Logo Jan Blom
Login

Oncologisch onderzoek.nl

Nieuws

Multicenter fase 3-studie van stereotactische versus hypogefractioneerde radiotherapie voor niet-resectabel stadium I NSCLC (0)
2024-09-20 13:30   ( Nieuws )
Tags:  LUSTRE trial inoperable stage I NSCLC SBRT versus CRT
Dr. Anand SwaminathStereotactische radiotherapie (SBRT) wordt veel gebruikt voor stadium I niet-resectabel niet-kleincellig longcarcinoom (NSCLC), hoewel gerandomiseerde studies uiteenlopende resultaten hebben laten zien en het effect op centraal-gelegen tumoren niet duidelijk is. De fase 3-studie LUSTRE, in zestien centra in Canada, heeft SBRT vergeleken met hypogefractioneerde conventionele radiotherapie (CRT) voor stadium I niet-resectabel NSCLC. Dr. Anand Swaminath (McMaster University, Hamilton) en collega’s publiceren de studie in JAMA Oncology.1

De studi includeerde 233 patiënten (51,1% mannen; gemiddelde leeftijd 75,4 ± 7,7 jaar) met niet-resectabel stadium I (≤ 5 cm) die 2:1 werden gerandomiseerd naar SBRT (48 Gy in vier fracties voor perifeer NSCLC; 60 Gy in acht fracties voor centraal NSCLC; n=154) versus CRT (60 Gy in vijftien fracties; n=79). De mediane follow-up was 36,1 maanden (IQR 26,4-52,8). Het primaire eindpunt van de studie was percentage patiënten met lokale controle na drie jaar. Dit percentage bedroeg 87,6% met SBRT en 81,2% met CRT (HR 0,61; p=0,15). Er waren evenmin significante verschillen tussen de groepen voor de eindpunten gebeurtenisvrije overleving (HR 1,02; p=0,87) en overall survival (1,18; p=0,40). Acute toxische effecten waren minimaal. Late graad 3 of 4 toxische effecten van SBRT vonden plaats in 11% van de patiënten met centraal NSCLC en 1,8% van de patiënten met perifeer NSCLC; late graad 3 of 4 toxische effecten van CRT vonden plaats in 5% van de patiënten met centraal NSCLC en 2% van de patiënten met perifeer NSCLC. Er was één mogelijk behandelings-gerelateerde graad 5 gebeurtenis (hemoptyse) met SBRT voor een ultracentrale lesie met overlap van het target met de proximale bronchus.

De onderzoekers concluderen dat er geen verschil was in lokale controle na drie jaar met SBRT versus hypogefractioneerde CRT voor niet-resectabel stadium I NSCLC. Ernstige toxische effecten waren beperkt (visual abstract).

1.Swaminath A, Parpia S, Wierzbicki M et al. Stereotactic vs hypofractionated radiotherapy for inoperable stage I non-small cell lung cancer. The LUSTRE phase 3 randomized clinical trial. JAMA Oncol 2024.3089

Summary: The multicenter phase 3 LUSTRE trial found no difference in local contral at three years after SBRT versus conventioal radiotherapy for inoperable stage I NSCLC. Severe toxic effects were limited.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Fase 1-studie van CAR T-cellen gericht op CD19 en GCC in patiënten met metastatisch colorectaalcarcinoom (0)
2024-09-20 12:00   ( Nieuws )
Tags:  mCRC GCC19 CART
CAR T-celtherapie (CART) heeft aanzienlijke activiteit laten zien voor hematologische maligniteiten, maar heeft slechts verwaarloosbare activiteit voor solide maligniteiten. Een fase 1-studie in het Eerste Ziekenhuis van de Universiteit van Jilin (China) heeft het autologe CART-product GCC19 voor metastatisch colorectaalcarcinoom (mCRC) geëvalueerd. Prof. Jiuwei Cui en collega’s publiceren de studie in JAMA Oncology.1

GCC19CART is een mengsel van autologe CAR T cellen getransduceerd met lentivirale vectors die genen tot expressie brengen die koderen voor hetzij CD19 CAR of guanylaatcyclase-C (GCC) CAR. GCC wordt tot expressie gebracht door 70% tot 80% van CRC-metastasen. De studie includeerde negen vrouwen en zees mannen met zwaar-voorbehandeld mCRC met expressie van GCC. De mediane leeftijd was 44 jaar (range 33-61). De patiënten kregen GCC19CART 1 x 106 cellen/kg (n=8) of 2 x 106 cellen/kg (n=7). De behandeling was geassocieerd met ontwikkeling van cytokine release syndrome en diarree in de meeste patiënten. Deze bijwerkingen waren zelf-limiterend en manageable. De objective response rate was 40%, met partiële respons in 2 van 8 patiënten met de lage dosering en 4 van 7 patiënten met de hoge dosering. Vijf andere patiënten hadden stabiele ziekte als beste respons, resulterend in overall clinical benefit rate van 73%. De mediane progressievrije overleving was 1,9 maanden (95%-bti 1,0-NE) in de groep met de lage dosering en 6,0 maanden (3,0-NE) in de groep met de hoge dosering (p=0,03). De mediane overall survival in de groep met de hoge dosering was 22,8 maanden (95%-bti 13,4-26,1).

De onderzoekers concluderen dat GCC19CART klinische activiteit had onder patiënten met zwaar-voobehandeld mCRC.

1.Chen N, Pu C, Zhao L et al. Chimeric antigen receptor T cells targeting CD19 and GCC in metastatic colorectal cancer. A nonrandomized clinical trial. JAMA Oncol 2024.3891

Summary: A phase 1 trial at Jilin University (China) found that the GCC19CART (a mixture of autologous CAR T cells transduced with lentiviral factors expressing genes that encode either CD-19 CAR or guanylate cyclase C CAR) was safe and tolerable in heavily pretreated patients witn mCRC and showed objective clinical activity.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Observationele studie van ctDNA-gebaseerde residuele ziekte en overleving in resectabel colorectaalcarcinoom (0)
2024-09-19 15:00   ( Nieuws )
Tags:  CIRCULATE-Japan GALAXY resectable colorectal cancer
Dr. Eiji OkiDe eerste interimanalyse van de observationele studie CIRCULATE-Japan GALAXY, met mediaan 16,74 maanden follow-up, liet een associatie zien tussen op circulerend tumor DNA (ctDNA)-gebaseerde detectie van moleculaire residuele ziekte (MRD) en risico van recidief en profijt van adjuvante chemotherapie (ACT) onder patiënten met resectabel colorectaalcarcinoom (CRC). Dr. Eiji Oki (Kyushu Universiteit, Fukuoka) en collega’s publiceren in Nature Medicine een update van de studie, met mediaan 23 maanden follow-up (range 2-49).1

De update includeerde 2240 patiënten met stadium II of III coloncarcinoom en stadium IV coloncarcinoom. Informatie over ctDNA-status na chirurgie was beschikbaar voor 2110 patiënten, onder wie één overleed voor de MRD-data, zodat 2109 patiënten opgenomen werden in de analyse. ctDNA-positiviteit was geassocieerd met significant slechtere ziektevrije overleving (HR 11,99; p<0,0001) en overall survival (HR 9,68; p<0,0001). Onder patiënten met recidief was ctDNA-positiviteit geassocieerd met kortere OS (HR 2,71; p<0,0001). Aanhoudende ctDNA-klaring in respons op ACT was geassocieerd met gunstige DFS (na 24 maanden 89.0% versus 3,3%) en OS (na 24 maanden 100% versus 82,3%).

De onderzoekers concluderen dat deze resultaten de bruikbaarheid laten zien van ctDNA-monitoring voor post-resectie stratificatie voor risico van recidief en mortaliteit.

1.Nakamura Y, Watanabe J, Akazawa N et al. ctDNA-based molecular residual disease and survival in resectable colorectal cancer. Nature Med 2024-03254-6

Summary: Updated analysis of the observational CIRCULATE-Japan GALAXY study showed evidence for the utility of ctDNA monitoring for post-resection recurrence and mortality risk stratification among patients with stage II-III colon cancer or stage IV colorectal cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Gerandomiseerde studie van psychologische interventie voor mantelzorgers van patiënten met primaire maligne hersentumoren (0)
2024-09-19 13:30   ( Nieuws )
Tags:  NeuroCARE PMBT caregivers
Dr. Deborah ForstMantelzorgers van patiënten met primaire maligne hersentumoren (PMBT) ervaren significante psychologische distress. Een gerandomiseerde studie van Massachusetts General Hospital (Boston) heeft de psychologische interventie NeuroCARE voor deze mantelzorgers geëvalueerd. Dr. Deborah Forst en collega’s publiceren de studie in het Journal of Clinical Oncology.1




De studie includeerde PMBT-mantelzorgers met Generalized Anxiety Disorder-7 score 5 of hoger binnen zes maanden na de diagnose van de patiënt. De mantelzorgers werden gerandomiseerd naar NeuroCARE (zes telehealth sessies met een gedragsgezondheids-therapeut; n=60) of gebruikelijke zorg (UC; n=60). Het primaire eindpunt was score op de HADS-depressiesubschaal na elf weken. Deze score was significant lager onder de NeuroCARE-deelnemers dan onder de UC-deelnemers (mediaan 8,87 versus 10,69; p=0,008). Mantelzorger in de NeuroCARE-groep hadden ook significant lagere depressiescores en betere scores voor self-efficacy en coping na elf weken. Er waren na elf weken geen verschillen in kwaliteit van leven, caregiver burden, of PTSD-symptomen. De effecten van de interventie op depressiesymptomen, self-efficacy, en coping bleven bestaan tot tenminste zestien weken na de interventie.

De onderzoekers concluderen dat NeuroCARE resulteerde in verbetering van angst- en depressiesymptomen, self-efficacy, en coping onder mantelzorgers van PMBT-patiënten.

1.Forst DA, Podgursky AF, Strander SM et al. NeuroCARE: a randomized controlled trial of a psychological intervention for caregivers of patients with primary malignant brain tumors. J Clin Oncol 2024.00065

Summary: A randomized trial at Massachusetts General Hospital (Boston) found that the NeuroCARE psychological intervention led to improved anxiety and depression symptoms, self-efficacy, and coping among caregivers for patients with primary malignant brain tumors.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Cohortstudie van associatie tussen overgewicht en risico van tweede primaire maligniteiten onder overlevers van eerste maligniteiten (0)
2024-09-19 12:00   ( Nieuws )
Tags:  SPM risk among cancer survivors excess body weight
Dr. Clara BodelonEr is niet veel informatie beschikbaar over oorzaken van tweede primaire maligniteiten (SPMs) onder personen met een geschiedenis van een maligniteit. Beschrijvende studies suggereren dat leefstijlfactoren, waaronder overmatig lichaamsgewicht, een rol kunnen spelen. Een cohortstudie op basis van gegevens van het Cancer Prevention Study II Nutrition (CPSII) cohort heeft de associatie tussen hoog lichaamsgewicht en het risico van SPM onder overlevers van maligniteiten geïnventariseerd. Dr. Clara Bodelon (American Cancer Society, Atlanta GA) en collega’s publiceren de studie in JAMA Network Open.1

CPSII was een prospectieve studie die in 1992 in 21 staten van de USA oudere volwassen deelnemers includeerde, die onder meer informatie verstrekten over hun gezondheid, lichaamslengte, lichaamsgewicht. De deelnemers beantwoordden iedere twee jaar tot eind 2017 vragenlijsten om de informatie te vernieusen. Onder de deelnemers waren er 26.894 die tijdens de follow-up een diagnose van een eerste niet-metastatische maligniteit kregen, op gemiddelde leeftijd 72,2 ± 6,5 jaar. Onder deze deelnemers hadden 42,8% overgewicht en 17,2% obesitas. Tijdens mediaan 7,9 jaar follow-up (IQR 3,4-13,6) werd een SPM vastgesteld in 13,9 % van deze deelnemers. De figuur laat zien dat vergeleken met overlevers met normaal lichaamsgewicht (BMI18,.5-25) het risico van any SPM 15% verhoogd was onder overlevers met overgewicht (BMI 25-30) en 34% verhoogd was onder overlevers met obesitas (BM I> 30) en dat het risico van obesitas –gerelateerde SPM 40% verhoogd was onder overlevers met overgewicht en 78% verhoogd was onder overlevers met obesitas.

De onderzoekers concluderen dat onder oudere overlevers van een maligniteit overgewicht of obesitas op het moment van de diagnose geassocieerd was met verhoogd risico van een SPM, met name obesitas-gerelateerde SPM.

1.Bodelon C, Sung H, Mitcell EL et al. Excess body weight and the risk of second primary cancers among cancer survivors. JAMA Network Open 2024;7;e2433132

Summary: A cohort study in the USA found that excess overweight was associated with increased risk of second primary cancers among cancer survivors.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Gepoolde analyse van twee studies van zolbetuximab voor maag of slokdarm-maagovergang adenocarcinoom (0)
2024-09-18 15:00   ( Nieuws )
Tags:  gastric or gastroesophageal junction adenocarcinoma zolbetuximab
Prof. Rui-Hua XuZolbetuximab is een op claudine 18.2-gericht IgG1 monoklonaal antilichaam. Twee multinationale fase 3-studies (SPOTLIGHT en GLOW) hebben zolbetuximab plus eerstelijns chemotherapie vergeleken met placebo plus eerstelijns chemotherapie voor patiënten met HER2-negatief niet-resectabel lokaal-gevorderd of metastatisch adenocarcinoom van maag of slokdarm-maagovergang, met claudine 18.2-positieve tumoren. Prof. Rui-Hua Xu (Sun Yat-sen Universiteit, Guangzhou, China) en collega’s publiceren in The New England Journal of Medicine gepoolde overall survival analyse van de twee studies.1

De gepoolde analyse includeerde 1072 patiënten die waren gerandomiseerd naar zolbetuximab plus eerstelijns chemotherapie (n=537) of placebo plus eerstelijns chemotherapie (n=535). De figuur laat de gepoolde resultaten zien. De mediane progressievrije overleving was 9,2 maanden in de zolbetuximabgroep versus 8,2 maanden in de placebogroep HR 0,71; 95%-bti 0,61-0,83). De mediane overall survival was 16,4 maanden in de zolbetuximabgroep versus 13,7 maanden in de placebogroep (HR 0,77; 95%-bti 0,67-0,89). De typen volgende behandelingen verschilden niet significant tussen de groepen. De meest-gerapporteerde adverse events waren misselijkheid (76,0% van de patiënten in de zolbetuxmabgroep en 56,2% van de patiënten in de placebogroep) en braken (66,8% en 34,2%). De trends in gemiddelde verandering van baseline voor algemene gezondheidsstatus en kwaliteit-ven-leven scores waren vergelijkbaar in de twee groepen.

De onderzoekers concluderen dat zolbetuximab plus eerstelijns chemotherapie resulteerde in langere progressievrije overleving en overall survival dan placebo plus eerstelijns chemotherapie onder patiënten met HER2-negatief, lokaal-gevorderd niet-resectabel of metastatisch adenocarcinoom van maag of slokdarm-maagovergang met claudine 18.2-positieve tumoren.

1.Shitara K, Shah MA, Lordick F et al. Zolbetuximab in gastric or gastroesophageal junction adenocarcinoma. N Engl J Med 2024; epub ahead of print

Summary: Pooled analysis of two multinational phase 3 trials found that zolbetuximab plus chemotherapy resulted in longer progression-free survival and overall survival than placebo plus chemotherapy among patients with HER2-negative, locally advanced unresectable of metastatich gastric or or gastroesophageal junction adenocarcinoma whose tumors were positive for claudin 18.2.



  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multicenter fase 3-studie van cabozantinib versus placebo voor eerder-behandelde gevorderde neuro-endocriene tumoren (0)
2024-09-18 13:30   ( Nieuws )
Tags:  CABINET trial neuroendocrine tumors cabozantinb
Dr. Jennifer ChanEr zijn weinig behandelingsopties voor patiënten met gevorderde neuro-endocriene tumoren (NETs). De multicenter fase 3-studie CABINET in de Verenigde Staten heeft cabozanitib geëvalueerd voor eerder-behandelde progressieve extrapancreatische of pancreatische NETs. Dr. Jennifer Chan (Dana-Farber Cancer Institute, Boston MA) en collega’s publiceren de studie in The New England Journal of Medicine.1

CABINET includeerde patiënten in twee onafhankelijke cohorten – een cohort met gevorderde extrapancreatische en een cohort met gevorderde pancreatische NETs. De patiënten hadden eerder hetzij peptidereceptor radionuclidetherapie of gerichte therapie of beide gekregen. De patiënten werden 2:1 gerandomiseerd naar cabozantinib 60 mg eenmaal daags of placebo. Het primaire eindpunt was centraal onafhankelijk beoordeelde progressievrije overleving.


Deze figuur toont de resultaten in het cohort van 203 patiënten met extrapancreatisch NETs, en deze figuur toont de resultaten in het cohort van 95 patiënten met pancreatische NETs. In het cohort van patiënten met extrapancreatische NETs was de mediane PFS 8,4 maanden met cabozantinib versus 3,9 maanden met placebo (sHR 0.38; p<0.001). In het cohort van patiënten met pancreatische NETs was de mediane PFS 13,8 maanden met cabozantinib versus 4,4 maanden met placebo (sHR 0,23; p<0,001). De incidentie van bevestigde objectieve responsen met cabozantinib was 5% in het cohort met extrapancreatische NETs en 19% in het cohort met pancreatische NETs, vergeleken met 0% en 0% met placebo. Graad 3 of hoger adverse events werden gerapporteerd voor 62% tot 65% van de patiënten die cabozantinib kregen en 23% tot 27% van de patiënten die placebo kregen. Mogelijk vanwege de optie van crossover na progressie waren er geen significante overall survival verschillen tussen de cabozantinibgroepen en de placebogroepen in beide cohorten.

De onderzoekers concluderen dat cabozantinib, vergeleken met placebo, geassocieerd was met significante verbetering van de progressievrije overleving onder patiënten met eerder-behandelde progressieve gevorderde extrapancreatische of pancreatische NETs.

1.Chan JA, Geyer S, Zemla T et al. Phase 3 trial of cabozantinib to treat advanced neuroendocrine tumors. N Engl J Med 224; epub ahead of print

Summary: The multicenter phase 3 CABINET trial in the United States found that cabozantinib, as compared with placebo, significantly improved progression-free surival in patients with previously treated, progressive advanced extrapancreatic or pancreatic neuroendocrine tumors. 


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)

Multinationale fase 3-studie van darolutamide plus androgeendeprivatietherapie voor metastatisch hormoongevoelig prostaatcarcinoom (0)
2024-09-18 12:00   ( Nieuws )
Tags:  ARANOTE trial mHSPC darolutamide plus ADT
Prof. Fred SaadOnder patiënten met metastatisch hormoongevoelig prostaatcarcinoom (mHSPC) is uitstel van progressie tot castratieresistente ziekte van belang voor zowel het bereiken van een langere overall survival (OS) als ook voor een betere kwaliteit van leven. De multinationale fase 3-studie ARANOTE evalueerde het chemotherapievrije regime darolutamide plus androgeendeprivatietherapie (ADT) voor mHSPC. Prof. Fred Saad (Universiteit van Montreal, Canada) en collega’s publiceren de studie in het Journal of Clinical Oncology.1

De studie includeerde 699 patiënten, die 2:1 werden gerandomiseerd naar darolumide 600 mg tweemaal daags (n=446) of placebo, in beide groepen concomitant met ADT. Het primaire eindpunt was radiologische progressievrije overleving (rPFS). Op het moment van data curtoff voor de nu gepubliceerde analyse was de rPFS 46% beter in de darolutamidegroep dan in de placebogroep (HR 0,54; p<0,0001), met consistent profijt in subgroepen. De overall survival resultaten suggereerden ook profijt met darolutamide versus placebo (HR 0,81; 95%-bti 0,59-1,12), en klinisch profijt werd gezien met darolutamide versus placebo voor alle andere secundaire eindpunten, waaronder langere tijd tot castratieresistent prostaatcarcinoom (HR 0,40; 95%-bti 0,32-0,51) en tijd tot pijnprogressie (0,72; 0,54-0,96). Adverse events waren similar in de twee groepen, met niet-significant lagere incidentie van vermoeidheid met darolutamide versus placebo (5,6% versus 8,1%) en lager percentage patiënten met discontinuering wegens adverse events (6,1% versus 9,0%).

De onderzoekers concluderen dat deze resultaten werkzaamheid en tolerabiliteit laten zien van darolutamide plus ADT voor patiënten met mHSPC.

1.Saad F, Vjaters E, Shore N et al. Darolutamide in combination with androgen-deprivation therapy in patients with metastatic hormone-sensitive prostate cancer from the phase III ARANOTE trial. J Clin Oncol 2024-01798

Summary: The multinational phase 3 ARANOTE trial found efficacy and tolerability of darolutamde plus ADT in patients with metastatic hormone-sensitive prostate cancer.


  Reageren op dit artikel is mogelijk na registratie.  (Login)