadden. De associatie zou specifiek kunnen zijn voor HR-positief BC.

1.Angelov I, Haas AM, Brock E et al. Cardiovascular disease and breast cancer stage at diagnosis. JAMA Network Open (2025) 2024.52890

Summary: A case-control study using data from the SEER-Medicare database found that women with more advanced breast cancer at diagnosis were more likely to have prevalent cardiovascular disease.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multinationale prospectieve studie van tweedelijns amivantamab plus lazertinib voor EFGR-gemuteerd NSCLC (0)
2025-01-03 13:00   ( Nieuws )
Tags:  CHRYALIS-2 cohort A
Prof. Benjamin BessePatiënten met EGFR-gemuteerd niet-kleincellig longcarcinoom (NSCLC) met ziekteprogressie tijdens of na osimertinib plus platina-gebaseerde chemotherapie hebben weinig behandelingsopties. In cohort A van de multinationale prospectieve CHRYSALIS-2 is de combinatie van amivantamab plus lazertinib voor deze patiënten geëvalueerd. Prof. Benjamin Besse (Institut Gustave Roussy, Villejuif, Frankrijk) en collega’s publiceren de studie in het Journal of Thoracic Oncology.1

Het cohort bestond uit 162 patiënten met EGFR ex19del of L858R gemuteerd NSCLC, die na progressie de combinatie van amivantamab plus lazertinib kregen. Het primaire eindpunt was objective response rate. De door lokale onderzoekers beoordeelde ORR was 28% (95%-bti 22-36) en de geblindeerde onafhankelijk centraal beoordeelde ORR was 35% (27-39), met mediane duur van respons van 8,3 maanden en clinical benefit rate van 58% (50-66). Duur van respons zes maanden of langer werd gezien in 57% van de responders. De mediane centraal-beoordeelde progressievrije overleving was 4,5 maanden (95%-bti 4,1-5,8) en de mediane overall survival was 14,8 maanden (12,2-18,0). Onder zeven patiënten met baseline hersenmetastasen werden aanwijzingen gezien voor CNS-antitumoractiviteit. De meest-frequente adverse events waren rash (81% van de patiënten), infusiereactie (68%), en paronychie (52%; de meest-frequente graad 3 of hoger AEs waren rash (10%), infusiereactie (9%), en hypoalbuminemie (6%).

De onderzoekers concluderen dat voor patiënten met EGFR-gemuteerd NSCLC en progressie op of na osimertinib plus platina-gebaseerde chemotherapie, de combinatie van amivantamab en lazertinib antitumoractiviteit had met een manageable veiligheidprofiel (graphical abstract).

1.Besse B, Goto K, Wang Y et al. Amivantamab plus lazertinib in patients with EGFR-mutant non-small cell lung cancer (NSCLC) after progression on osimertinib and platinum-based chemotherapy: results from CHRYSALIS-2 cohort A. J Thor Oncol 2025; epub ahead of print

Summary: Cohort A of the multinational prospective CHRYSALIS-2 study found that among patients with EGFR-mutant NSCLC and progression on or after osimertinib plus platinum-based chemotherapy, the combination of amivantamab and lazertinib had antitumor activity with a safety profile that was generally manageable.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Impact van postoperatieve sepsis op uitkomsten na transhiatale resectie voor adenocarcinoom van slokdarm-maagovergang (0)
2025-01-02 16:00   ( Nieuws )
Tags:  EGJ adenocarcinoma sepsis after transhiatal resection
Dr. Marion FaucherTranshiatale oesofagusresectie (THE) is een hoog-risico procedure. Een retrospectieve studie van het Institut Paoli Calmettes (Marseille, Frankrijk) heeft de impact van postoperatieve sepsis na THE voor adenocarcinoom van de slokdarm-maagovergang op de uitkomsten geïnventariseerd. Dr. Marion Faucher en collega’s publiceren de studie in Cancers.1

Tuseen januari 2012 en april 2022 ondergingen 118 patiënten in Paoli Calmettes THE, onder wie in 29 (24,6%) postoperatieve sepsis werd gezien. Onder de 118 patiënten was het één-jaars percentage voor mortaliteit 11% (n=13) en voor recidief 23,7% (n=28). De figuur laat zien dat postoperatieve sepsis geassocieerd was met één-jaars mortaliteit (in multivariate analyse OR 7,22; p=0,038). Onafhankelijke risicofactoren voor postoperatieve sepsis waren gebruik van lage-dosering vasopressoren, cervicaal abces, bacteriële pneumonie, en een hoge SOFA-score op dag één. Postoperatieve sepsis was ook geassocieerd met het één-jaars risico van recidief (sHR 6,54; p=0,005).

De onderzoekers concluderen dat de studie uitwijst dan postoperatieve sepsis na THE geassocieerd was met slechtere overleving en hoger risico van recidief.

1.Faucher M, Dahan S, Morel B et al. The effect of postoperative sepsis on 1-year mortality and cancer recurrence following transhiatal esophagectomy for esophageal-gastric junction adenocarcinomas: a retrospective observational study. Cancers 2025;17:109

Summary: A retrospective study at the Paoli-Clamettes Institute (Marseille, France) found that after transhiatal esophagectomy for gastroesophageal junction adenocarcinoma, postoperative sepsis was associated with increased risk of 1-year mortality and cancer recurrence.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Prospectieve studie van associatie van adipositas met risico’s van gastroïntestinale maligniteiten in China (0)
2025-01-02 14:30   ( Nieuws )
Tags:  China Kadoorie Biobank study
Dr. Iona MillwoodEr is geen duidelijkheid over de associatie tussen associatie tussen adipositas en het risico van squameus celcarcinoom van de slokdarm en maagcarcinoom. In de prospectieve China Kadoorie Biobank studie is de associatie tussen adipositas en het risico van gastroïntestinale maligniteiten onderzocht. Dr. Iona Millwood (University of Oxford, UK) en collega’s publiceren de studie in het International Journal of Cancer.1



De studie includeerde een half miljoen volwassenen (leeftijd dertig tot tachtig jaar) in tien Chinese regio’s. Bij inclusie werden lichaamsmaten en gewicht van de deelnemers bepaald. Na tenminste tien jaar follow-up waren in het cohort 2350 incidente gevallen van slokdarmcarcinoom, 3345 incidente gevallen van maagcarcinoom, en 3059 incidente gevallen van colorectaalcarcinoom gerapporteerd. De figuur laat zien dat baseline adipositas invers geassocieerd was met risico’s van slokdarmcarcinoom en maagcarcinoom, en positief met het risico van colorectaalcarcinoom.

De onderzoekers concluderen dat de associatie van adipositas met het risico van gastroïntestinale maligniteiten invers is voor slokdarm- en maagcarcinoom en positief is voor colorectaalcarcinoom.

1.Chan WC. Millwood I, Kartsonaki C et al. Adiposity and risks of gastrointestinal cancers: a 10-year prospective study of 0.5 million Chinese adults. Int J Cancer 2024-35303

Summary: The prospective China Kadoorie Biobank study found that among 0.5 million Chinese adults with at least 10 years follow-up, adiposity was inversely associated with risks of esophageal and stomach cancers and positively associated with risk of colorectal cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter fase 3-studie van avatar modellen voor gepersonaliseerde behandeling voor pancreas ductaal adenocarcinoom (0)
2025-01-02 13:00   ( Nieuws )
Tags:  AVATAR trial aPDAC
Prof. Manuel HidalgoEr zijn slechts beperkte behandelingsopties voor gevorderd pancreas ductaal adenocarcinoom (aPDAC). De multicenter fase 3-studie AVATAR vergeleek precisiegeneeskunde versus conventionele behandeling voor aPDAC. Prof. Manuel Hidalgo (Weill Cornell Medical College, New York) en collega’s publiceren de studie in Clinical Cancer Research.1

AVATAR includeerde aPDAC-patiënten die 1:2 werden gerandomiseerd naar conventionele behandeling volgens de voorkeur van de behandelaar (arm A) of behandeling volgens precisiegeneeskunde (arm B). Patiënten in arm B ondergingen tumorbiopsie voor whole-exome sequencing (WES) en voor het genereren van avatar-muismodellen en organoïden voor fenotypische drug screening, met uiteindelijke behandeling aanbevolen door de molecular tumor board. Het primaire eindpunt was overall survival.


Arm A telde 44 patiënten en arm B 81. WES werd uitgevoerd in 65 patiënten in arm B (80,3%), resulterend in de detectie van potentieel actionabele mutaties in 14 patiënten (21,5%). Experimentele modellen werden gegenereerd in 16 van 81 patiënten (19,8%). Negendertig patiënten in arm B werden behandeld, onder wie slechts vier (10,2%) gepersonaliseerde behandeling kregen, terwijl 35 geen gematchte therapie kregen vanwege snelle klinische verslechtering, vertraging in het verkrijgen van studieresultaten, of afwezigheid van actionabele targets. De mediane progressievrije overleving was 3,8 maanden in arm A en 4,3 maanden in arm B (p=0,563) en de mediane overall survival was 8,7 maanden in arm A en 8,6 maanden in arm B (p=0,849). Onder de vier patiënten die gepersonaliseerde behandeling kregen was de mediane overall survival 19,3 maanden.

De onderzoekers concluderen dat gepersonaliseerde behandeling lastig te implementeren is onder aPDAC-patiënten, en dat de overleving beter was onder patiënten die gematchte behandeling kregen.

1.Sarno F, Tenorio J, Perea S et al. A phase III randomized trial of integrated genomics and avatar models for personalized treatment of pancreatic cancer: the AVATAR trial. Clin Cancer Res 2024; epub ahead of print

Summary: The multicenter phase 3 AVATAR trial found that personalized therapy was challenging to implement in most patients with PDAC, and that survival was improved in the subset of patients who did receive matched therapy.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)